Preken

Oudjaar 2022/ nieuwjaar 2023.

By 31 december 2022No Comments

Als we gaan wandelen in een streek waar we nog nooit geweest zijn, dan is dat altijd een beetje spannend. Het maakt ons onzeker of we wel de goede route lopen en of we voldoende richtingaanwijzers treffen en waar we uitkomen. Wie weet voor welke verrassingen we komen te staan. Zo voelt het ook vandaag, nu wij binnengaan in een nieuw jaar. Als je nare dingen hebt meegemaakt, krijg je wel eens de raad: ‘Tel je zegeningen!’. Nou hebben velen in het afgelopen jaar zaken ervaren die hen verdriet hebben gedaan of bang hebben gemaakt: een ziekte, het overlijden van een dierbare of een ander verlies. Voorts de vreselijke oorlog in Oekraïne met zoveel doden, gruwelijkheden, verwoestingen en ellende als gevolg. Dat leg je niet zomaar naast je neer. Anderzijds hebben we waarschijnlijk ook zaken ervaren die ons dankbaar stemmen. Kardinaal Danneels heeft eens gezegd: ‘ Als je gaat bidden, begin dan altijd met danken. Daarna heb je nog tijd genoeg om te vragen’. Met Kerstmis en de jaarwisseling hebben we misschien vooral behoefte wensen uit te spreken en te vragen, toch worden we ook uitgenodigd om terug te kijken en te danken. Want het spreekt niet vanzelf dat wij  leven en er mogen zijn. God danken voor de talenten, kansen en goede gaven die we onverdiend hebben ontvangen. Vandaag is dus  ook een dag om God te danken. Er worden in deze dagen heel wat goede wensen uitgewisseld. Ze wekken wel eens de indruk dat die automatisch in vervulling gaan door ze uit te spreken of te schrijven, maar weten we wel beter! De franse dichter Paul Claudel heeft eens geschreven: ‘God is als de zee. Hij overspoelt ons met zijn gaven zoals Hij doet met het strand. Dan trekt Hij zich terug, telkens opnieuw en steeds verder. Zo maakt Hij ruimte voor ons menselijk handelen. M.a.w. God neemt ons niet uit handen wat wij zelf kunnen doen. Vertrouwend op de talenten waarmee Hij ons overspoelt, trekt Hij zich telkens terug om volop ruimte maken voor onze inzet’. Tot zover dit citaat. God heeft het beheer van zijn schepping in onze handen gelegd. En Jezus – mens geworden Zoon van God –  heeft voorgeleefd hoe we dat kunnen doen. Hij heeft zijn vrienden gevraagd te getuigen van zijn Boodschap en te ijveren voor de groei van zijn Rijk. Hij belooft de H. Geest te schenken aan ieder die erom bidt. Zo mogen ook wij vragen om het licht en de wijsheid van de H. Geest, zodat we zien welke mogelijkheden ons worden geboden om onze bijdrage te leveren. De huidige Belgische Kardinaal Jozef de Kesel schrijft in zijn recente boek ‘Geloof en Godsdienst’: ‘De God die wij aanbidden is een God die niet zelfvoldaan genoeg heeft aan Zichzelf, maar die op zoek is naar ons mensen. De Bijbel laat zien dat Hij een relatie met ons wil. Hij wil gekend en geliefd worden net als wij. Hij hoopt dat er tussen Hem en ons een band groeit van respect, bewondering en vertrouwen. Dat is het mysterie van de menswording van God. Zijn liefde is zo groot dat Hij onze eindigheid en broosheid  heeft gedeeld en met ons wilde zijn  (Emmanuel).’ God wil een relatie die dieper gaat dan ons verlangen elkaar als familie en vrienden te ontmoeten. Hij wil betrokken zijn bij alles wat wij meemaken en ons bezig houdt. Hij wil ons leven delen als onze trouwste vriend. Hij hoopt dat wij Hem deelgenoot laten zijn van wat ons blij en dankbaar maakt, maar ook van onze angsten en twijfels, zorgen en verdriet. Als wij zo’n relatie op prijs stellen en willen onderhouden, kunnen we niet volstaan met een kaarsje of gebedje als we in de narigheid zitten. Dan vraagt dat om regelmatig contact zoals we dat doen met familie en vrienden. Hen betrekken wij bij ons dagelijks leven en daar maken we bewust tijd voor vrij. Zo’n relatie moet ook Maria gehad hebben met God. Ze schrikt hevig als de engel Gabriël haar verschijnt. Ze vraagt zich ook af wat zijn boodschap te betekenen heeft en hoe dat allemaal moet, maar als de engel haar vragen beantwoord heeft, geeft ze haar ‘Fiat’ en zegt: ‘Laat met mij gebeuren wat God van plan is. Zij durft vertrouwen op de Machtige die grote dingen doet. In het Evangelie van deze dag vertelt Lucas dat Jozef en Maria verbaasd zijn over het verhaal van de herders, maar Maria bewaart al deze woorden in haar hart en blijft erover nadenken. God zal zich heus niet verwonderen als wij vandaag aarzelend en met knikkende knieën over de drempel stappen van het nieuwe jaar, maar ook voor ons klinkt de boodschap van de engel: ‘Vandaag is jullie een Redder geboren. Hij is de Messias, de Gezalfde van God’.  In verband met de aarzelingen en onzekerheid waarmee wij aan dit nieuwe jaar beginnen moest ik denken aan een legende over een mens die stipt geleefd had volgens  de voorschriften van de Wet en de regels van het geloof.  Aangekomen bij Petrus verwachtte hij met open armen te worden ontvangen aan de hemelpoort. Tot zijn ontsteltenis nam Petrus hem eerst mee naar een zijkamer die volgestapeld stond met dozen en pakjes. Op zijn vraag wat dat te betekenen had, legde Petrus hem uit dat het ging om pakjes en geschenken die hij op aarde verzuimd had te openen en aan zich voorbij had laten gaan. Heel jammer, want nu ging dat niet meer! Wat het nieuwe jaar ons zal brengen weten we niet. Wel hebben we het sterke vermoeden dat het niet goed is, als we ‘pakketjes’ die ons misschien van Godswege worden aangeboden, ongeopend retour laten gaan, omdat we niet weten wat er in zit en de inhoud niet vertrouwen. Dat we geboden kansen voorbij laten gaan. Het kan nl. gaan om kostbare geschenken, want kwaadaardige zaken hoeven we van God niet te verwachten.  Laten wij daarom bidden om de moed en het Godsvertrouwen van Maria. God wil immers ook met ons een relatie van respect, verwondering en vertrouwen, een relatie die ons veilig zal voeren door het nieuwe jaar.

AMEN.