Preken

Zaterdag 20 januari 2018. Jezus zegt: “de tijd is rijp”.

By 22 januari 2018 No Comments

Ons leven verloopt als een golfbeweging, zo lijkt het. We zijn de financiele crisis te boven nu de economie weer aantrekt. Als er in de samenleving te veel gedoogd wordt, worden de teugels strakker aangehaald als het fout gaat. Ons leven, heel de natuur en zelfs de maatschappelijke ontwikkeling lijkt een cirkelgang. Alles is al eens gezegd, alles herhaalt zich. Er is niets nieuws onder de zon. Zo hoor je vaak zeggen en zijn we misschien zelf ook geneigd te denken. Dat is geruststellend. Dan verschijnt Jezus op het toneel, zo vertelt Marcus, en wordt het anders. Johannes de Doper wordt opgepakt, gevangen gezet en hij zal daar niet meer levend uitkomen. Op dat moment begint Jezus aan zijn werk, voortvarend, enthousiast en zelfverzekerd. Het eeuwige ritme van laag en weer omhoog wordt doorbroken. ‘Gods Koninkrijk is nabij!’, zegt Hij en dat is niet iets van: alles blijft bij het oude. Gods Koninkrijk is niet eerder vertoond. Het is geen zaak van straks of een visioen voor de toekomst. Nee, het begint nu en de tijd is rijp. Het is de oogsttijd van God. Om te laten zien dat het geen loze praat is, gaat Jezus op een stelletje vissers af en roept hen Hem te volgen. Ze zeggen niet: ‘Man, maak dat je wegkomt en val ons niet lastig. Jouw praatjes hebben we al eerder gehoord’. Marcus vertelt: ‘Ze lieten hun netten, hun oude ideeen in de steek en gingen met Hem mee.’
Geldt dat ook niet voor ons? Als de tijd rijp is en onze medewerking gevraagd wordt, dan moeten we onze verantwoordelijkheid nemen. Als de appels rijp zijn, roepen ze a.h.w. ‘pluk ons’. Als we de buurvrouw zien haspelen met haar rollator, dan roept ze: help me, zonder dat ze een woord zegt. Een kind roept: ’Leer me hoe de wereld is. Geef me onderricht en voed me op’. Een zieke zegt met zijn blik: ‘Laat me niet in de steek. Blijf bij me!’ M.a.w. De hele dag worden wij geroepen zonder dat er een woord te horen is. We zien het gewoon.
Als christenen zijn we in staat te zien waar de tijd rijp is om aan de slag te gaan, waar we dat Koninkrijk van God ogenblikkelijk kunnen beginnen. In de praktijk valt dat echter niet mee. Immers vertrouwde paden verlaten en bepaalde praktijken opgeven, zit ons niet in het bloed. Je netten uit je handen laten vallen, uit je boot stappen en dan op weg gaan, God weet waar naartoe, dat is misschien teveel gevraagd. Daarom horen we in het Evangelie regelmatig dat Jezus blinden geneest, niet alleen v.w. een lichamelijke handicap, maar ook om mensen de ogen te openen die niet zien dat de tijd rijp is. Jezus geneest ook dove mensen, die niet horen dat ze geroepen worden, zich oost-indisch doof houden en gewoon de andere kant opkijken. Dan houd je je uit de wind. Dan hoef je je vertrouwde pad niet te verlaten. Immers het oude komt toch telkens terug, denken we.
Maar zoals Johannes de Doper niet meer terugkomt – hij wordt nl. in de gevangenis onthoofd – zo komen ook de middeleeuwen en kruistochten niet meer terug. De jaren vijftig of de volle kerken, ze komen niet meer terug. De tijd gaat verder en de geschiedenis herhaalt zich niet, want dan zou alles voorspelbaar zijn. Met de komst van Jezus heeft zich een nieuw tijdperk aangediend. Hij vraagt mensen: ‘Wat wil je dat Ik voor je doe?’. Hij dwingt mensen niet, maar bevrijdt en verlost hen uit situaties waarin ze opgesloten zitten. Zoals de vissers hun netten laten liggen en met Jezus mee gaan, zo breekt er met zijn komst een nieuwe tijd aan, een nieuwe manier van omgaan met elkaar.Afbeeldingsresultaat voor vissers van mensen maken Voor we dit Evangelie over het roepen van de eerste leerlingen als een sprookje opzij schuiven, is het noodzakelijk ons te realiseren dat Marcus geen historisch verslag heeft willen schrijven. Door deze manier van vertellen wil hij zijn lezers erop wijzen dat wat Jezus preekt en doet zo belangrijk is dat je geen seconde verloren mag laten gaan. Des te opvallender is het dat Jezus voor het verspreiden van zijn boodschap geen hoogopgeleide en gekwalificeerde medewerkers kiest. Niet in het godsdienstig centrum Jerusalem, maar in het buitengebied, in Galilea aan het meer van Tiberias zoekt Hij medewerkers. Hij gaat af op enkele vissers, heel gewone mensen, laagopgeleid zeggen wij tegenwoordig. Maar Jezus ziet iets in hen. Hen schakelt Hij in bij zijn opdracht. Hij vraagt niet het onmogelijke, maar zegt: ‘Kom, volg Mij. Ik zal van jullie vissers van mensen maken!’ M.a.w. ‘Blijf maar die je bent; doe wat je altijd gedaan hebt, maar doe het in het vervolg anders!’ Hij bevestigt in hen wat goed is en bouwt verder op de kwaliteiten die ze reeds bezitten. De tijd is rijp.
Ook in onze dagen is Gods stem hoorbaar voor wie ze horen wil. Het Rijk van God is niet onbereikbaar ver weg. Kinderen roepen om aandacht en bescherming, een veilig thuis en voorbeelden waaraan ze zich kunnen spiegelen. Zieken roepen: laat ons niet in de steek. Vluchtelingen kijken ons aan in de hoop dat wij niet verblind zijn door angst. Alleenstaanden en buren vragen: ‘Mag ik bij jou schuilen, als ik dat nodig heb?’ We beseffen: er is nog zoveel te doen, nog zoveel te geloven bij de verdere opbouw van dat Rijk van God. We kunnen natuurlijk op de vlucht slaan of ons doof houden, als God ons roept zoals Jona.Afbeeldingsresultaat voor jona nineve Maar daar worden we niet gelukkiger van. Als Jona gehoor geeft aan Gods roepstem en zijn boodschap vertelt aan de inwoners van Nineve, heeft hij succes. Na alles wat hij zelf heeft meegemaakt, weet hij als geen ander wat de gevolgen zijn als je Gods geboden naast je neerlegt en je naaste onrecht doet. Zijn verhaal komt over en de mensen van Nineve komen tot inkeer. God voert zijn dreigement niet uit, maar spaart de stad en haar bewoners. Jona die meent dat hij zich belachelijk heeft gemaakt met zijn boodschap, wordt boos en zit tegen God te mopperen. Als een kleine ricinusboom die hem beschermde tegen de zon plotseling verdort, ontploft hij. Maar God die zijn gemopper zat is zegt: ‘Jij maakt je kwaad dat dat boompje waar je niets voor hebt hoeven te doen dood is gegaan. Begrijp je dan niet hoezeer de mensen van Nineve Mij ter harte gaan en hoe blij Ik ben dat Ik hen niet hoefde te straffen, zodat ze in leven blijven?’.

Moge de H. Geest ons genezen van verblinding, doofheid, angst, gebrek aan moed en alles wat ons verhindert om gehoor te geven aan Jezus’ roepstem. Immers de tijd is rijp. AMEN.