Preken

levenslang verlies bij moord of doodslag…

By 13 juni 2016 No Comments

Beste mensen,
De vraag die vandaag aan de orde is hoe wij omgaan met het kwaad, dat we tegenkomen, het kwaad van anderen en ons eigen kwaad?   Vorige week was een van gebroeders Anker van het advocatenkantoor uit Leeuwarden op de tv. Of het Hans of Wim was kon niet worden vastgesteld want ze zijn een eeneiige tweeling. Ze zijn van protestants-christelijke huize, kwamen met hun ouders en komen na hun overlijden nog steeds op vakantie in Slenaken, en deden mee in de vieringen in de katholieke kerk. Welnu, de Tv-uitzending waarin een van de twee optrad ging over het omgaan met levenslang gestraften. Hans (of Wim) pleitte ervoor om na het uitzitten van 25 jaar straf de vraag te stellen naar de zin van de voortzetting van levenslang. Er kan immers sprake zijn van veranderingen in positieve zin bij de gevangene. Nadenken over wat hij/zij gedaan heeft, toename van het berouw over wat hij/zij heeft aangericht, goed gedrag, geen gevaar voor herhaling. Het zijn   elementen die ertoe brengen de vraag te stellen of de gevangene niet in aanmerking komt vrij gelaten te worden, een nieuwe kans te krijgen om een plek in de samenleving te verwerven? Op de achtergrond speelt de gedacht mee, dat een mens ondanks zijn verkeerde daad niet volledig slecht is, méér is dan zijn daad en ten goed kan veranderen. Het is een gedachte die de mens in zijn waarde erkent, ook al heeft hij een misdaad begaan, die aanleiding gaf tot de opsluiting levenslang. Het is ook een gedacht die ondersteuning vindt in het Boek dat ons als christenen oriënteert, de heilige Schrift.

Natuurlijk vragen we gevoelens van nabestaanden om ontzien te worden. Ook zij hebben levenslang, bv. een levenslang verlies bij moord of doodslag. Maar toch. Zou  vergeving niet bij kunnen dragen aan de verwerking van ook hun leed en eerder tot innerlijke vrede kunnen leiden? Misschien meer dan als de dader levenslang gevangen blijft.

Uit de Bijbelverhalen van vandaag blijkt nergens, dat verkeerde daden goedgekeurd zouden worden. Integendeel, berouw, spijt, boete, zich neerleggen bij de straf komen aan de orde. Maar een mens is meer dan zijn verkeerde daad. Dat blijkt bv. uit het verhaal rond koning David, toch niet de geringste figuur in de Bijbelse geschiedenis.  Een beetje uitleg bij het verhaal van vandaag. Koning David ziet vanuit zijn paleis de vrouw van zijn trouwe soldaat en dienaar Uria baden en zonnen. Hij wil haar meteen bezitten en zorgt ervoor dat de generaal bij de strijd tegen de vijand Uria op een positie plaatst dat deze gemakkelijk kan sneuvelen. En dat gebeurt. Hij neemt Uria’s vrouw tot zich maar  is zijn integriteit en innerlijke vrede kwijt. De profeet Natan heeft geruchten gehoord en krijgt een ingeving, om David zelf zijn wangedrag te laten veroordelen. Hij vertelt David van een arme man die maar een schaap had, maar dat ene schaap wordt juist begeerd door een rijk man die er vele heeft. David ontsteekt in woede over het gedrag van die rijke en dan zegt Natan tegen hem: David, jij bent zelf die rijke man. Dan komt David tot inzicht van wat hij geeft gedaan, Hij erkent gezondigd te hebben tegen medemens en God, betuigt berouw, accepteert zijn straf en krijg de tijd van leven om het goed te maken. Dank zij zijn bekering wordt David een van de belangrijkste koningen van het volk van God. Hij was meer dan zijn ene grove fout.       Dan de vraag: hoe gaan mensen die in hun eigen ogen quasi volmaakt en braaf lijken met het kwaad van een ander om?  In het Evangelieverhaal krijgen we te maken met Farizeeën. Het waren uitgesproken vrome en wetgetrouwe mensen. Maar ze hadden de neiging zichzelf in hun vroomheid in de lucht te steken en aarzelden dan niet op anderen neer te kijken. Ze veroordeelden degenen die tegen de Wet van Mozes zondigden, zagen niets goeds in zulke mensen en gingen de gewone mens uit de weg. Ze vonden zichzelf uitstekende mensen en zagen niet dat hun hoogmoed hun eigen kwaad was. Op bezoek bij een farizeeër komt Jezus in een situatie te verkeren, dat een vrouw met een slechte reputatie in de stad een ritueel aan Jezus voltrekt met een diepe betekenis, balseming vooruitlopend op Jezus’ dood. Jezus laat het gebeuren, de vrouw is meer dan haar kwalijke reputatie. Jezus keurt die niet goed, maar in hem vindt de vrouw vergeving, een nieuwe kans. Haar zich toevertrouwen aan Jezus heeft haar gered. Jezus is voor haar barmhartig als God. Zij mag in vrede gaan. Hoe gaan om met het kwaad. Moeten we voor elkaar niet zo goed als God zijn tot wie we bidden: ‘vergeef ons onze schuld zoals ook wij aan anderen hun schuld vergeven?

11e ZONDAG DOOR HET JAAR C 2016
Lezingen: 2 Samuël 12, 7-10.13; Galaten 2, 16.19-21; Lucas 7,36-8, 3.