Preken

Zondag 21 januari 2018: 3e zondag door het jaar B 2018

By 22 januari 2018 No Comments

Lezingen: Jona 3, 1-5.10; 1 Korintiërs7, 29-31; Marcus 1, 14-20

Beste mensen, we kunnen voor opgaven komen te staan waar we als een berg tegen opzien. Bijvoorbeeld: De gang naar de huisarts terwijl je bang bent dat je iets ernstigs mankeert; het loslaten van een baan als je met pensioen gaat, terwijl je er gehecht was, mede vanwege de contacten die je erdoor had; het moeten verlaten van je huis waar je jarenlang gewoond hebt; mensen met elkaar moeten proberen te verzoenen om erger te vermijden.Afbeeldingsresultaat voor jona nineve Zo zag de profeet Jona er als een berg tegen op naar de grote stad Nineve te moeten gaan, om de mensen daar tot gedragsverandering te bewegen. De meeste inwoners trokken zich n.l. van God noch gebod wat aan en de sociale verantwoordelijkheid voor elkaar lag in duigen. Jona voelde aan dat hij daar wat aan moest gaan doen. Hij voelde dat als zijn bestemming, als een opdracht van God. Hij moest de inwoners van de stad proberen te bewegen zich te bekeren tot een andere manier van leven. Aanvankelijk deed Jona het tegenovergestelde. Hij zag zo tegen de opgave op, dat hij ervoor op de vlucht ging, precies de tegenovergestelde kant van waar Nineve lag. Maar uiteindelijk was hij er toch mee gebaat te doen wat hij doen moest. Dat is zo eigenlijk met iedere mens, uiteindelijk ben je ermee gebaat te doen datgene waarvan je aanvoelt dat wat je moet doen; doen waartoe je geroepen bent. Met lood in de schoenen trok Jona ten slotte toch maar naar Nineve. Maar eenmaal daar aangekomen voelde hij zich sterk, omdat hij beantwoordde aan wat hij moest doen. Hij riep de inwoners op zich te bekeren en warempel wat hij niet verwacht had gebeurde toch, ze gaven gehoor aan zijn woorden, de koning voorop Ze hadden spijt, deden boete en veranderden van levensinstelling en levenspraktijk. Missie geslaagd, zouden we zeggen. Zo kwam Jona toe aan de taak die hij als profeet had: te ondersteunen wat goed is en op te roepen tot bekering en gedragsverandering bij degenen, di afbreuk deden aan leven en samenleven. De geschiedenis van Jona, aangevuld met nog het Evangelieverhaal van vandaag, geeft te denken. Jezus begint zijn openbaar optreden: ‘De tijd is vervuld en het Rijk Gods is nabij, gelooft in de blijde boodschap’ of letterlijk ‘goede tijding’. Het begin is daar, er kan een menswaardiger wereld ontstaan. Het is van de kant van Jezus een uitnodiging om een betere ,door God bedoelde wereld, te dienen. Jezus heeft daar gemeenschap voor nodig van ‘mensen van goede wil’. Geloven in Hem is geen privé zaak maar speelt zich af in een gemeenschap van gelovigen. Hij loopt langs het meer van Galilea en ziet vissers bezig met hun werk.Gerelateerde afbeelding Jezus nodigt hen uit: ‘Kom en volg mij en ik zal van jullie vissers van mensen maken’. En zoals Jona pas op de duur , geven Simon, Andreas, Jacobus en Johannes gevolg aan Jezus’ uitnodiging, trekken met Hem mee en gaan bij Hem in de leer. De mentaliteit die in Jezus was om mensen te dienen en heilzaam voor hen zich te gedragen nemen ze langzaam mar zeker over. Later zullen zij, en eigenlijk alle die in Hem gelovigen, worden uitgestuurd om wereldwijd de Goede Tijding verder te brengen. Het betekent overigens niet dat de vissers hun beroep helemaal op geven. Jezus gaat soms mee het meer op als de leerlingen op visvangst gaan. Maar de bedoeling is duidelijk: mensen zijn van Godswege bestemd tot saamhorigheid en solidariteit en onderlinge liefde. In onze een wereld is de neiging aanwezig dat ieder voor zichzelf leeft. Als christenen zette we daar andere accenten tegenover. We zijn geroepen tot samenhang, ons bewust dat we bij elkaar horen en verantwoordelijkheid voor elkaar dragen. Dat kun je ook laten zien aan de manier waarop je lid bent ven een vereniging als de schutterij. We zijn geroepen om te werken aan een wereld waarin gerechtigheid en liefde tot bloei kunnen komen. Zo kunnen we als christenen heilzaam aanwezig zijn in onze vaak verwarde en zoekende wereld. De oproep va Jezus ‘kom en volg mij, is gericht aan ons allen’, welk werk we ook doen, welke levensstaat we ook hebben gekozen.