Skip to main content
All Posts By

Piet van Loo

Vrede en gerechtigheid april 2026

By beschouwingen

VREDE EN GERECHTIGHEID
Houvast in veranderende tijden

Brief van de Rooms-Katholieke bisschoppen van Nederland

Dierbare broeders en zusters in Christus,

De politieke, sociale, economische en culturele wereldorde is aan het veranderen. Meerdere landen breiden hun invloed uit over hun grenzen heen. Daarbij laten hun regeringen zich steeds minder gelegen liggen aan internationale organisaties die de macht van individuele landen beperken. Door de nadruk op het eigenbelang neemt de internationale solidariteit af. De veranderingen van de wereldorde leiden tot on-rust, instabiliteit en conflicten. Ook in Nederland merken we de gevolgen daarvan, voor onze vrijheid, welvaart en veiligheid.

Te midden van alle veranderingen vinden we houvast, richting, hoop en troost in ons geloof dat oproept te bidden voor en te werken aan vrede en gerechtigheid, indachtig de eerste woorden van de Verrezen Heer: “Vrede zij u.”(Joh. 20)

Vrede en gerechtigheid zijn met elkaar verbonden. De profeet Jesaja (32,17) zegt dat vrede een vrucht is van gerechtigheid. In de brief van Jacobus (3,18) staat dat gerechtigheid een vrucht is van vrede. Waar ongerechtigheid is, kan geen vrede zijn en waar onvrede is, krijgt gerechtigheid geen kans. Vrede komt niet voort uit geweld en afschrikking, maar uit gerechtigheid. Vrede is niet alleen het afzien van geweld, maar het zoeken en behouden van verbinding. Vrede is niet de tegenstander ont-wapenen en verslaan, maar uiteindelijk weer in zijn waardigheid herstellen. Vrede betekent werken aan een gezamenlijke toekomst, waarin bronnen van conflict wor-den weggenomen en wegen gevonden worden om conflicten op te lossen. Vrede gaat om het zoeken van het gezamenlijk goede, het ‘bonum commune’, voor de strijdende partijen en daarmee ook voor de regio en uiteindelijk voor de hele wereld.

Er kunnen zich situaties voordoen waarin gebruik van geweld ter verdediging, al-leen in allerlaatste instantie, gelegitimeerd is zoals wanneer het eigen land wordt aangevallen of bij schendingen van mensenrechten. In alle gevallen dient het geweld proportioneel, doelmatig en beperkt te blijven. Coördinatie en legitimering door or-ganisaties zoals de Verenigde Naties of de Europese Unie is daarbij nodig.

De overheid dient de menselijke waardigheid te beschermen. Menselijke waardig-heid is het leidend beginsel voor het democratisch proces, waarin mensen hun me-ningen uitdrukken en gezagshebbers bij verkiezingen getoetst worden. Menselijke waardigheid komt naar voren in een rechtsstaat, waarin mensen objectief en onaf-hankelijk worden behandeld, en waarbij niet macht maar gezamenlijk opgestelde regelgeving het onderlinge samenleven bepaalt. Vanuit de overheid moet de maat-schappelijke pluriformiteit die elke samenleving kenmerkt worden beschermd, waardoor minderheden zichzelf kunnen zijn en in vrede met elkaar kunnen leven. Ook dient er vrije pers en nieuwsgaring te zijn, zodat mensen zich vrij kunnen uiten en informeren.

Paus Johannes XXIII schreef in zijn encycliek ‘Pacem in terris’ (1963) “dat er in plaats van het criterium voor vrede dat steunt op een evenwicht van bewapening, het principe komt dat er alleen maar in wederzijds vertrouwen aan een vrede ge-bouwd kan worden” (61). Door diplomatie en geweldloze acties kan de waardigheid van zowel de slachtoffers als van de daders overeind blijven en zo kansen bieden aan herstel van vrede en gerechtigheid.

Paus Leo XIV pleit bij conflicten voortdurend voor ontwapening, dialoog en bekering van harten. In zijn vredesgebed, vaak gericht aan Maria Koningin van de Vrede, roept hij op tot ‘ongewapende en ontwapenende vrede’: “Ons gebed voor vrede gaat onverminderd door, in het bijzonder door het gezamenlijk bidden van de heilige rozenkrans. En uit deze voorbede van het hart komen vele gebaren van evangeli-sche naastenliefde, concrete nabijheid en solidariteit voort” (Angelustoespraak 26 oktober 2025). De paus benadrukt in zijn boodschap voor Wereldvrededag 2026 dat het noodzakelijk is “ieder geestelijk, cultureel en politiek initiatief dat de hoop op vrede levend houdt, te motiveren en te ondersteunen”. In zijn gebed voor de maand maart 2026 gaat de paus daar op verder: “Ontwapen onze harten van haat, wrok en onverschilligheid, opdat wij instrumenten van verzoening mogen worden.”

Wij zijn geroepen bij te dragen aan het welzijn van anderen, en daarmee aan hun veiligheid. Er is een breed gedragen Europees perspectief op veiligheid nodig dat gebaseerd is op vrede waarin menselijke waardigheid, territoriale integriteit, natio-nale soevereiniteit en internationale solidariteit de leidende waarden zijn. Binnen de organisaties van het maatschappelijk middenveld, waartoe ook onze Kerk be-hoort, moeten we het gesprek voeren over hoe we als gehele samenleving weerbaar-der kunnen zijn.

Paus Leo XIV benadrukt steeds dat ware veiligheid niet voortkomt uit controle ge-voed door angst, maar uit vertrouwen, gerechtigheid en solidariteit tussen volkeren. In navolging van zijn voorganger paus Franciscus ziet de paus gelovigen van ver-schillende tradities en alle mensen van goede wil als broeders en zusters die zich gezamenlijk inzetten voor vrede en gerechtigheid. Daardoor ontstaat er een wereld-wijde, grensoverstijgende en mensenverbindende smeekbede voor vrede en gerech-tigheid.

In zijn gebed voor de maand maart van 2026 bidt de paus: “Moge elk vriendelijk woord, elk gebaar van verzoening en elke keuze voor dialoog zaadjes zijn voor een nieuwe wereld.”

Samen met u sluiten wij ons van harte aan bij het vredesgebed van de paus. Zijn oproep te bidden voor en te blijven werken aan vrede en gerechtigheid is een hou-vast in veranderende tijden. Nu wij onderweg zijn naar Pinksteren, moge de Heilige Geest ons die vrede schenken.

Baarn, tweede week van Pasen,15 april 2026

De Rooms-Katholieke bisschoppen van Nederland

rkkerk.nl

 

PREEK ZONDAG 1 MAART 2026 VEERTIGDAGENTIJD

By Preken

2e ZONDAG VEERTIGDAGENTIJD A 2026.

Lezingen: Genesis 12, 1-4a; 2 Timotheüs 1, 8b-10; Matteüs 17, 1-9.

We hebben allemaal beste mensen onze eigen geschiedenis, onze eigen komaf, eigen ontwikkeling. We hebben allemaal onze eigen verhalen en beschouwingen die we graag met onze vrienden en kennissen delen. Op de TV kunnen we zien hoe graag mensen aan het woord zijn gezien en gehoord willen worden Dat geeft betekenis geeft aan hun leven. Het vertellen van verhalen, het erop na houden van meningen en de vrijheid om ze te uiten maken deel uit van ons leven. Niet al onze verhalen blijven bewaard. Ze blijven een tijdje in de herinnering maar  verdwijnen in het verloop van de geschiedenis. De verhalen van degenen die doorgaan van belang te zijn geweest voor de gang van de geschiedenis zijn of worden opgenomen in kronieken en geschiedenisboeken.
Ook de H. Schrift waaraan wij ons leven oriënteren bevat verhalen die de eeuwen door verteld zijn gebleven over mensen van belang. Ze vertellen van de verhouding van God en mens en de ontwikkeling daarvan als belangrijk ook voor ons leven nu. Het verhaal van Abram –‘Vader God is verheven’ betekent die naam-, is zulk een verhaal. Hij is een nomade die met familie, knechten (in die tijd slaven) en vee leeft in de streek van de rivieren Eufraat en Tigris. Abram  is onrustig op zoek, niet tevreden met de (godsdienstige) wereld waarvan hij deel uitmaakt. Hij zegt tegen zichzelf en zijn familie: ‘Ik vertrek’. Zijn vee en familie gaan mee. Gaande zijn weg naar Kanaän krijgt hij een ander besef van God, geen concurrerende God. God is een god van belofte en verbond met zijn eigen schepselen die zich aan Hem toevertrouwen. Abram zal gaan beseffen dat deze God niet zijn zoon Izaäk al kind-offer vraagt, zoals zijn vroegere goden. De naam Abram verandert in Abraham, want samen met zijn vrije vrouw Sara hun zoon Izaäk en zijn slavin Hagar en haar kind Ismaël zal Abraham ‘vader van vele volkeren’ worden. Het vrije volk Israël is ertoe geroepen ‘alle geslachten op aarde tot zegen te zijn’ (1e lezing). Een roeping waar Israël doorheem zijn geschiedenis mee worstelt, ook op dit moment als je kijkt naar wat er in het Midden Oosten allemaal gebeurt.
De nakomelingen van Abraham,  hebben hun eigen geschiedenis. Grote figuren in de geschiedenis van Israël zijn Mozes die Israël weghaalt uit de slavernij in Egypte en Elia, een van de grote profeten, die het volk weghaalt uit de verleiding van de afgoden van die tijd. De kern van de 12 apostelen van Jezus, Petrus, Jacobus en Johannes, ervaren op een berg in een visioen wie Jezus is:  nakomeling van Abraham, horend bij Mozes en Elia, ‘geliefde Zoon van God’. Waarom op een berg? De hoogte van een berg, de indrukwekkends omgeving, is van oudsher een plek waar mensen veelal hun eigen kleinheid ervaren en de grootsheid van de schepping waar ze deel van uitmaken. De leerlingen ervaren aan Jezus, na zijn eerdere voorspelling van lijden en dood, dat zijn uiteindelijke bestemming Pasen is, de overwinning van kwaad en dood. Maar voorafgaand daaraan moeten ze de berg weer af en in de vlakte Hem vergezellen in wat Hem nog te wachten staat aan verraad, valse beschuldiging, marteling en kruisdood. Ze kunnen er maar beter nog niet over praten. Als het erop aankomt laten zijn leerlingen Hem in de steek, op één na, Johannes, die met de moeder van Jezus onder zijn kruis stond.
Wat kunnen wij met deze verhalen die ons worden voorgehouden in deze tijd van voorbereiding op Pasen? Zij mogen ons het besef bijbrengen dat we deel uitmaken van een geschiedenis waarin we net als Abraham bezig zijn met de vraag wat werkelijk belangrijk is in ons leven, wat ons werkelijk vrijmaakt. Het kan zijn dat we weg moeten trekken van wat ons gevangen houdt, van wat ballast is. Bovendien maken we deel uit van een geschiedenis waarin zich ervaringen voordoen die ons blij en gelukkig maken, maar ook ervaringen van betrekkelijkheid van leven; ervaringen van verlies die pijn doen en verdrietig maken, angstig en onzeker. Maar als gelovigen, die zich in de lijn van Jezus willen bewegen, mogen we ons aan een God toevertrouwen, die ook ons het perspectief van Pasen aanreikt in de levensverhalen van de Schrift, zoals die van vandaag. Zij dienen tot onze bemoediging, troost en ondersteuning. Amen

Emiritus pastoor Reijnen    

Mieke Reijnen.

By Overlijdensberichten

Maandag 8 december is in de leeftijd van 85 jaar overleden:

Mevr.  Mieke Reijnen.
Levenspartner van wijlen Geert v.d. Berg.
(Zus van onze emeritus pastoor Reijnen)

Het afscheid van Mieke vindt, in kleine kring, plaats tijdens
de viering van de H. Eucharistie op dinsdag 16 december
om 11.00 uur in de dag-kapel van de Kapel in ’t Zand in Roermond.
Aansluitend wordt zij begraven op de natuurbegraafplaats Bergerbos in Sint Odiliënberg.

Mocht u onze meneer pastoor Reijnen uw medeleven willen betuigen kunt u dat doen via het onderstaande Correspondentieadres:
A. Reijnen C.Ss.R. Wittemer Allee 34, 6286 AB Wittem t.reijnen@redemptoristen.nl