Bezinning Advent 2021

By beschouwingen

BEZINNING ADVENT DOOR DE WEEK

 

 

 

 

 

1e Adventsweek, DINSDAG 30 november
Gedachtenis van de H. Andreas, apostel

Andreas was de broer van Petrus. Ze waren bezig met hun visnetten uit te werpen in het meer van Galilea toen Jezus voorbij kwam en hen uitnodigde Hem te volgen. Dat deden ze. In zijn gezelschap leerden ze een nieuwe kijk op het leven. Maar ze hoefden daarvoor hun beroep niet op te geven.

Een goede raad voordat u aan het lezen van bijgaande tekst begint:

          *kies een moment uit waarin u niet wordt afgeleid.
          *probeer uzelf zo goed mogelijk te ontspannen, bezigheden en gedachten los te laten.
          *lees aandachtig de tekst uit de brief van Paulus aan de Romeinen.
          *wat komt naar aanleiding van de tekst bij u op?
          *lees de tekst nog een keer voor eventueel verdere reacties.
          *lees eventueel de vragen bij de tekst als deze u helpen bij uw bezinning
          *blijf enkele minuut stil.
          *breng voor uzelf onder woorden wat in u is omgegaan. Blijf nog even stil.

En neem uw bezigheden weer op.

Op deze dag wordt ons een tekst uit de brief van Paulus aan de Romeinen aangereikt (hst. 10, 9-18). Het gaat over het geloof in Jezus, de verrezen Heer. Iedereen wordt uitgenodigd in Hem te geloven. Er is daarin geen onderscheid tussen mensen hoe geaard of levensbeschouwelijk ook.
En dan het citaat:
‘Ieder die de Heer aanroept zal worden gered’.
‘Maar hoe kunnen ze hem aanroepen als ze niet in Hem geloven?
En hoe kunnen ze in Hem geloven als ze niet over Hem hebben gehoord?
En hoe kunnen ze over Hem horen zonder dat iemand Hem verkondigt?
En hoe kan iemand verkondigen als hij/zij niet is uitgezonden?

Tijdens onze Adventsbezinning kunnen we onszelf de vraag stellen:
*Hoe staat het ons eigen contact met de Goede Tijding (Evangelie) van Jezus.
*Hoe komt het tot stand?
**’horen’ we van Hem.
**nemen we zelf de Bijbel ter hand en ‘lezen’ we over Hem?
**welke betekenis hebben de Jezusverhalen voor mijzelf, voor mijn eigen manier van leven?
Ondersteunen ze mij, bemoedigen ze mij, troosten ze mij, dagen ze mij uit?

Breng voor uzelf onder woorden wat er in u is omgegaan tijdens de bezinning. Het kan de waarde hebben van een gebed.

Neem uw bezigheden weer op.
Pastoor A. Reijnen.

 

28-11-2021: 1e Zondag van de Advent C jaar 2021

By Preken

Lezingen: Jeremia 33, 14-16; 1 Tessalonicenzen 3, 12-4,2; Lucas 21, 25-28.34-36.

We leven momenteel in moeilijke tijden. Het is pas een paar jaar geleden, dat we aan onze kant van de wereld vol optimisme dachten het leven zelf in handen te hebben: onze welvaart door economisch groei;  ons welzijn in vrijheid te genieten via de talrijke mogelijkheden die zich voordeden. We konden rekenen op zorg als ziekte ons overkwam. Er waren nog wel armen onder ons, maar ook voor hen waren er al voorzieningen zoals uitkeringen. Pijn werd zoveel mogelijk vermeden of uitgebannen.  Wanneer we ons leven voltooid achtten konden we ook zelf bepalen. En we lijken nog veel zelf te kunnen. De Amerikaanse ruimtevaart stuurt een raket de ruimte in die het volgend jaar door ertegenaan te botsen een klein beetje van koers moet doen veranderen. Maar we hebben niet de indruk dat we daar her en nu veel mee opschieten. Onze goede voorzieningen staan onder druk.

Gisteren werden nieuwe maatregelen van kracht die de toename met het aantal besmettingen door het coronavirus moet afremmen. Minister de Jong wees erop, dat de maatregelen iedereen pijn zullen doen. We zijn minder zeker geworden. We blijken niet ‘de machtige mens’ te zijn, die we dachten te zijn. We zijn kwetsbaar, onderworpen aan een pandemie, die ons in de greep houdt, terwijl we dachten met maatregelen en vaccinatie er spoedig een einde aan te kunnen maken. Het moeten aanvaarden van de toestand waarin we verkeren kost ons moeite, bedreigt ook het bestaan van exploitanten in verschillende sectoren, die zich vaak jarenlang moeite hebben gegeven hun zaak uit te bouwen.

De lezing van vandaag uit het Evangelie van Lucas waarschuwt al voor schrikwekkende gebeurtenissen. Lucas heeft er opgetekend in de omstandigheden van toen, Judea in opstand tegen de bezettende Romeinse macht, geweld, verzet gebroken, Jeruzalem en de tempel ingenomen en verwoest met alle ellende van dien. De zon, de maan en de sterren leken anders te schijnen dan toen alles nog goed ging.

Dachten de eerste christenen na Jezus’ heengaan aanvankelijk nog dat Hij spoedig terug zou komen om zijn Rijk van gerechtigheid en vrede voorgoed te vestigen, Lucas mikt op de lange duur. Gezien zijn ervaring op het moment dat hij zijn Evangelie schrijft, ongeveer het jaar 80 na Christus, kan het nog wel eens een tijd duren voordat de Heer definitief komt. Jezus spoort zijn ons, zijn mensen, aan om in de tussentijd waakzaam te blijven, ervoor te zorgen, dat onze ‘geest niet afgestompt raakt’. De moed niet op te geven, te blijven hopen en verwachten, zoals Hij he noemt ‘de blik omhoog te richten’. Het zijn aansporingen die we kunnen gebruiken nu we in de lange duur van de coronapandemie onze kwetsbaarheid en wellicht ook een zekere machteloosheid en moedeloosheid ervaren.

We moeten dus er rekening mee houden, dat de definitieve komst van de Heer nog aanhoudt. Het woord ‘Advent’ (Komst) heeft dan ook nog een andere laag, die van de 1e lezing uit de profeet Jeremia. God doet daarin een belofte aan zijn volk. Hij zal  een afstammeling uit het huis van David schenken, die rechtvaardig en eerlijk bestuurt. De herinnering aan die belofte wordt ons vandaag aangereikt nu wij over enkele weken de komst van Jezus Christus onder ons gedenken met Kerstmis. In Hem wordt Gods belofte werkelijkheid. Hoe meer wij Hem laten komen door ons goede en liefdevolle doen en laten, des te meer komt het Koninkrijk van God nu al in onze wereld. We hoeven niet te wachten op de definitieve komst ervan, maar kunnen door attent te leven onze wereld er nu al op voorbereiden. Amen.

AR

Vooruitlopend op de “PAROCHIEBLADEN CLUSTER MORGENSTER DECEMBER 2021”

By beschouwingen

ADVENT en KERSTMIS in coronatijd.
Wordt het een sobere decembermaand dit jaar? De maatregelen om de 4e coronagolf binnen de perken te houden lijken dat met zich mee te brengen. Het was al merkbaar bij de Sinterklaasintocht, die was sober. Ook (een aantal) kerstmarkten en -evenementen gaan niet door of in slechts in afgeslankte vorm. Koren schorten hun repetities (weer) op en zijn met anderhalve meter afstand niet in staat tot uitvoeringen. In de dag- en streekbladen wordt dagelijks melding gemaakt van afgelastingen. Het is voor velen een tegenvaller. We zijn er immers aan gewend geraakt, dat er op veel plaatsen in de donkere dagen ‘van alles te doen’ is. Nu dat niet het geval is en we daar weinig aan kunnen veranderen komt de vraag naar boven: kan dat ook positief uitpakken? ‘Er is meer rust in de tent, dat heeft ook zijn waarde’, hoor ik dezer dagen iemand zeggen. Daarmee zegt hij indirect ook, dat het leven van alle dag de nodige inspanning vergt en aandacht vraagt. Tot rust komen is er dan vaak niet bij. En rust en stilte zijn belangrijk om bij jezelf terecht te komen en bij wat in je leeft. Het gaat om je eigen ‘menswording’ in plaats van door van alles en nog wat geleefd te worden. ( Terzijde: zou gebrek aan rust en stilt niet de oorzaak kunnen zijn van de mentale problemen van veel jongeren? Komen ze nog wel aan zichzelf toe bij alle prikkels die op hen afkomen en waarop  ze menen in te ‘moeten’ gaan??

Het woord ‘menswording’ doet denken aan Kerstmis, de geboorte van het Jezuskind; voor de christen ‘Gods menswording onder ons’; teken van Gods liefdevolle betrokkenheid op ons en onze gang door het leven. In het geboorteverhaal van Lucas, in het driekoningenverhaal van Matteüs, in de inleiding op het evangelie bij Johannes wordt de betekenis van dit Mensenkind op verschillende manieren aangegeven. Hij is en wordt ervaren als ‘Woord van God’ tot ons; als ‘weg, waarheid en leven’, als ‘licht in de duisternis’, een duisternis, die het licht niet aannam. De Advent (komst) is de voorbereiding op het komen van het Kerstkind. Die ‘komst’ kan ook in ons een plaats krijgen als we zijn manier van leven proberen na te volgen. De geboorte van het Kerstkind houdt een uitnodiging en eigenlijk ook een oproep in om een goed mens te zijn, een mens van liefde, een mens van mededogen en barmhartigheid, een mens van gerechtigheid en vrede. Snakt de wereld niet naar dit soort mensen? Proberen wij van die mensen zijn. Mede namens pastor Franssen, ons clusterbestuur en kerkbesturen van harte gezegende kerstdagen ook al zijn die wellicht –gezien de te verwachten maatregelen-  gedwongen soberder dan normaal.    A. Reijnen, pastoor

TIJDENS DE ADVENT……. kunt u op websites van onze parochies op de dinsdag en de vrijdag teksten vinden ter bezinning als voorbereiding op Kerstmis.

KERSTVIERING THUIS
Onze Gezinsmiswerkgroep werkt aan een Kerstviering Thuis voor degenen die mede uit vrees voor besmetting niet willen/kunnen deelnemen aan een kerkelijke viering. De ‘thuisviering’ zal verspreid worden via website, kerken en basisschool. De gezinnen van Nijswiller en Wahlwiller, die geen eigen basisschool meer hebben worden verwezen naar de website.  A. Reijnen, pastoor

OUDJAAR EN NIEUWJAAR.
Ook 2021 is -op een paar weken na- voorbij, zoals alle tijd voorbijgaat, zoals ook wij voorbij gaan. Terugkijkend op 2021 moet je constateren dat er weer veel gebeurd is in de wereld, in onze samenleving, in de omgeving waarin we leven; kranten, tijdschriften, TV geven een terugblik; maar ook de meesten van ons kijken terug, zeker als we ervaringen hebben opgedaan die ons diep raken. In het algemeen kunnen we vaststellen, dat het coronavirus dit jaar weer zijn stempel op ieder heeft gedrukt. Het virus heeft niet alleen voor velen fysieke gevolgen gehad, maar ook mentale. Er is ook heel wat verschil van mening aan het licht gekomen omtrent thema’s als vrijheid en verantwoordelijkheid, gekoppeld al of niet aan vaccinatie en het wel of geen gevolg geven aan door overheid getroffen maatregelen. Er is een groot verschil aan het licht getreden t.a.v. waarden en normen en/of de interpretatie daarvan.  De protesten in de samenleving duidden op frustratie, teleurstelling en gevoelens van achterstelling. De coronamaatregelen boden de gelegenheid die te uiten. Dat gebeurde niet altijd op een vreedzame manier. Er was overigens ook veel goeds te melden. Denken we aan de inzet van ziekenhuis- en zorgpersoneel, aan de vele spontane hulp bij de overstromingen deze zomer in onze regio. Denken we aan het meeleven met elkaar in verdrietige omstandigheden van het leven als ziekte en overlijden, en bij pech in het ondernemen ten gevolge van coronamaatregelen. De betrokkenheid op elkaar kreeg gelukkig weer een impuls. Er leeft nog veel goeds onder ons. Het valt te hopen dat we volhouden er te zijn voor elkaar. En dat geldt dan het nieuwe jaar 2022. We hopen op een stabiele regering, waarvan het beleid gericht is op het welzijn van allen in onze samenleven. We worden weliswaar hoe langer hoe meer gewaar, dat  we deel uitmaken van een grotere wereld dan de onze. We zullen allemaal onze bijdrage moeten leveren aan, bijvoorbeeld, de beheersing van de opwarming van de aarde, de bestrijding van armoede en geweld, het vluchtelingenprobleem, de wereldwijde beheersing van het coronavirus. Onze individuele vrijheden nemen een belangrijke plaats in ons waardenpatroon maar vragen om in balans te blijven met onze verantwoordelijkheid voor elkaar. Het nieuwe jaar houdt beloften in, maar zal ons ook voor opgaven stellen. Christenen staan vertrouwvol in het leven. Bij alles wat ons overkomt en bij alles wat we ondernemen geloven we immers in Gods hand te zijn. De geboorte van het Christuskind is een teken van Gods betrokkenheid op ons, zijn mensen. Uit zijn levensloop kunnen we leren dat al hetgeen we uit liefde doen eeuwigheidswaarde heeft. Mede namens pastor Franssen en onze kerkbesturen wens ik u van harte een voorspoedig 2022. A. Reijnen, pastoor

AFGEDWONGEN STILTE, aantasting van welzijn voor de een, weldaad voor de ander?
De overheidsmaatregelen ter bestrijding van de 4e coronagolf hebben ervoor gezorgd, dat het maatschappelijk en cultureel leven grotendeels plat ligt. De een vindt het wel goed vanwege minder verplichtingen en stress en vanwege meer rust en meer stilte. Voor de ander die het uitgaansleven nodig heeft voor zijn/haar welzijn is de afgedwongen stilte een kleine ramp.

Niet iedereen blijkt geroepen het leven in stilte te leven als een monnik. Leo Disch, benedictijn van de abdij van Mamelis, zegt in een interview in de zaterdagse katern van De Limburger op 13 november dat je tot zijn soort gereguleerd-leven-in stilte  geroepen moet zijn, ‘anders word je knetter gek’. Maar kluizenaar en Cisterciënzer monnik Guerric Aerden meent dat ‘de hang naar het alleen zijn in ieder mens zit, het zich terugtrekken uit de samenleving ‘om in de stilte tot zichzelf te kunnen komen’ (Nummer 16 van ‘KLOOSTER’ Magazine,  herfst 2021, uitgave Adveniat, p.13). Dat zou betekenen, dat ook de ‘’ evenementenmens’ zijn momenten van alleen zijn en stilte kent. Wellicht overkomen die hem/haar. Maar ze moeten waarschijnlijk voor dat type mens niet te lang duren en niet afgedwongen worden anders wordt hij/zij ‘knettergek’. En toch zou een ‘afgedwongen stilte’ wel eens het gevolg kunnen zijn van toename van de  besmettingen met het coronavirus. Wordt dat een kleine ‘ramp’ of kan er ook iets goeds het gevolg van zijn. Misschien dat ook de ‘actieve mens’ zichzelf bewust kan worden van ‘de stilte die hem/haar bij tijd en wijle willens-nillens overkomt. De Franse filosoof Gabriël Marcel (1889-1973) was van mening, ‘dat de mens pas in de stilte zichzelf toebehoort. En de Braziliaan F. Araujo schrijft: ‘een mens, die in staat is tot stilte is in staat het leven te leven’. De moeite van het overwegen waard tijdens door de coronamaatregelen ‘afgedwongen stilte’. A. Reijnen, pastoor

Sta op voor de vrijheid om te geloven!

By Nieuws

In één op de drie landen wereldwijd worden mensen – vaak minderheden – geconfronteerd met zeer ernstige schendingen van de godsdienstvrijheid. De angst om hun geloof te belijden, laat staan ervan te getuigen, treft mensen op alle continenten.

Voor hen – en in het bijzonder Christenen, die relatief vaak doelwit zijn – kleurden woensdag 24 november  ruim 90 kerken in Nederland en duizenden kerken en andere gebouwen wereldwijd rood.

Op RedWednesday®, dit jaar op woensdag 24 november, hebben wij aandacht gevraagd voor de vrijheid van alle mensen – in het bijzonder de zwaar vervolgde groep Christenen – om te geloven wat zij willen. Door rode kleding of een solidariteitsbutton te dragen, kerkgebouwen rood aan te lichten en op andere manieren tonen we ons bovendien solidair met mensen die om hun geloof worden vervolgd.

Ook onze St. Agathakerk (zie afbeelding) was een van de 90 kerken in Nederland die rood kleurden.

Zondag 21-11-2021: Boodschap bij het einde van het kerkelijk jaar op het hoogfeest van Christus Koning.

By Preken

Ter voorlezing/publicatie op het hoogfeest van Christus Koning 20/21 november 2021

Broeders en zusters in Christus,

Steeds meer raken we in ons Limburgse land gewend aan priesters van buitenlandse komaf. Soms hebben ze ook namen waaraan we even moeten wennen. Zo is er op dit moment in Roermond een diaken-assistent uit Sri Lanka op weg naar het priesterschap en zijn naam is Christyraj [spreek uit Kristi-Ratsj]: een naam met een betekenis. Letterlijk vertaald betekent zijn naam: Christus Koning.

Christus Koning is het feest dat we vandaag vieren. Wie denkt dat deze feestdag betekent dat het voor mensen die in Christus geloven altijd rozengeur en maneschijn is en dat het opsteken van een noveenkaars alle kleine problemen van een gelovig mens wegneemt en grote moeilijkheden voorkomt, omdat het Christus Koning gunstig stemt, kan voor grote teleurstellingen komen te staan.

Kapelaan Christyraj heeft in 2004 in Sri Lanka de grote tsunami meegemaakt. In ons westers denken zouden wij al gauw redeneren: “Zie je nou wel dat God niet bestaat, anders zou Hij zoiets niet laten gebeuren.” Maar kapelaan Christyraj gaat daar heel anders mee om. Hij wist waarover hij het had, toen hij enkele weken geleden in een woordje tijdens de doordeweekse mis bijna onopvallend zei dat het koningschap van Christus ons leven ten goede kan veranderen, maar ons ook zwaar kan vallen.

Veel mensen in onze omgeving die iets ingrijpends ervaren, zijn geneigd om het geloof in Christus terzijde te schuiven. Kruisbeelden verhuizen van de huiskamer naar de kringloop en ze geven hun kind zeker geen naam als Christyraj. Geen Christus Koning meer, maar van nu af zelf koning. Dat is sowieso de manier waarop velen in onze tijd naar hun eigen leven kijken: “Ik beslis zelf over alles, tot en met het einde van mijn leven toe.” U kent vast voorbeelden uit uw eigen omgeving, misschien wel in uw eigen familie.

Toch zegt Jezus in het evangelie van vandaag tegen Pilatus: “Ja, koning ben Ik. Mijn koningschap is evenwel niet van hier.” En Hij voegt eraan toe: “Hiertoe werd Ik geboren en hiertoe ben Ik in de wereld gekomen om getuigenis af te leggen van de waarheid. Alwie uit de waarheid is luistert naar mijn stem.”

Jezus spreekt in het evangelie vaak over de komst van het rijk van God.
Waarom is het belangrijk om vandaag een scène uit het passieverhaal van Jezus te lezen? Helpt het ons om te begrijpen wat het koningschap van Jezus, van het rijk van God, werkelijk inhoudt? Pilatus herkent het koningschap van Jezus niet. En vaak genoeg hebben ook Jezus’ leerlingen zichzelf de belangrijkste plaatsen naast Hem, in een louter aards soort koninkrijk, toegeëigend.

Toen Jezus door de Farizeeën de vraag werd gesteld wanneer het rijk Gods zou komen, gaf Hij hun als antwoord: “De komst van het rijk Gods kun je niet waarnemen. Je kunt niet zeggen: Kijk, hier is het of daar is het. Want het rijk Gods is midden onder u.”

Hoe herkennen we dan dat Christus koning is in ons eigen leven? Jezus geeft zelf aan dat zijn koningschap niet aards is. Het ‘koninkrijk van God’ is van elders; het vestigt zich in mijn eigen leven. Het is ‘innerlijk’ aanwezig. Het Koninkrijk Gods is binnen handbereik. Alleen God kan mij inspireren om er een stap dichter bij te komen, er binnen te gaan en het zo tot een realiteit in mijn leven te maken. Zo zal het Rijk Gods meer en meer werkelijkheid kunnen worden. Hoe onze persoonlijke situatie ook is.

Het koninkrijk van Christus is niet van deze wereld, maar wel ervaarbaar in deze wereld. Elke keer als iemand uit liefde handelt, is daar Gods rijk. Waar waarheid, schoonheid, eenheid en gerechtigheid worden gezaaid – hoe klein ook – daar groeit Christus’ rijk. Waar we vriendelijkheid, zachtmoedigheid, mededogen, edelmoedigheid geven of ontvangen, ervaren we Christus’ koninkrijk.

Zijn koninkrijk is niet van deze wereld. Dat antwoord krijgt Pilatus van Jezus en dat antwoord krijgen wij als zijn leerlingen ook. Jezus’ koninkrijk komt als een innerlijk rijk dat zich wil vestigen in ons leven. Jezus antwoordt dat het al aanwezig is, maar niet van deze wereld is, en vaak nog onzichtbaar: “Het koninkrijk van God is onder u”. Of met andere woorden: “Het is in u.”

Het is aan ons om Zijn koninkrijk in ons toe te laten en het te laten groeien; om Hem in ons leven Christyraj – Christus Koning – te laten zijn, omdat deze koning op een andere manier naar ons omziet dan vele aardse koningen.

In deze geest mogen wij de Advent gaan beleven als tijd van verwachting van Christus, de koning die komt.

 

Roermond, laatste zondag van het kerkelijke jaar 2021

+ Harrie Smeets, bisschop van Roermond

BRIEF AAN ROUWENDEN VAN CLUSTER ‘MORGENSTER’ 2O21.

By beschouwingen

Beste parochianen van het cluster “Morgenster”.
Normaal houden we 2 x per jaar een bijeenkomst, in november en mei, voor mensen die sinds Allerheiligen/Allerzielen van twee jaar geleden een dierbare verloren hebben.  Gezien de verscherpte coronamaatregelen is dat dit jaar niet goed mogelijk, daarom de bijgevoegde brief als poging tot ondersteuning.

Download hier de BRIEF AAN ROUWENDEN VAN CLUSTER MORGENSTER 2021

 

Zondag 14-11-2021: 33ste zondag door het jaar B 2021.

By Preken

Lezingen: Daniël 12, 1-3; Hebreeën 10, 11-14.18; Marcus 13, 24-32.

Als vanzelfsprekend bewonen we onze wereld. Wij, met name het tot welvaart gekomen deel ervan, zijn naar eigen goeddunken met onze wereld omgegaan. We zijn er welvarend door geworden. Toch ontdekken we ook hoe langer hoe meer, dat er grenzen zijn aan onze manier van omgaan met de aarde. Het lijkt erop, dat de aarde ons laat merken, dat we haar in de steek gelaten hebben. We leren zien dat we onderdeel uitmaken van de aarde die ons in beheer, niet ter uitbuiting, is gegeven, maar waarmee eerbiedig rekening moeten houden. De aarde is onze leefomgeving. Als wij onze aarde verwaarlozen is er bedreiging van ons bestaan. Denk aan de opwarming met alle gevolgen van dien, veroorzaakt  door ons gedrag (klimaattop in Glasgow). Denken we aan de coronapandemie waar we telkens in golven de dreiging van ondervinden. We willen graag vanzelfsprekend comfortabel leven zonder veel problemen, maar staan voor de opgave onze manier van leven in overeenstemming te brengen de verantwoording die we hebben t.a.v. onze aarde en t.a.v. elkaar. Zijn we zelf daartoe in staat? Kunnen we zelf een iedereen en alles omvattende wereld van respect, gerechtigheid, goedheid en liefde tot stand te brengen? Wat dat betreft worden we hoe langer hoe meer gewaar dat we leven in een gebroken wereld, met mensen in hun tegenstrijdige opvattingen en belangen, die permanent met elkaar in confrontatie en gevecht leven. Onze H. Schrift, onze bijbel,  vertelt ons van visioenen  van mensen, die ons voorhouden dat we uiteindelijk  aangewezen zijn op Gods reddend kracht. Door daarin te geloven en ons daarnaar te gedragen zorgen we ervoor, dat Gods kracht laten werken in onze wereld.
Ieder jaar In de herfst, als de zon ’s morgens laat opkomt en de avond vroeg valt worden we in de eredienst geconfronteerd met visioenen van de eindtijd van de wereld. Die verhalen vallen momenteel samen met de 4e coronagolf, die ons in doorsnee welvarende leven opnieuw  aantast mede door het toedoen van mensen zelf. Dat valt zwaar, vooral degenen, die hun nering, hun bron van verdiensten, hun financiële bestaansgrond en daarmee ook hun mentale gezondheid bedreigd zien. Klaarblijkelijk moet iedere generatie door levensbedreigende situaties als oorlog, geweld, armoede, vluchtelingen heen. Er is altijd wat. Over de pandemie hebben we het gehad.  Men is die meer dan zat, maar we zijn er nog niet klaar mee. De vluchtelingensituatie aan de grens tussen Wit-Rusland,  Polen en de Baltische staten zorgen voor dreiging.

De verhalen vandaag uit de bijbel hebben hun eigen achtergrond van onderdrukking en vervolging. Men verlangde naar betere tijden en zag die in het doorbreken van Gods heerschappij; een heerschappij van begaan zijn, goedheid en liefde, van gerechtigheid waarin iedere mens tot zijn/haar recht komt. Zo heeft in het Evangelie niet het kwaad met al zijn verschrikkingen door de eeuwen heen het laatste woord, maar de Mensenzoon, vertegenwoordiger van Gods trouw aan ons, zijn mensen. Hij ‘verschijnt in macht en heerlijkheid’. Door de lezingen heen klinkt de geloofsovertuiging, dat de godsgetrouwen, die hebben volgehouden, uiteindelijk goed terecht komen. In de eerste lezing is er sprake van dat zij zullen ‘stralen’ en ‘schitteren’ en dat de uitverkorenen die naar Gods wil hebben geleefd zullen verzameld worden. Wat valt te doen voor ons aan wie deze verhalen worden doorgegeven? We worden aangespoord attent en behoedzaam te zijn. Het leven niet klakkeloos ons te laten overkomen, maar waakzaam te zijn; in wat in onze tijd gebeurt te onderscheiden wat goed en kwaad is en te kiezen voor goedheid, gerechtigheid voor iedereen, liefde; kortom te kiezen voor wat past bij het Rijk van God. Zodanig, dat als het definitief doorbreekt, wij er klaar voor zijn.
A.Reijnen

Zondag 7 november 2021 (B-jaar): Feest van de H. Willibrord.

By Preken

De H. Willibrord, in Engeland geboren, midden 7e eeuw, is al  op jonge leeftijd Benedictijner monnik geworden. Om die reden verhuisde hij naar Ierland. In 690 kwam hij met elf medebroeders naar ons land. Aan de monding van de Rijn in de buurt van Katwijk hebben ze voet aan wal gezet. Ruim 1300 jaar geleden heeft hij in deze streken het Evangelie verkondigd. Bijna 50 jaar was Willibrord in deze contreien werkzaam. Paus Sergius heeft hem in 695 aangesteld als eerste bisschop van Utrecht. In 739 is hij in Luxemburg in de abdij van Echternach gestorven en begraven. Zijn feestdag vormt aanleiding voor de vraag: hoe is het gesteld met het geloof dat Willibrord, Servaas e.a.  in onze streken hebben geplant? Er is hier in West Europa veel veranderd. Het lijkt erop dat het christelijk geloof, dat zo’n belangrijke rol heeft gespeeld in het leven van onze (voor)ouders, in de marge terecht is gekomen. We  leven in een wereld waar er zoveel kennis en mogelijkheden voorhanden zijn dat het soms lijkt alsof ons leven maakbaar is en we God niet meer nodig hebben. In gesprekken als voorbereiding op Doop, E.H.Communie, Vormsel en Huwelijk blijkt dat bij veel geloofsgenoten elementaire kennis over ons geloof ontbreekt en velen niet bidden. Voor een levend contact met mensen geldt: als je niet regelmatig tijd neemt om naar elkaar te luisteren en met elkaar te praten over wat je bezig houdt, dan vervreemd je van elkaar. Dan groei je uit elkaar en stelt de relatie op den duur niets meer voor. Zou dat ook niet gelden voor onze relatie met God? Missionarissen als Willibrord en zijn gezellen hebben hier een persoonlijke God verkondigd, een God die een relatie zoekt met mensen, niet een anonieme en onpersoonlijke macht. Als wij helemaal in beslag genomen worden door onze eigen besognes en geen tijd meer nemen voor stilte en bezinning, voor gebed en geestelijke lectuur, waar is dan de ruimte om God te horen, als Hij spreekt tot ons hart? Als wij alle touwtjes zelf in handen willen houden, hoe krijgt God dan de kans ons mee te nemen in zijn plannen? Velen zien geloven als een privé aangelegenheid waar je anderen niet mee moet lastig vallen. Wij zijn het erover eens dat je niemand iets moet opdringen, maar betekent dat ook dat we elkaar niet mogen vertellen wat ons geloof voor ons betekent? Wij praten met onze dierbaren over alles en nog wat, waarom zouden wij dan niet met elkaar mogen delen uit welke bronnen wij leven? Als we iets meemaken dat ons raakt, dan willen we dat graag met anderen delen, waarom zou dat dan niet mogen gelden voor ons geloof? U zegt misschien: ‘ Ik worstel vaak met mijn geloof en heb veel vragen en twijfels’.  Dat is zeer wel mogelijk, maar waarom willen wij die worsteling dan voor elkaar verbergen, alsof ze er niet mag zijn? Door ze te delen met mensen die je lief zijn, kom je met elkaar in gesprek en kunnen anderen vertellen hoe het hun vergaat als zoekende gelovigen. Als leerlingen van Jezus hebben we elkaar nodig om zijn boodschap te verstaan en om uit te wisselen wat ze betekent voor ons leven. Kinderen opvoeden tot gelovige mensen is een moeilijke opgave. Jonge mensen willen uitgedaagd worden. Ze hebben er behoefte aan dat hun ouders hen stimuleren, bevestigen en vertrouwen schenken en dat ze hen eisen en grenzen durven stellen. Ook al verschillen ze vaak met hun ouders van mening, ze willen wel degelijk weten waar hun ouders voor staan en wat hun geloof voor hen betekent. Daarom is het niet goed te zwijgen over dit thema, bang voor meningsverschillen, een wederwoord of kritiek. Het getuigt van respect en wederzijds vertrouwen, als we durven vertellen over wat ons inspireert en sterkt, en ook over wat moeilijk voor ons is. Openheid en eerlijkheid in de omgang met elkaar maken de liefde zichtbaar waartoe Jezus ons uitnodigt.  Als Jezus zijn leerlingen opdraagt alle volken tot zijn leerlingen te maken, dan vraagt Hij niet aan iedere deur aan te bellen met zijn Boodschap, maar wel dat we niet bang zijn uit te komen voor ons geloof als dat van ons wordt gevraagd.
Het  Bijbelfragment dat vandaag is gelezen vormt het slot van het Evangelie volgens Marcus. De Heer belooft zijn leerlingen te helpen bij hun verkondiging door de tekens die ermee gepaard gaan. Ze zullen demonen uitdrijven, onbekende talen spreken, slangen opnemen en vergif drinken zonder er aan dood te gaan’. Wat moeten we ons daarbij voorstellen?  Als de jonge Kerk vertelt over de hemelvaart van de Gekruisigde en Opgestane Jezus, creëert ze het beeld van een antiheld. Het is een protest tegen elke vorm van vergoddelijking van mensen, zoals dat gebeurde in het heidendom. In zijn  parabels maakt Jezus duidelijk dat onze  grootheid en waarde als mens erin bestaat dat God ons heeft geschapen. Wij hoeven de hemel niet te bestormen om  die waardigheid te verwerven. Wij verliezen juist alles wat wij zijn,  als we onszelf uit angst tot steeds grotere prestaties laten opdrijven. In Jezus leefde het weldadige vertrouwen dat wij hier op aarde thuis mogen zijn. Hij nodigt ons uit vrij gebruik te maken van de dingen van deze aarde, maar ons niet tot slaaf of gevangene ervan te laten maken. Er zijn verschillende tekens waaraan je kunt herkennen dat iemand tot geloof is gekomen. Hij zal in Jezus’ Naam verkeerde geesten ontmaskeren en uitdrijven. Door je geloof in Jezus ben je in staat tot een andere manier van spreken. Door je vertrouwen in Hem ben je in staat om te horen wat een ander werkelijk zegt en wil overbrengen, zodat je op een goede manier kunt reageren. Mensen die leven in Jezus’ Geest kunnen slangen oppakken. D.w.z.  er is veel dat we het liefst onder het woestijnzand laten rusten in de hoop dat het zich niet zal roeren. Wij zijn immers meesters in het verdringen van onaangename dingen, maar ooit moeten wij onze ‘slangen’ en hete hangijzers oppakken en aan het licht laten komen. Vertrouwend op Jezus durven wij dat aan. Dat geldt ook voor de belofte dat we als christenen a.h.w.  gif kunnen drinken zonder eraan dood te gaan. Uit pure angst hebben we vaak grote hoeveelheden ‘gif’ in onze ziel opgeslagen. Denk aan laster, aan oordelen die er over ons zijn uitgesproken, onterechte verwijten enz. De belofte van Jezus is dat een mens die oprecht gelooft niet dodelijk getroffen hoeft te worden door al die ‘giftigheden’. De belangrijkste ‘toe-gift’ die Jezus zijn volgelingen nalaat is het vermogen ‘zieken de handen op te leggen’, zodat ze genezen. Het is de mooiste gave van het geloof, als je door een houding van onvoorwaardelijk vertrouwen mensen een beschermplek van geborgenheid kunt bieden, het gevoel kunt geven dat zij in hun bestaan aanvaard zijn. Je handen over hen uitspreiden betekent hen zonder voorbehoud accepteren.
De boodschap die Jezus ons nalaat luidt: Er zou nooit anders over God moeten worden gesproken dan dat het mensen intenser, vrijer van angst en gelukkiger laat leven. Deze heilzame verbondenheid van God en mens is wat Jezus geleefd en geleerd heeft. Ons – zijn volgelingen – nodigt Hij uit daarop te vertrouwen. Laten wij bidden om dat vertrouwen.
AMEN.