Skip to main content
All Posts By

Karin Heinen

Zondag 28 december H. FAMILIE 2025

By Preken

Preek zondag 28 december H.FAMILIE 2025 Eys om 9.30 uur.

Lezingen: Sirach 3, 2-6.12-14; Kolossenzen 3,12-21; Matteüs 2, 13-15.19-23.

In het eerste verhaal van onze Bijbel, het scheppingsverhaal, wordt verteld, dat
God op de zesde dag de mens schiep ‘naar zijn beeld en gelijkenis’, ‘man en
vrouw schiep Hij hen’ en hij gaf hen de opdracht ‘zich te vermenigvuldigen’.
God vertrouwde de zorg voor de aarde toe. Het klinkt op het eerste gezicht wat
afstandelijk, maar het verhaal gaat over ons. Wij van het hier en nu, volgen
onze voorouders op die ons zijn voorgegaan in het leven hier op aarde en de
omgang daarmee. Zij hebben ons voortgebracht die nu leven en in kinderen ons
leven voortzetten. Er zijn vele verschillende culturen, die alle op hun manier het
leven invullen en voortzetten. Maar altijd is er de band van ouders met hun
kinderen, als het goed is de zorg voor hen en het bewustzijn bij kinderen uit
ouders voortgekomen te zijn. Hun waardering is afhankelijk van de mate waarin
zij van hun ouders zorg en liefde hebben ondervonden en zich thuis hebben
leren voelen in het leven met zijn goede, vreugdevolle, maar ook in de moeilijke
en kwade kanten ervan. De Grieken in het verre verleden wisten al dat
‘zelfkennis de beste kennis’ is. Die kennis doe je als het goed is op in de
omgeving waarin je leeft.
De eerste lezing uit het Wijsheidsboek Jezus Sirach benadrukt in de cultuur van
de 2e en 1e eeuw vóór Christus de noodzaak dat kinderen hun ouders
respectvol behandelen ‘om lang te mogen leven op deze aarde’. Het verhaal uit
het evangelie van Mattheüs geeft de zorg van Jozef voor zijn vrouw Maria en
het kind Jezus aan, als het leven van het kind wordt bedreigd door de voor zijn
eigen positie beduchte koning Herodes. Hij vlucht met hen naar Egypte en blijft
daar tot het in het thuisland veilig genoeg is om terug te keren. De situatie van
vluchtelingen in alle tijden.
Er is veel veranderd in de patronen van menselijke relaties, al trouwen mensen
nog altijd met elkaar met de intentie verder te leven met elkaar tot de dood
hen scheidt. Dat veronderstelt de bereidheid het leven in liefde met elkaar te
delen in goede en kwade dagen. Dat deze vorm van leven in de tijdgeest van nu
niet vanzelfsprekend is zal iedereen duidelijk zijn aan het aantal scheidingen,
aan het aangaan van nieuwe relaties en het aantal eenoudergezinnen.
Bovendien biedt de hedendaagse techniek van in vitrofertilisatie en donorschap
mogelijkheden voor degenen die een kind willen. Er zijn draagmoeders die
tegen vergoeding aan anderen het kind dat zij ter wereld hebben gebracht
willen afstaan. Bij alles wat tegenwoordig mogelijk is, respectievelijk gebeurt,
lijkt echter voor ieder mens noodzakelijk dat hij/zij opgroeit in een atmosfeer
van liefde, van geborgenheid wil men thuis raken in het leven. Ons leven van
tegenwoordig is complex. Het is, mede door de vele mogelijkheden en
verwachtingen, veeleisend. Het vraagt om mensen, die de zin van hun leven
vinden in ‘hun er zijn voor de Ander/ander’. Dat is wat paus Leo XIII (paus van
1878-1903) christengelovigen ter overweging heeft willen geven bij de
invoering van het feest van de H. Familie: de op God en op elkaar gerichte liefde
binnen het gezin van Jozef, Maria en Jezus. De start was in dat gezin
ongemakkelijk. Jozef, levend in gerechtigheid volgens de Wet van Mozes, wilde
aanvankelijk van zijn verloofde scheiden en haar de ruimte geven toen ze
zwanger werd bevonden, ‘van de H. Geest’ zoals het Evangelie toevoegt. Hij
komt echter tot het besef, dat hij haar en haar kind in liefde geborgenheid kan
geven en trouwt met haar. De bevalling van Maria is ook al ongemakkelijk wat
de entourage betreft, niet in een kliniek of in een gastenverblijf, maar in een
stal, omgeven door gewone mensen, herders die hun kudden hoedden in
Bethlehems velden; dus niet omgeven door grote maatschappelijke en politieke
figuren. Het tekent Gods menswording, de manier waarop Jezus in de toekomst
onder mensen zal zijn De trouw van Jozef wordt zichtbaar in zijn zorg voor
moeder en kind bij hun vlucht naar Egypte als Herodes het kind bedreigt. Liefde
blijkt uit de trouw van Maria aan haar kind als ze onder zijn kruis staat.
Hoe we ook met elkaar willen leven, de boodschap die ons vandaag wordt
voorgehouden is, dat het in het leven gaat om liefde gericht op elkaar en daarin
de eigen levenszin vinden (en niet in de angstige gerichtheid op het eigen ‘Ik’).
De apostel Johannes zal in zijn eerste brief schrijven: ‘niemand heeft ooit God
gezien, maar als wij elkaar liefhebben woont God in ons en is zijn liefde in ons
volmaakt geworden’ (1 Johannes 4,12). Moge deze woorden in ons tot leven
komen op voorspraak van de H. Familie. Amen

Emiritus pastoor Reijnen.

2e ZONDAG VAN DE ADVENT A 2025

By Preken

Preek 7 december 2025

2e ZONDAG VAN DE ADVENT A 2025.

Lezingen: Jesaja 11, 1-10; Romeinen 15, 4-9; Matteüs 3, 1-12.

Al in oude tijden,  al vóór Christus vierde men aan onze kant van de wereld in de winter de overgang van donker naar licht. De Joden hadden ontstaken kaarsen op de Chanoekakandelaar en Romeinen, zonnevereerders, vierden hun  zonnewende, de terugkeer van het licht. Vanaf de 4e eeuw vieren wij, christenen op 25 december de geboorte van Jezus, de gezalfde van God, als HET LICHT van de wereld.  Het was jarenlang in onze katholieke streken hét feest in de winter. Om ons op zijn komst, zijn ‘advent’ voor te bereiden gingen er een viertal weken van bezinning aan het feest voor. Ik herinner me nog de dag voor kerstmis, dat we in een zekere gewijde en ingetogen sfeer vader mochten helpen bij het optuigen van de kerstboom en het plaatsen van de beeldjes in het stalletje. De tweede wereldoorlog was aan de gang. Het was een tijd van schaarste. Toch was het die 25e december feest, kerkelijk en thuis.

In onze tijd van overvloed voor velen is er veel belangstelling van de kant van de commercie voor de opvulling van kerstmis en de weken ervoor, voor ons menselijk welzijn en voor gezelligheid in. Dat is des te begrijpelijker nu wij leven in een verwarde en onzekere tijd, waarin voorhanden structuren -denk aan de democratie- en manier van leven onder druk staan. Wij, christenen, ervaren dat samen met al onze medemensen wie ze ook zijn en bij al wat ze wel of niet geloven.

Te midden daarvan echter hebben we als christenen onze eigen aandachtspunten waarvan we geloven dat ze de vrede dienen niet alleen voor onszelf maar ook voor onze door kwaad bedreigde wereld. Wij blijven aandacht houden voor Gods menswording onder ons in de geboorte van Jezus Christus in een stal te Bethlehem. Hij is voor ons ‘HÉT LICHT’ bij alle licht dat wij ontsteken om onszelf en onze wereld op te vrolijken. Met dat als achtergrond vieren we volgende week ‘Kerst in Ees’, houden we in onze kerkelijke vieringen, versieren onze huizen met kerstboom en kribbe, eten we gezellig samen in onze gezinnen of gaan we gezellig uit eten.

Ter voorbereiding op Kerstmis vieren we vandaag de tweede zondag van de Advent. We hebben geluisterd naar de teksten uit de H. Schrift. We hebben ons mee laten nemen in dromen van alle tijden dat er een tijd van vrede en veiligheid en vrede zal aanbreken. Dit in tegenstelling met de strijd, die in de natuur en onder mensen gaande is. We kijken wellicht met afgrijzen hoe roofdieren jagen op een elegant hert en kunnen ons vinden in de Jesajatekst waarin gedroomd wordt dat ‘de wolf zal huizen met het lam, de panter zich zal neervlijen bij het bokje’. We kunnen ernaar verlangen, dat leiders van volken vervuld zullen zijn van een geest van wijsheid en inzicht; van een geest van raad en sterkte; een geest van kennis en vreze (ontzag) des Heren.

Hoever zijn we momenteel, in onze tijd daarvan verwijderd van onze dromen en van onze verlangen??  Met alle gevolgen van dien. Is daar wat aan te doen?  Ook Johannes de Doper leeft in een moeilijke tijd: de Romeinen zijn de baas; de religieuze overheid belast het volk met tal van onnodige religieuze en maatschappelijke voorschriften. Johannes roept op tot bekering. Dat vraagt wat van een mens. Hij is niet vriendelijk voor religieuze stromingen, die wel vroom líjken maar het niet zijn; die hun uiterlijke vroomheid benutten om hun eigen ijdelheid te strelen. Bekering! Wat wil dat zeggen? Je keren tot de kern van Wet en Profeten, het ontzien van kwetsbaren. De ware kinderen van Abraham, de ware godsdienstigen  zijn degenen die waarachtig zijn in doen van het goede en in hun dienst aan degenen die het nodig hebben.

Johannes de Doper wijst op degene wiens komst hij voorbereidt en op de viering van wiens verjaardag wij ons momenteel voorbereiden. In zijn naam zijn we indertijd gedoopt met Geest en met vuur, verwarmend, maar ook kwaad verterend. Denken we na over de weg die we sinds ons doopsel zijn gegaan. Moge ons vergeven worden als die weg niet helemaal beantwoord heeft aan zijn doel. Moge de herinnering aan de komst van Jezus ons doen gaan op de weg die Jezus ons is voorgegaan en mogen we Hem daarin navolgen. Amen

Zondag 23 november: CHRISTUS KONING C 2025  23 Nov. EYS 9.30

By Preken

Lezingen: 2 Samuel 5, 1-3; Kolossenzen 1, 12-20; Lucas 23, 33-43.

Vandaag vieren ons kerkelijk zangkoor en vrouwenkoor Octavia het feest van hun patrones St. Cecilia, niet alleen in de kerk maar ook daarna met gezelligheid. Vandaag viert de Kerk de laatste zondag van het kerkelijk jaar ‘Christus, Koning van het heelal’. De woorden ‘koning van het heelal zijn alomvattend, kosmos, aarde en alles wat daarbij hoort: zon, maan, sterren, planeten, de aarde met alle levende wezens. Het Christus Koningfeest dateert van 1925 toen paus Pius XI het in het leven riep. Dit jaar is het feest dus 100 jaar oud. Het was de tijd van het Rijke Roomse leven, de tijd van ‘de volkskerk’ waarin het RK leven volop bloeide, zowel kerkelijk als maatschappelijk in gezinnen en verenigingen van velerlei aard en niveau, in werkgeversvereniging en vakbond. Christus leek een tijdje geleden Koning van alles. Er is in de 100 jaar dat het feest bestaat veel veranderd. Feitelijk lijkt de idee van Christus’ Koningschap op de achtergrond geraakt. We kennen op onze wereld   verschillende bestuurssystemen, die rekening hebben te houden met elkaar. In Nederland hebben we een monarchie die gebonden is aan een democratisch samengestelde grondwet. In China heeft de communistische partij het voor het zeggen. Een aantal landen worden geregeerd door -zoals dat heet- autocratische leiders, eenlingen met de groep om hen heen, zoals momenteel Rusland. Zij hebben het voor het zeggen in een zogenaamde door hen ‘geleide democratie’. Het gaat daarbij om macht en overheersing, vaak mede beïnvloed door geld. We ervaren momenteel hoe op de wereld mensen lijden onder de heerschappij van regimes die hen onder de duim houden of die hen willen onderwerpen.
En dan vieren wij, katholieken Christus Koning van het heelal. Zijn we met wat er in de wereld allemaal gebeurt daarbij niet wat onnozel bezig? Wat stelt dat voor? Wat heeft dat voor betekenis? Wat is dat voor een koning die -terwijl zijn aanhang onmachtig blijkt en Hem in de steek laat (behalve zijn moeder en de apostel Johannes) veroordeeld is tot de dood aan een kruis? Het is een vorm van terechtstelling van misdadigers? Zou het kunnen zijn, dat desondanks de manier van leven van Jezus mensen aanspreekt tot in het heden? Het is een manier die leven in zich draagt. Zijn basis is zijn Godsvertrouwen. God is zijn -en zoals Hij ons leert bidden- ook onze Vader in de hemel. Eenmaal onder ons is Hij mensbetrokken. De kern van zijn leven is zijn gevende liefde, die bestand is tegen kwaad en ondergang. Hij is niet bang zijn ‘leven te verliezen’. Juist daarom ‘wint hij het’. Hij ontfermt zich over medemensen, ieder in de eigen levensomstandigheden: de zieke en gehandicapte, de bezetene, de niet geziene en verwaarloosde, de buitengeslotenen; zijn tijdgenoten die onder onnodige voorschriften gebukt gaan. Hij is voorstander van ‘de vrijheid van de kinderen Gods’. Hij nodigt uit Hem na te volgen en zo tot leven te komen. Tot volwaardig leven te komen is dat niet hetgene waarnaar iedere mens ten diepste naar verlangt? Is dat zo? Laten we ervan uitgaan, dat iedereen, die ter wereld komt, gezien, gehoord, erkend en gewaardeerd wil zijn. Zelfs degene die het slechte pad op gaat, lijkt erop uit te zijn als persoon gezien en erkend te worden. Tegelijk ervaart iedereen, dat het in het leven niet allemaal rozengeur en maneschijn is, dat het de verkeerde kant op kan gaan, dat er kwaad is waarin mensen gevangen kunnen worden; dat ons bestaan zijn eisen kent en onze inzet vraagt. God komt ons daarbij tegemoet in de menswording van zijn Zoon, die met ons het leven deelt, Koning in dienstbaarheid. ‘Mijn rijk is niet van deze wereld’ zegt Jezus. Het is geen rijk waarin macht een overheersende factor is maar beschikbaarheid en liefde, die zich geeft. Hij is daarin erkend door zijn Vader in de hemel. Met Pasen stond Jezus op uit kwaad en dood. Leven heeft bij God het laatste woord. In die sfeer vieren wij Jezus Christus koning van het heelal. Als we in Hem geloven, ons aan Hem toevertrouwen, hem proberen na te volgen is zijn leven, Gods leven in ons. Mogen wij van die mensen zijn en zo onze wereld en medemensen dienen. Amen

VOORBEDE

Misintenties:

Bidden we voor de levende leden van onze Eyser zangkoren. Dat ze het plezier in het zingen en de onderlinge kameraadschap, die het gevolg ervan is, zullen blijven koesteren; dat ze hun bijdrage blijven leveren aan de intensiteit van onze vieringen en van ons bidden. Bidden we voor de overledenen leden van onze koren, dat zij mogen zijn in Gods vrede.

Bidden we voor de vrede. Dat de plannen die onze wereldse machthebbers de waarde van de volken in takt laten. Dat ze hun eigen macht niet uitbuiten, maar dat zich in dienst stellen van waarheid, gerechtigheid en veiligheid. Laat ons bidden.

Emiritus pastoor Reijnen

 

30 maart 2025: 4e zondag van de veertigdagentijd C

By Preken

Herinneren jullie je nog wat ik aantal maand geleden in mijn overweging heb gezegd? Ik sprak over een mooi spreekwoord uit mijn taal: “Het jongste kind is altijd het liefste, maar ook het moeilijkste.”

Daar ben ik het niet helemaal mee eens. Ja, wij jongsten kunnen net zoals alle kinderen op sommige momenten lastig zijn, dat klopt. Maar vaak kijken we veel af van onze oudere broers en zussen. Meestal maken zij de fouten en worden wij er de dupe van. Dat kan ik echt beamen, want ik ben zelf de jongste van vier broers – een echte getuige!

Beste mensen, De lezingen van deze zondag gaan ook over broers, maar in een andere context. De Veertigdagentijd roept ons op om ons voor te bereiden op Pasen, maar ook om na te denken over een diepere vraag: Wie is God eigenlijk? De lezingen van vandaag helpen ons om een antwoord te vinden op deze fundamentele vragen: Wie is God? En wat is Zijn ware identiteit?

De eerste lezing komt uit het boek Jozua. Jozua, de oudste van zijn familie, leidt het volk Israël naar het Beloofde Land, nadat zij veertig jaar door de woestijn hebben gezworven. Ze staan op het punt om het land Kanaän binnen te gaan. Maar voordat ze dit doen, vieren ze eerst feest: het Paasfeest, een herdenking van Gods bevrijding.

Dit klinkt bekend, toch? Net als bij de Limburgers: eerst feestvieren en dan de volgende stap zetten! Hier laat God zien wie Hij is: een God die niet alleen met hen was in hun lijden en pijn, maar ook in hun vreugde en overwinningen. De woestijntijd is voorbij, en het manna (dat is een soort noodvoedsel) houdt op, want nu mogen ze eten van de vruchten van het land. Dit is een belangrijk beeld: God blijft bij ons, in moeilijkheden én in vreugde.

In het evangelie komen we opnieuw twee broers tegen. Dit beroemde verhaal van de verloren zoon openbaart opnieuw de identiteit van God.

De jongste zoon, de ‘lastige’, vraagt zijn erfdeel op en verlaat zijn huis. Hij maakt fouten, raakt alles kwijt en eindigt in totale armoede, hongerend tussen de varkens—een dieptepunt voor een Joodse jongen. Maar in zijn ellende komt hij tot inkeer en besluit hij terug te keren naar zijn vader. Tot zijn verbazing wordt hij niet gestraft, maar juist met open armen ontvangen.

En dan hebben we de oudste broer. Hij heeft altijd trouw gewerkt en de regels gevolgd. Maar als hij ziet hoe zijn jongere broer feestelijk wordt onthaald, wordt hij boos en jaloers. Hij begrijpt niet waarom zijn vader zo barmhartig is.

Hier openbaart Jezus de ware identiteit van God: God is niet alleen rechtvaardig, maar bovenal barmhartig. Hij is een Vader die niet met een streng oordeel wacht, maar die (als het ware zijn liefdevolle hart opent en) met open armen naar ons toe komt. Net zoals Hij met het volk Israël in de woestijn was in tijden van pijn, zo deelt Hij nu ook de vreugde van het thuiskomen.

Laten we onszelf eens afvragen: op wie lijken wij het meest?

Soms lijken we op de jongste zoon. We maken fouten, kiezen onze eigen weg en verdwalen. Maar de Vader wacht altijd op onze terugkeer.

Soms lijken we op de oudste zoon. We doen ons best, zijn trouw, maar voelen ons jaloers of verongelijkt als iemand anders barmhartigheid krijgt. Ook dan nodigt God ons uit om te begrijpen dat Zijn liefde oneindig is, voor iedereen.

Deze zondag, halverwege de Veertigdagentijd, nodigt God ons uit om Zijn liefde te omarmen. Hij is de Vader die ons tegemoet komt, of we nu de oudste of de jongste zijn. **Zijn identiteit is liefde en barmhartigheid.

Mogen wij die liefde in ons hart laten groeien, zodat we zelf barmhartige broers en zussen

Kapelaan Siju