Preken

Zondag 28-4-2019: 2e zondag van Pasen.

By 29 april 2019 No Comments

Lezingen: Handelingen 5, 12-16; Apocalyps 1, 9-11a.12-13.17-19; Johannes 20, 19-31.

Het is opmerkelijk, beste mensen, dat ondanks de dood van Jezus het leven in van de eerste christengemeenschap verder gaat. Je zou verwachten, dat met de kruisiging van de stichter het met de nieuwe beweging afgelopen zou zijn. Dat was in het verleden wel vaker gebeurd. De beweging wel langzaam maar zeker doodbloeden.  Maar het tegendeel mis het geval.  De boodschap van de vrouwen aan de leerlingen  op de paasmorgen over het lege graf gaan en dat Jezus leeft, vindt gehoor. Ook Petrus en Johannes bezoeken het graf  en komen tot de conclusie dat hetgeen de vrouwen hebben verteld juist is. Maar het moest op de Paasmorgen wel nog tot hen doordringen. Herinneringen aan Jezus, die voorspeld had dat hij veel zou moeten lijden, door zijn tegenstanders gedood zou worden maar na drie dagen zou verrijzen komen naar boven. Het tot geloof komen gebeurde niet zonder slag of stoot.De leerlingen, verzameld met de moeder van Jezus in een bovenzaal hielden de deur op slot, uit vrees voor hun tegenstanders en de overheid. Twee leerlingen waren uit  de stad weggevlucht en op weg naar Emmaüs. Apostel Thomas vertegenwoordigde de leerlingen die bij de verhalen van Jezus’ verrijzenis zo hun vragen en bedenkingen hadden: was de Jezus wiens verrijzenis sprake was wel dezelfde als de Jezus die met hen op deze aardbodem had rondgewandeld?  Dat zouden ze toch moeten kunnen zien aan de littekens die hij in handen, voeten en zijde droeg. Van de kant van de hogepriesters en oudsten bleef de tegenstand in de vorm van vervolging, gevangenschap en zelfs de dood van kopstukken uit de kring van de leerlingen –denk aan de steniging van diaken Stefanus. Ondanks dat gaat het verhaal van Jezus verder in de eerste gemeenschap van christenen in Jeruzalem. Men neemt de manier van leven van Jezus aan:  Een man als Stefanus vervloekt zijn tegenstanders niet, maar net als Jezus bidt hij voor hen. Petrus helpt een verlamde bedelaar overeind, zodat hij weer kan lopen. De beruchte christenvervolger Saulus komt tot inzicht komt dat Jezus het met zijn manier van mens zijn bij het rechte eind heeft Hij bekeert zich en heet voortaan Paulus.  Hij wordt een fervent verkondiger  van de Goede Tijding van Jezus. De eerste christenen nemen aanwijzingen van Jezus over. Ze waren in hun gezamenlijk geloof één van hart en ziel, ze hielden zich hielden aan de leer van de apostelen, ze kwamen samen in een gedeelte van de tempel om er te bidden. Ze deelden leven en goed met elkaar. In de ‘eigen-aardige’ ontmoetingen met de opgestane Jezus wordt het verlangen van Thomas vervuld. Hij mag zijn handen leggen op de littekens van Jezus. De gekruisigde Jezus blijkt dezelfde als de verrezen Jezus. Thomas komt tot de belijdenis ‘mijn Heer en mijn God’. En met het oog op de generaties van christenen door de eeuwen heen, krijgt hij wel te horen: ‘zalig zij, die niet gezien hebben en toch geloven’. Iedere tijd heeft zijn eigen geloofsgeschiedenis. Ook wij. Maar wie wij christenen nu zijn,  wat we geloven, hoe we ons gedragen vindt nog altijd zijn basis in de leer van de twaalf apostelen. Als christenen van nu moeten we, net als toen in Jeruzalem, ons toe vertrouwen aan die goede tijding, dat kwaad en dood niet het einde zijn.  Het gevolg ervan is dat we ook proberen naar de aanwijzingen van Jezus te in liefde te leven. Dat is niet altijd simpel. In Jeruzalem komt al spoedig de klad er in. In plaats van delen met elkaar waren er die op de eerste plaats voor zichzelf zorgden. Ze moesten nog leren dat het opstaan van Jezus uit de dood inhield een opstaan uit egoïsme en eigenbelang. Dat geldt voor alle tijden:

Eensgezindheid in geloof betekent nog steeds net als toen betrokkenheid op
de medemens in liefde en zo ook op God.

 Indien dat gebeurt werkt de opstanding van Jezus door in degenen, die waarachtig in Hem geloven En dat tot hun eigen vreugde en die van anderen. Amen. AR