beschouwingen

BEZINNING OP DE VEERTIGDAGENTIJD

By 6 april 2020april 7th, 2020No Comments
BEZINNING OP DE VEERTIGDAGENTIJD 2020 14
Bezinning Goede Vrijdag 10 april 2020.
Het lijden en sterven van de Heer

Lezingen: Jesaja 52,13-53, 12; Psalm 31; Hebreeën 4, 14-16. 5, 7-9; Johannes 18. 1-19.42.

Schriftwoord uit Hebreeën 5, 8-9:
Om zijn vroomheid is hij verhoord:
Hoewel hij Gods Zoon was heeft hij in de school van het lijden gehoorzaamheid geleerd;
en toen hij het einde had bereikt is hij voor allen die hem gehoorzamen oorzaak geworden van eeuwig heil.

 

Vragen:         

  • Vandaag staan we voor het kruis. Waarom is het kruis tegelijk een symbool van zijn dood en verrijzenis?
  • Wij geloven dat God een einde maakt aan de opvatting dat het leven stopt bij lijden en dood. De dood heeft dus niet het laatste woord. Geloof betekent “het vertrouwen in de waarheid van iets (van Dale) dat wordt beweerd. Gelooft u dit nu ook, dat God sterker is dan de dood?
  • Jezus liet het kwaad e n het onrecht moedig over zich heenkomen en redde zichzelf niet door te rommelen met de waarheid. Begrijpen we nu goed hoe erg het kwaad is en hoe onrecht werkt?

 **********

BEZINNING OP DE VEERTIGDAGENTIJD 2020 13a

Van een van onze parochianen kwam nog een bezinning binnen op basis van een tekst uit de brief aan de Hebreeën hst. 5, 7-9. Die tekst luidt als volgt:

“Christus heeft tijdens zijn leven op aarde
onder tranen en met luide stem gesmeekt en gebeden
tot Hem die hem kon redden van de dood,
en werd verhoord vanwege zijn diep ontzag voor God.
Hoewel hij zijn Zoon was, heeft hij moeten lijden,
en zo heeft hij gehoorzaamheid geleerd.
En toen hij naar de uiteindelijke volmaaktheid gevoerd was,
werd hij voor allen die hem gehoorzamen
een bron van eeuwige redding.”

Onze medeparochiaan was getroffen door de “menselijkheid” van Jezus. Hij kende angst, verdriet, opzien tegen het lijden dat hem ten deel viel. Hij is echt een van ons geworden.
Hij is gehoorzaam geweest aan de levensroeping, zoals die in Godsnaam hem was toevertrouwd.
Het doet denken aan de brief van Paulus aan de inwoners van Filippi waarin hij over Jezus schrijft:

‘Hij die de gestalte van God had, hield zijn  gelijkheid aan God niet vast,
maar deed er afstand van.
Hij nam de gestalte aan van een slaaf en werd gelijk aan een mens.
En als mens verschenen heeft hij zich vernederd
en werd gehoorzaam tot in de dood, de dood aan het kruis.
Daarom heeft God hem hoog verheven
en hem de naam geschonken die elke naam te boven gaat”.

Vraag:

  1. Wat doen zulke teksten ons? Raken ze ons?
  2. Hoe beleven wij ons eigen leven. Zien we het als een roeping? Aanvaarden we deze en geven we er dienovereenkomstig  vorm aan, m.a.w. zijn we er ‘gehoorzaam’ aan?
  3. Nu de coronacrisis alom bezinning met zich meebreng, de vraag: komen we daarin toe aan een ‘gewetensonderzoek’ naar ‘hoe wij zelf in het leven staan’ (zoals vroeger voorafgaande aan de paasbiecht?  Maakt gelovig vertrouwen er deel van uit?
  4. Geloven we als christenen, dat als ook wij ons leven aanvaarden het uiteindelijk zal uitlopen op ons Pasen ?
**********
BEZINNING OP DE VEERTIGDAGENTIJD 2020 13
Bezinning dinsdag 7 april 2020.

In deze rare tijden van Corona en op slot zittende maatschappij zijn we haast ongemerkt aangeland in de Goede Week. De glorieuze intocht in Jerusalem is voorbij en akelige gebeurtenissen komen eraan alvorens het Pasen wordt. Maar goed; de lente, het nieuwe leven komt eraan……….  heus.

Vraag: Kunnen wij wat leren van de coronacrisis (lees Goede Vrijdag) op weg naar het Heil (lees Verrijzenis en Pasen)? De verhalen van deze dag (7 april) kunnen ons helpen.

In Jesaja 49, 1-6 laat de profeet zien, dat Gods heil niet alleen bestemd is voor de stammen van Israël, maar voor alle volkeren.

Jesaja 49,  6: Hij sprak: ‘Voor u, mijn dienstknecht, is het te gering, alleen Jacobs stammen op te richten, en Israëls overlevenden terug te brengen; Ik stel u aan om een licht voor de volken te zijn; mijn heil moet reiken tot in de uithoeken der aarde.’

Dat geeft af en toe fricties en complicaties; zie b.v. Handelingen 13, 46 -47: Toen verklaarden Paulus en Barnabas in alle vrijmoedigheid: ‘Tot u moest wel het eerst het woord van God gesproken worden, maar omdat gij het afwijst en uzelf het eeuwige leven niet waardig keurt, daarom richten wij ons voortaan tot de heidenen. Want aldus luidt de opdracht van de Heer tot ons: Ik heb u geplaatst als een licht voor de heidenen, opdat gij tot redding zou strekken tot aan het uiteinde der aarde.’

Vraag: Als God zijn Heil brengt via de mens, reiken onze activiteiten dan ‘tot het uiteinde der aarde’? En is het hemd niet nader dan de rok?
De evangelielezing van vandaag (7 april) komt uit Johannes: Joh. 13, 21 – 38. Dit is een lang, maar interessant stuk over (1) het verraad van Judas, (2) het gebod van de liefde en (3) de voorspelling van de verloochening door Petrus.

In de toelichting op deze tekst staat o.a. “Met het verraad van Judas wordt het lijden van Jezus ingezet, maar daarmee ook zijn Verheerlijking”.

Vraag: Is het kwaad in de mens te verdrijven via de liefde?
Zo ja, waarom en hoe?
Zo nee, waarom niet?

**********

BEZINNING OP DE VEERTIGDAGENTIJD 2020 12
Vrijdag 03 april 2020.
Aanbeveling: zoek vooraf een moment van stilte!

Jeremia, 20, 10-11a

Want de mensen bauwen (onhebbelijk luid / blaffend roepen) mij na:
“Overal paniek! Overal paniek!
Roep het, dan vertellen wij het verder.”
Al mijn vrienden zijn uit op mijn val:
“Misschien laat hij zich verleiden,
dan krijgen wij hem in onze greep,
dan wreken wij ons op hem.”
Maar de HEER staat mij terzijde als een machtig krijgsman.

Vragen:

  1. Wat lees ik hier? Hoe moet ik het verstaan ?
  2. Is het toeval dat deze tekst juist nu staat voorgeschreven?
  3. Maar we moeten toch juist nu niet in paniek raken, maar ons gezond verstand gebruiken?
  4. En dan staat er vers 11a: Maar de HEER staat mij terzijde…..Geeft dat dan vertrouwen en rust in deze bizarre tijd, waarin we nu leven?
    **********
BEZINNING OP DE VEERTIGDAGENTIJD 2020 11
Dinsdag 31 maart 2020

Bezinning op basis van Johannes 8, 21-30

Kies bewust een moment van stilte

Jezus is herhaaldelijk in discussie met Farizeeën die hem voortdurend zoeken om Hem en zijn Goede Boodschap (Evangelie) aan te vechten. Ze teren op hun ‘eigen (vermeende) gerechtigheid’.
Jezus praat men hen over zijn op weg zijn en heengaan naar de Vader en zegt tot hen: ‘Ik ga weg en u zult me zoeken. Maar in uw zonden zult u sterven. Waar ik heenga kunt gij niet komen’. En vervolgens zegt: ‘als u niet gelooft dat ik het ben (de Messias) zult u inderdaad n uw zonden sterven’. In het gesprek ;aat Jezus zijn tegenstanders weten, dat Hij datgene brengt wat Hij van de Vader heeft ontvangen.

Vragen:
1. Hebben we door wat Jezus zegt?
2. Kunnen wij inkomen in wat Jezus zegt?
3. Kunnen we met Hem meegaan, in Hem geloven, eigen gerechtigheid loslaten, om de vreugde te ervaren van de       ‘vrijheid van de kinderen van God?

   **********

BEZINNING OP DE VEERTIGDAGENTIJD 2020 10
Vrijdag 27 maart ’20

Lezingen: Wijsheid 2, 1a.12-22; Johannes 7, 1-2.10.25-30

Een korte samenvatting van de lezingen:

In de tekst van het Boek Wijsheid uit het Oude of Eerste Testament spannen de goddelozen samen tegen de mens die in gerechtigheid leeft zoals God het wil. Zijn manier van leven is een aanklacht tegen hun leven dat van-God-los is, puur gericht op eigenbelang en zich niets aantrekt van de medemens. De goddelozen willen de rechtvaardige martelen om te zien of hij werkelijk zachtmoedig is en door God beschermd wordt. Ze willen hem een schandelijke dood aandoen. Uiteraard zijn de goddelozen volgens de auteur van het boek op een dwaalspoor en zijn ze vertegenwoordigers van een miserabel leven.

Ook in onze wereld worden rechtvaardigen nog door goddelozen belaagd.

In de Evangelielezing is Jezus ‘de rechtvaardige’, die door zijn tegenstanders wordt belaagd: ‘ze waren erop uit Hem te doden’. Jezus getuigt tegenover de mensen in de tempel van zijn band met God: ‘Jullie kennen mij en weten waar ik vandaan kom’. Hij bedoelt daarmee zijn afkomst uit het timmermansgezin van Maria en Jozef. Vervolgens zegt Jezus: Ook al kennen jullie mij, ‘Toch ben ik niet uit mezelf gekomen, maar Die mij gezonden heeft is waarachtig; Hem kennen jullie niet. Ik ken Hem omdat ik uit Hem ben en Hij mij heeft gezonden’. Hij geeft daarmee aan waardoor het bestaan van ‘een rechtvaardige’ wordt gedragen’

Overweging en vragen:

In deze tijd van het coronavirus (COVID 19) is het moeilijk deze lezingen te plaatsen en in te laten werken bij de dagelijkse beslommeringen, die we momenteel hebben. We zoeken nu duizenden getroffen zijn meer naar troost en bemoediging dan dat we ons realiseren, dat boven geschetste omstandigheden in het verleden voordeden, maar ook nu. Toch kunnen we ons afvragen:

  1. Wat lezen we in de lezingen dat ons kan bemoedigen en hoop geven?
  2. Kunnen we in onze tijd over enkele weken Pasen goed plaatsen, het feest van ‘Verlichting’ en ‘Verlossing’ goed plaatsen in ons dagelijks leven? Of moeten we eerst door Palmzondag en een lange ‘Goede Week’ op weg naar betere tijden (en opstanding)?
BEZINNING OP DE VEERTIGDAGENTIJD A 2020 9
Dinsdag 24 maart 2020

Ezechiël, 47, 1 –  9  + 12

Toen bracht hij mij terug naar de ingang van de tempel. Daar zag ik onder de drempel water opwellen en in oostelijke richting stromen: de voorzijde van de tempel ligt immers op het oosten. Het water stroomde eerst zuidwaarts langs de muur en dan langs de zuidkant van het altaar. Hij leidde mij door de noordpoort buitenom naar de oostelijke buitenpoort en rechts daarvan kwam het water weer tevoorschijn. De man ging verder oostwaarts met de meetstok in de hand en mat een afstand af van duizend el. Daar liet hij mij door het water waden en het kwam tot mijn enkels. Weer mat hij een afstand van duizend el af. Hij liet mij door het water waden en het kwam tot mijn knieën. Opnieuw mat hij een afstand van duizend el af; hij liet mij door het water waden en het kwam tot mijn middel. Nog eens mat hij een afstand van duizend el af; nu was het een rivier, ik kon er niet meer doorheen waden. Het water was zo diep dat men er alleen zwemmend overheen kon.

Toen vroeg hij: “Hebt ge dat gezien, mensenkind?” Daarop liet hij mij teruggaan langs de oever van de rivier. En op de terugweg zag ik aan beide oevers overal bomen staan. Hij zei: “Dit water stroomt door het oostelijk deel van het land van de Araba, mondt uit in de Zoutzee en maakt het water van de zee gezond. De rivier brengt leven overal waar hij stroomt, het wemelt er van dieren. De zee zit vol vis, want de rivier die erin uitmondt, maakt het water gezond. Overal waar hij stroomt is volop leven.

Aan beide oevers van de rivier groeien allerlei vruchtbomen: hun bladeren verdorren niet en ze zijn nooit zonder vruchten. Elke maand dragen ze vruchten, omdat het water dat ze voedt, uit het heiligdom komt. De vruchten zijn eetbaar en de bladeren hebben geneeskracht.

  • Wat is voor jou een bron die gelukkig maakt en inspireert om vruchten te dragen?
  • Ervaar jezelf het goede dat je ontvangt in het leven als een geschenk van God of zie het meer als een resultaat van eigen verdienste?

Johannes, 5, 1 – 3a + 5 – 16

Daarna ging Jezus, omdat er geen feest van de Joden was, op naar Jeruzalem. Nu is er in Jeruzalem bij de Schaapspoort een badinrichting, in het Hebreeuws Betesda geheten, met vijf zuilengangen. In die gangen lag altijd een groot aantal gebrekkigen.

Nu was daar een man die al achtendertig jaar lang gebrekkig was. Jezus zag hem liggen en omdat Hij wist dat hij reeds lang zo lag, zei Hij tot hem: “Wil je gezond worden?” De zieke gaf Hem ten antwoord: “Heer, ik heb niemand om mij, wanneer het water bewogen wordt, in het bad te brengen en terwijl ik ga, daalt een ander vóór mij er in af.” Daarop zei Jezus hem: “Sta op, neem je bed op en loop.” Op slag werd de man gezond. Hij nam zijn bed op en liep.

Die dag was het echter sabbat en daarom zeiden de Joden tot de genezene: “Het is sabbat, je mag je bed niet dragen.” Hierop antwoordde hij hun: “Die mij gezond heeft gemaakt, Die heeft mij gezegd: Neem je bed op en loop!” Daarom vroegen zij hem: “Wie is die man die je zei: Neem je bed op en loop?” De genezene wist niet wie het was, want Jezus had zich ongemerkt teruggetrokken, omdat er veel volk ter plaatse was. Later trof Jezus hem in de tempelen sprak tot hem: “Zie, je bent nu genezen! Zondig niet meer, opdat je niets ergers overkomt.” De man ging heen en vertelde aan de Joden, dat het Jezus was die hem genezen had. Omdat Jezus dergelijke dingen op sabbat deed, begonnen de Joden Hem te vervolgen.

  • De man wacht lang op hulp: had hij ook zelf meer initiatief kunnen nemen om hulp te krijgen?
  • Laat jij wel eens een kans op iets goeds liggen, omdat je ziet dat iemand anders er meer behoefte aan heeft?
  • Kun jij begrip opbrengen voor wie iets doet dat op zich goed is, maar die zich daarbij niet aan de regels houdt?
  • Als iemand zich niet houdt aan de regels, moet hij daar dan verantwoording voor afleggen of mag hijzelf bepalen wat kan en niet?

                                                                                                **********

BEZINNING IN DE VEERTIGDAGENTIJD 2020 8
Vrijdag 20 maart 2020

Hosea, 14, 2 – 10

Bekeer u, Israël, tot Jahwe uw God, want over uw schuld zijt gij gestruikeld. Kom met uw woorden als gave, bekeer u tot Jahwe en zeg Hem: “Gij vergeeft toch alle schuld: aanvaard ook onze goede wil: wij zullen onze woorden als offerdieren geven. Assur kan ons niet redden; wij zullen niet meer op paarden rijden en tegen het maaksel van onze handen zeggen wij nooit meer: Gij zijt onze God. Gij, Jahwe, zijt immers degene bij wie de wees ontferming vindt.”

Ik wil hen van hun ontrouw genezen en hun van harte mijn liefde schenken. Mijn toorn heeft zich van hem afgewend. Ik wil voor Israël zijn als de dauw: als een lelie zal hij gaan bloeien en hij zal wortels schieten, als op de Libanon.

Zijn scheuten lopen uit, zijn luister evenaart die van de olijfboom, zijn geur die van de Libanon. Zij zullen opnieuw in zijn schaduw zitten; zij zullen koren kunnen verbouwen, zij zullen bloeien als de wingerd en vermaard zijn als de wijn van de Libanon. Wat ik heb ik dan nog met de afgoden te maken, Efraïm? Ik ben het die hem verhoort en die naar hem omziet. Ik ben als een altijd groene cypres; aan Mij zijn uw vruchten te danken. Wie is zo wijs dat hij dit beseft, en wie zo verstandig dat hij dit inziet? Inderdaad, recht zijn de wegen van Jahwe: de rechtschapenen bewandelden die, maar rebellen komen er ten val.

  • Waar moeten wij zelf voor zorgen en wat komt van de genade Gods?
  • Wat hopen wij te verkrijgen als wij bidden tot God?

Marcus, 12, 28b – 34

Nu trad een schriftgeleerde op Hem toe, die naar hun woordenwisseling geluisterd had en, begrijpende dat Hij hun een raak antwoord had gegeven, legde hij Hem de vraag voor: “Wat is het allereerste gebod?” Jezus antwoordde: “Het eerste is: Hoor, Israël! De Heer onze God is de enige Heer. U zult de Heer uw God beminnen met heel uw hart, geheel uw ziel,  geheel uw verstand en geheel uw kracht.

Het tweede is dit: Gij zult uw naaste beminnen als uzelf. Er is geen ander gebod voornamer dan deze twee.” Toen zei de schriftgeleerde tot Hem: “Juist, Meester, terecht hebt Ge gezegd: Hij is de enige en er bestaat geen andere buiten Hem; en Hem beminnen met heel zijn hart, heel zijn verstand en heel zijn kracht en de naaste beminnen als zichzelf, gaat boven alle brand- en slachtoffers.” Omdat Jezus zag dat hij wijs gesproken had, zei Hij hem: “Gij staat niet ver af van het Koninkrijk Gods.”En niemand durfde Hem nog een vraag te stellen.

  • Zijn wij ook altijd gericht op God en onze naaste?
  • Hoever gaat onze liefde tot onze naaste?
  • Zijn wij bereid iets in te leveren voor iemand die wij niet kennen?

**********

BEZINNING IN DE VEERTIGDAGENTIJD 2020 7
(3e week in de Veertigdagentijd jaar A)
Dinsdag 17 maart 2020

Uit het H. Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs hst. 18, 21 en 22:

In die tijd kwam Petrus bij Jezus staan en vroeg:
‘Heer als mijn broeder of zuster tegen mij zondigt, hoe dikwijls moet ik vergeving schenken?
Toe zevenmaal toe?’ Jezus antwoordde:  ‘Niet tot zevenmaal toe, maar tot zeventig maal zeven’, m.a.w. een opdracht tot eindeloos vergeven.

Vragen:

  1. Maar betekent dat dan ook dat je altijd moet vergeven? Van Jezus horen we dat je ‘zeventig maal zeven keer’ moet vergeven,  eindeloos dus. Niet de 490e keer wel en de 491e keer niet meer. Nee, aan de boodschap van vergeving komt geen einde.
  2. Is dat niet wat veel gevraagd?
  3. En als er aan de opdracht tot vergeving geen einde is, wie kan aan die hoge norm voldoen?
  4. Bij het Onze Vader bidden wij: ‘vergeef ons onze schulden zoals wij vergeven aan onze schuldenaren….’ Wij belijden daarin ons geloof in Gods permanente bereidheid ons te vergeven. Vergeven wij dan ook zoals Hij?

**********

BEZINNING OP DE VEERTIGDAGENTIJD 6

Vrijdag 13 maart – Week 2 in de Veertigdagentijd

Uit het boek: ‘Een handvol verhalen’ van René Hornikx

Elke mens is gevoelig voor contact, voor ontmoeting.
Elk mens hoopt als unieke persoon gezien te worden.
Er wordt niet vóór maar mét hem of haar gedacht.
Er wordt niet gezegd hoe je je moet voelen, maar je mag zeggen hoe je je werkelijk voelt.
Er wordt eerst geluisterd en dan pas geantwoord.

In een echte ontmoeting hervindt de mens zichzelf.
Voor die ontmoeting moet gekozen worden.
Ze blijkt geen vanzelfsprekendheid te zijn.
Heel veel mensen zoeken naar echt contact, naar echte ontmoeting, die niet te koop is, maar die je ontvangt als je omziet naar elkaar, als je aandachtig leeft met elkaar.

Vragen:
1. Is het verhaal van de ontmoeting herkenbaar? Waar je soms te hard van stapel loopt met je eigen verhaal en niet luistert naar de ander?
2. Zijn we bang om aan de ander te vragen: ‘hoe is het met jou?’
3.Besteden we wel genoeg tijd, némen we de tijd (thuis) om naar elkaar te luisteren?
4. Een andere mens echt ontmoeten, is dat niet wat Jezus altijd deed op zijn tochten?

**********

BEZINNING OP DE VEERTIGDAGENTIJD 5
Dinsdag 10 maart – Week 2 in de veertigdagentijd

Leesrooster Jesaja 1, 10.16-20; Psalm 50, 3-9. 16-23 en Mattheüs 23, 1-12
Deze teksten zijn een aanklacht, sporen aan tot het goede of zijn gericht tegen onoprechtheid of schijnheiligheid.
Concentreren we ons op de volgende passage uit Psalm 50, vers 23. Nemen we daarvoor allereerst gedurende enkele minuten rust.

“Wie offers brengt van lof, die eert Mij waarlijk,
wie rechte wegen gaat, die vindt het heil van God.”

Vragen:

  1. Prikkelen de teksten om tot bezinning te komen en wijst het Woord ons de weg van een goed leven?
  2. Wat doe ik met het doopsel dat ik heb ontvangen?
  3. Volg ik het spoor van Jezus of doe ik maar wat tot mijn eigen voordeel?

**********

BEZINNING OP DE VEERTIGDAGENTIJD 2020  4

 Vrijdag 6 maart

Lezingen: uit de profeet Ezechiël hst. 18, 21-28; en het Evangelie van Matteüs hst.5, 20-28

Concentreren we ons op de volgende passage uit Ezechiël. (De volledige tekst vindt u hierboven aangegeven). Nemen we daarvoor allereerst gedurende enkele minuten rust.

De Heer zegt:
Als een eerlijk mens ophoudt eerlijk te zijn, als hij onrecht doet en sterft, dan is dat om het onrecht dat hij deed! Maar als een misdadiger berouw heeft van zijn misdaden en voortaan eerlijk en rechtvaardig leeft, dan zal hij in leven blijven.’

  1. Wat bedoelt de Heer (God) met deze zin?
  2. Heeft deze passage uit de Bijbel ook betrekking op mij?
  3. Een slecht mens heeft te allen tijde de gelegenheid, de mogelijkheid km weer onder de genade van de Heer te vallen. Wat vind je van deze unieke kans?
  4. Vinden we dit oordeel (cursief gedrukt) van de Heer rechtvaardig. Waarom wel/niet?

**********

BEZINNING OP DE VEERTIGDAGENTIJD 2020  3

Dinsdag 3 maart

Neem een paar minuten de tijd om het stil te maken in jezelf. Om je helemaal te proberen los te maken van dagelijkse beslommeringen. Het helpt als je een aantal keren bewust in en uit ademt; dat gaat nog beter als je je hand op je buik houdt en dan te ademen ‘naar je hand toe’. Rust volgt……..

Lees dan de volgende tekst uit Jesaja hst. 55,  10-11:

‘Want zoals de regen en de sneeuw uit de hemel neerdalen en daarheen pas terugkeren, wanneer zij de aarde hebben gedrenkt, haar hebben bevrucht en met planten bedekt, wanneer zij zaad hebben gegeven aan de zaaier, en brood aan de eter;

Zo zal het ook gaan met mijn woord, dat voortkomt uit mijn mond; het keert niet vruchteloos naar Mij terug, maar pas wanneer het heeft gedaan wat mij behaagt, en alles heeft volvoerd, waartoe Ik het heb gezonden.’

 Lees de tekst nog eens aandachtig aan de hand van de volgende vragen:

  1. Wat heb ik gelezen? Wat staat er? Kan ik het met eigen woorden zeggen?
  2. Wat ervaar ik bij deze tekst? Wat doet deze tekst met mij? Kan ik blij worden van de inhoud van deze tekst? Waarom wel, waarom niet?
  3. Kan ik hier wat mee in mijn dagelijks leven? of als voorbereiding op Pasen?

                                              **********

BEZINNING OP DE VEERTIGDAGENTIJD 2020  2

(vrijdag 28 februari )

We proberen een moment tijd te nemen en het stil te maken in onszelf; wat ons bezig houdt even los te laten. Daarbij kan helpen aan aantel keren bewust in en uit te ademen.

Ik lees de volgende tekst langzaam. Uit de profeet Jesaja hst. 58, 7 en 8a:

Is het vasten niet:
je brood delen met de hongerige,
onderdak bieden aan armen zonder huis,
iemand kleden die naakt rondloopt,
je bekommeren om je medemensen?

Dan breekt je licht door als de dageraad, je zult voorspoedig herstellen.

Vragen:
1. Wat heb ik gelezen? Wat staat er in die zinnen? Kan ik het met eigen woorden zeggen?
2. Is deze uitleg van vasten ook voor mij bedoeld? Waarom niet, waarom wel?
3. Hoe zou ik dot kunnen invullen als voorbereiding op Pasen?
4. Kan dat leiden tot het doorbreken van het licht? En wat betekent dat dan?

**********

BEZINNING OP DE VEERTIGDAGENTIJD 2020  1

(Aswoensdag 26 februari)

We proberen een moment tijd te nemen en het stil te maken in onszelf; wat ons bezig houdt even los te laten. Daarbij kan helpen een aantal keren bewust in en uit te ademen.

Ik lees de volgende tekst langzaam.
De tekst is uit de 1e Lezing uit de H. Schrift op Aswoensdag: Joël hst 2, 12

‘Zo spreekt God de Heer: ‘Keer tot mij terug van ganser harte,
Met vasten, met geween en met rouwklacht.
Scheurt uw hart en niet uw kleren (als uiting van berouw).
Keert terug tot de Heer, uw God, want genadig os Hij en barmhartig
en barmhartig, lankmoedig en vol liefde.

Ik lees de tekst nog een keer,

  1. Wat heb ik gelezen? Wat staat er? Kan ik het met eigen woorden nazeggen?
  2. Vind ik dat de oproep ook op mj kan slaan? Waarom niet, waarom wel?
  3. Dat God barmhartig, genadig en vol liefde is stimuleert mij dat?
  4. Wat zou ik met het bovenstaande kunnen doen ter voorbereiding op Pasen?

**********

OP WEG DOOR DE VEERTIGDAGENTIJD 2020

Na carnaval het feest van bruisende vitaliteit voor de een en dagen van wintersport voor de ander, begint voor christenen de Veertigdagentijd ter voorbereiding van het Paasfeest, Het is een tijd van bezinning en inkeer. In vroeger tijden had je in de parochies op zondagmiddag de zogenoemde ‘lijdensmeditaties’. Zij werden druk bezocht, zeker in de tijd van de 2e wereldoorlog (1940-1945) en gaven een structuur aan de toen ook ‘vastentijd; genoemde periode in het kerkelijk jaar. Allerlei gewoonten waren er ten dienste van een zekere ‘onthechting’, wat afstand doen van waar men door werd ‘meegenomen’ om zo ruimte e scheppen voor ‘inkeer’. Op vrijdag werd er geen vlees gegeten, andere dagen werden we verondersteld te vasten of minder te eten dan gewoonlijk. Alleen mensen met zware beroepen zoals de ondergrondse mijnwerkers waren van deze praktijken uitgezonderd. De kinderen bewaarden de door de week gekregen snoep in een trommeltje tot de zondag, soms tot het einde van de vasten. Tegenwoordig wordt er eerder ‘gevast’ om te ‘lijnen’ met het oog op de gezondheid. Toch is niet iedereen tevreden met de eigen levenswijze, Menigeen voelt dat het leven onder druk staan en zou graag wat afstand nemen om wat meer ‘tot zichzelf te komen’. De parochie wil degenen die dat willen een suggestie doen om een paar keer per week een moment van stilte te zoeken . Op dinsdag en vrijdag in de veertigdagentijd presenteren parochianen van cluster Morgenster een korte Bijbeltekst met de suggestie die bewust te lezen. (In afwijking daarvan verschijnt de eerste tekst op Aswoensdag, de dag dat de Veertigdagentijd begint). Er worden enkele vragen gesteld, die helpen bij een moment van bezinning. De teksten komen op de verschillende parochiesites en een aantal exemplaren komen te liggen achter in onze parochiekerken.

U kent allemaal uw parochiewebsites?
Nijswiller: http://members.ziggo.nl/st.dionysius-nijswiller

Wahlwiller: www.kerk-wahlwiller.nl

Eys: www.parochie-eys.nl

A. Reijnen, pastoor