Preken

Zondag 4-12-2022: 2e zondag van de Advent A 2022.

By 4 december 2022No Comments

Lezingen: Jesaja 11, 1-10; Romeinen 15, 4-9; Matteüs 3, 1-12.

Vermoedelijk worden velen van ons niet vrolijk bij het dagelijkse nieuws van radio en TV. Er is zoveel mis, Zoveel mensen wordt tekort gedaan of te weinig geholpen. Er zijn zoveel problemen. Vaak gaat het over zaken die op het bordje van de overheid liggen of worden gelegd. We leven echt in een andere periode dan we een paar jaar geleden ons voorstelden. We hadden het goed, er was sinds 1945 vrede; jaarlijks werden/worden op het militaire kerkhof in Margraten de slachtoffers van toen herdacht in dankbaarheid voor onze vrede;   we konden genieten van onze vrijheid en onze toenemende welvaart. Maar nu??? Zo te bespeuren is er veel ontevredenheid, veel negatieve kritiek, veel gevoeligheid t.a.v. ons eigen heil, veel wantrouwen jegens de overheid met de vraag of die wel goed voor ons zorgt?

Ga je de geschiedenis na dan wisselen perioden dat het ons goed en minder goed gaat elkaar af. En altijd blijft de droom van een goede, veilige en rechtvaardige wereld; we blijven verlangen naar een perfecte bestuurder, die alles oplost en ten goede leidt.  Profeten gaan ons voor in droom en verlangen. De apostel Paulus schijft in zijn brief aan de Romeinen: ‘Alles wat vroeger is geschreven, is geschreven om ons te onderwijzen, opdat wij door te volharden en door troost te putten uit de Schrift, in hoop zouden leven’. Daar sluit  de 1e lezing van vandaag uit het profetische Boek Jesaja bij aan. De perfecte bestuurder is niet voor het oprapen, maar moet ons geschonken worden. Zo iemand moet vol zijn van de wijsheid van God, standvastig, een mens van gerechtigheid met aandacht voor de minder bedeelden. Zo iemand voert dan ook een rechtvaardig beleid zoals door God bedoeld, met als resultaat vrede. In die vrede hoeft niemand bang te zijn en komt men voor elkaar op. Er zijn van dat type leiders geweest zoals Dag Hammerskjöld,  vann1953-1961 secretaris-generaal van de VN (in de tijd van de Koude Oorlog). In zijn diplomatieke werk voor mensen speelde zijn verhouding  met God een grote rol. God betekent voor hem een ultieme uitdaging zijn werk voor mensen goed te doen. In onze tijd moeten we, los van God, alles in eigen hand houden en zelf, onafhankelijk  onze boontjes doppen.  Gelovigen zien in de Advent ernaar uit dat de tijd aanbreekt dat –om met Jesaja te spreken- ‘de wolf huist naast het lam. (Stel je voor Poetin hand in  hand met Zylinski), ‘Niemand doet meer kwaad; de gehele aarde  zal vervuld zijn met liefde tot God’. Het begin van de invulling van dat verlangen is gemaakt met de menswording van Jezus, de gezalfde van God, die wij vieren met Kerstmis. Hij is de grondslag van onze hoop.

Het Evangelie is een ander verhaal. Johannes de Doper preekt aan de Jordaan en roept mensen die naar hem luisteren op zich te bekeren en als teken daarvan zich te laten dopen. Maar als schijn-gelovigen als Farizeeën en Sadduceeën zich tot hem keren brandt hij los en noemt hen ‘adderengebroed’. Zelf God in heel zijn wezen toegewijd moet hij niets hebben van hun schijnheiligheid en gebrek aan geloof. Johannes is voorloper. Hij wijst op Jezus, die na hem komt en de mensen zal dopen met de H. Geest en met vuur’ van waarachtigheid.

Advent tijd om uit te zien naar Jezus’ komst met Kerstmis; naar zijn komst in ons leven waar wij ons best doen in zijn voetspoor te leven. Wij kunnen als gelovige mensen eraan meewerken dat het Rijk van God her en der doorbreekt in onze wereld. Blijven wij met hoop en vertrouwen eraan werken dat Jezus’ Goede Tijding in leven blijft in onze zoekende en onzekere wereld. Amen
Emeritus pastoor Reijnen.