Preken

Zondag 26-11-2017: Feest van Christus Koning.

By 26 november 2017 No Comments

Begin van de vorige eeuw kwamen er nationaalsocialistische en fascistische stromingen op in Italie, in Duitsland en andere Europese landen.De RK Kerk heeft toen een tegenwicht willen geven door te stellen dat onze enige echte leider Jezus Christus is. Deze actie heeft de verschrikkingen van de WO II niet kunnen verhinderen. En dictaturen zijn er nog steeds; niet alleen in dictatoriale landen, maar soms is er ook sprake van dictatuur in de straat of buurt of van pressiegroepen. Als wij vandaag het feest vieren van Christus, Koning van het heelal, onze leidsman, dan doet de Kerk dat door te vertellen over een herder en zijn schapen. Het Evangelie stelt dat je ook anoniem veel goed kunt doen. ‘Wat je aan de minste der Mijnen hebt gedaan, dat heb je aan Mij gedaan’, zegt Jezus. De lezingen van dit feest gaan niet over onderdrukking, niet over hoog en laag in rang. Je kunt zeggen: het is een boodschap van gelovige democratie: alle mensen zijn gelijk: hongerigen, dorstigen, naakten, vreemdelingenn, zieken en gevangenen. Met deze verhalen uit de Bijbel worden we onmiddellijk in de rauwe realiteit geplaatst. Jezus Christus laat zijn ware gezicht zien in mensen die zich garant stellen voor een medemens. Waarom? Omdat niemand het recht heeft zich boven een ander te stellen. Die ander is immers mens zoals ik mens ben. Het is niet voldoende het gebod in acht te nemen: ‘Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doet dat ook een ander niet’. Dat is minimalistisch en negatief gesteld. Het gaat veeleer om de liefde tot onze naaste, omdat zij of hij is zoals ik ben. Wij zijn gelijkwaardig, met al onze verschillen. Wat het leven van de zieke, vreemdeling, arme of gevangene nu zo moeilijk maakt, kan ook mij overkomen. Als wij in dit besef met elkaar omgaan, is er geen sprake meer van hoog of laag, maar staan we met zorgzaamheid en mededogen naar elkaar gekeerd. Maar deze zienswijze en deze opvattingen zijn nog geen gemeengoed in de wereld waarin wij leven. Zover is het nog lang niet. Daarvoor moet nog ontzettend veel gebeuren. In de media, maar ook in onze naaste omgeving zien we nog te veel voorbeelden van hoe het niet moet zijn. Lijken onze leiders op de goede herder zoals de profeet Ezechiel hem tekent? Nemen ze het op voor kwetsbaren en zwakkeren in de samenleving of willen ze vooral zelf scoren en zijn ze uit op persoonlijke glorie? We moeten echter niet alleen kijken naar onze leiders, maar ook naar onszelf. We mogen ons afvragen: hebben we zelf voldoende oog voor wie tussen wal en schip dreigen te vallen of al gevallen zijn? We kunnen ons niet verschuilen achter de sociale voorzieningen van de overheid. Want van die kant worden we dringend uitgenodigd tot participatie in de zorg voor elkaar, tot mantelzorg en vrijwilligerswerk enz . Als we ons eenzijdig blijven beroepen op onze autonomie, onze vrijheid als individu en ons niet willen binden aan een gemeenschap, vereniging of groep die zonder onze hulp niet kan bestaan, wat betekent dan ons gelovig zijn? Wat we voor eigen partner, kinderen, familie of vrienden zonder aarzelen doen, zouden we dat – als het ons gevraagd wordt – ook niet kunnen doen voor anderen? Het feest van Christus Koning nodigt ons niet alleen uit om Hem eer te brengen als onze herder en leidsman en de spil van ons leven. Dit feest wijst er ons ook op hoezeer wij fundamenteel op elkaar betrokken zijn. De een mag geen macht uitoefenen over de ander. Allen hebben wij dezelfde God en Vader en zijn wij broeders en zusters van elkaar. Die spirituele democratie is bedoeld om ons dichter bij elkaar te brengen, in sympathie en zorg voor elkaar. Want onze Herder wil dat al zijn schapen veilig zijn. De Mensenzoon – zoals Jezus zich vaak noemt – wil dat er voor iedereen een minimum aan levensruimte is: bed, bad en brood. Hij wil mensen die zich daar – ook anoniem – voor inzetten. Dat is een hele uitdaging. Wij vragen ons misschien wel eens af aan welke kant wij straks staan, als de koning zijn oordeel uitspreekt. Zegt Hij tegen jou of mij: ‘Je beseft het misschien niet, maar toen jij die asielzoeker en zijn gezin bent gaan helpen om wegwijs te worden in onze samenleving, toen heb je Mij opgenomen. Toen jij eten bent gaan ophalen voor de Voedselbank, heb je voor Mij eten gehaald. Toen jij die acceptgiro’s hebt ingevuld voor mensen in nood, heb je Mij uit de sores gehaald’. Natuurlijk willen we allemaal aan de goede kant staan, maar soms belanden we door omstandigheden aan de verkeerde kant. Het maakt wel uit of we ons daarvan bewust zijn. Als we alleen maar denken aan winst en eigen voordeel en niet aan de gevolgen die het heeft voor onze naaste, dan horen we thuis in de groep waartegen de Heer zegt: “Je beseft het misschien niet, maar toen je zo fel geageerd hebt dat asielzoekerscentrum, heb je Mij weer de straat op gestuurd. En toen je niet tevreden was met een winstmarge van 10% en je fabriek verplaatste naar een lageloonland, heb je Mij het brood uit de mond gestoten.’ Laten wij dus bidden om de moed en de kracht om met Christus mee te werken aan zijn opdracht goede herders te zijn voor elkaar en onze wereld meer leefbaar te maken voor iedereen. AMEN