Zondag 10-2-2019: viering H. Agatha.

By | Preken

LEZINGEN: Jesaja 6, 1-2a.3-8; 1 Korintiërs 125,1-11; Lucas 5, 1-11

Beste mensen, Menigeen die betaald werk verricht zal dat doen met gevoel voor verantwoordelijkheid  en deskundigheid. Maar over het algemeen zal men zich niet helemaal in het werk in investeren. Men doet zijn werk om in het levensonderhoud of dat van het gezin te kunnen voorzien. Maar als de werkdag erop zit  gaat men graag naar huis en legt daar soms kilometers vooraf. Het werk vult niet heel het leven. Het gezin, maar ook hobby’s liefhebberijen, verenigingen zorgen er vaak voor, dat men daarin echt als mens tot zijn of haar recht komt. In mijn verleden als parochiepastor heb ik menige mijnwerker ontmoet, die tot leven kwam bij het spelen van muziek of het dirigeren van een muziekkorps. Voor menigeen was derhalve het zware werk onder in de mijn het middel om aan de kost te komen en dienstbaar te zijn aan de samenleving, maar het beoefenen van muziek was als het ware hun ‘roeping’. Muziekmaken deden ze  met hart en ziel, met passie. Daar hadden ze het nodige oefenen en de nodige repetities voor over. Het woord ‘passie ’kan ‘hartstocht’ beteken, maar ook ‘lijden’.  Er is samenhang tussen. Wat je met hartstocht doet kan inzet kosten, overgave, pijn doen. Men moet het nodige overhebben voor datgene waarvoor men werkelijk leeft, waartoe men zich geroepen voelt. Het neemt overigens niet weg dat er soorten werk zijn, die men met een gevoel van roeping en met de nodige passie verrichten kan. Denk aan leerkrachten, denk aan mensen werkzaam in de zorg. Maar denk ook aan mensen in de kunst, schrijvers, schilders, beeldhouwers en musici.

De Schriftlezingen van vandaag uit de profeet Jesaja en het Evangelie van Lucas kunnen ons wellicht doen aanvoelen wat ‘roeping’ eigenlijk is. Profeten deden menigmaal aanvankelijk een bepaald soort werk, bv. veerhouder, maar voelden aan, dat ze, als ze tot hun recht wilden komen, hun ‘roeping’ moesten volgen, om mensen op het goede pad te houden, d.w.z. het pad van respect voor God, de gever van het leven; en van solidariteit met elkaar. Dat stond ook al in de aanwijzingen van de zogenoemde ‘Tien Geboden’. Vanzelfsprekend was het gaan van de juiste weg niet,  zoals uit de geschiedenis van God met zijn volk blijkt. Wij, mensen, kunnen in de eigen vrijheid en verantwoordelijkheid, die we hebben gekregen, wegen gaan die afwijken van wat werkelijk goed voor ons is. De profeten voelden zich geroepen daar wat aan te doen, en moesten er vaak heel wat moeite (passie), maar ook afwijzing en lijden  (passie) voor over hebben.

Als de profeet Jezus optreedt is het ook zíjn bedoeling om mensen op het goede pad te houden. Hij kan dat niet alleen, maar heeft helper nodig, die hij o.a. vind onder de vissers aan het meer van Galilea of Gennesareth.  Zij zijn bezig met hun werk. Het uitwerpen van de netten op verzoek van Jezus moet symbolisch worden verstaan. De vissers hebben heel de nacht gezwoegd zonder iets te vangen.  Het ingaan op Jezus’ vraag levert op. Kijken we naar de geschiedenis van het Evangelie door de eeuwen dat zien we hoe perioden van een grote ‘vangst’ voor het Rijk van God uit alle naties rassen en talen afgewisseld wordt met perioden van neergang. Toch zijn er sinds de tijd van de apostelen door alle eeuwen mensen geweest, die –soms naast hun gewone werk- het als roeping hebben verstaan te werken aan het Rijk waarin  mensen goed zijn voor elkaar en daarbij de band met God, die goed is voor ons, niet verwaarlozen.  Als we vandaag de H. Agatha vieren, schutsvrouwe van onze parochie en van onze harmonie, vieren we een vrouw, die het Evangelie in de 3e eeuw na Christus heeft verstaan, op haar manier heeft ingevuld en zich met haar leven daarvoor met ‘passie’ heeft ingezet. Ze stierf de marteldood (passie) op Sicilië in 254. Door haar passie wordt haar naam nog altijd genoemd, wordt ze nog altijd vereerd, o.a. in Eys. Moge zij onze inspiratie zijn. AR

zondag 3-2-1019: Maria Lichtmis.

By | Preken

Vandaag komt het kerstgebeuren tot een afronding. Zo herinner ik me hoe in mijn jeugd de kerststal bleef staan tot na dit feest van Maria Lichtmis. Vandaag op de 40e dag van Jezus’ geboorte vieren wij een derde aspect van het mysterie van de openbaring van Jezus als Messias,. Eerst waren het de herders aan wie Jezus geopenbaard werd. Vervolgens de wijzen uit het oosten. Vandaag ontmoet Jezus voor het eerst zijn volk in de personen van Simeon en Hanna. Door de Geest gedreven is Simeon naar de tempel gekomen. En nog voordat het Kind Jezus aan Jahweh, God wordt opgedragen, draagt Simeon het Kind al in zijn armen. Hij voelt: dit is de beloofde Messias; hij weet: dit is de gezalfde des Heren en zegt: dit is het heil voor alle volken.
Waar moet je beginnen met opruimen, als kinderen of volwassenen er een puinhoop van hebben gemaakt? Vaak is het beste om maar in een hoekje te beginnen, zodat er langzaam maar zeker wat orde komt in de chaos en je het weer ziet zitten. Als je helemaal in het donker zit, is het zaak om ergens een lichtje aan te steken, zodat je je kunt oriënteren en de schakelaar ontdekt om de ruimte te verlichten. Maria en Jozef – zo vertelt Lucas – volgen gewoon de gebruiken van hun godsdienst. 40 Dagen na de geboorte brengen ze het Kind Jezus naar de Tempel, het huis van God. Ze volgen de gebruikelijke riten. Zo hebben onze ouders ons ook naar de kerk gebracht om gedoopt te worden. Tot zover niets bijzonders. Maar de ontmoeting met Simeon en Hanna maakt dit gebeuren bijzonder. Want Simeon zegt in wezen, dat God met dit Kind iets nieuws begint. God begint op een klein plekje van de aardbol met de bedoeling dat er op de hele wereld wordt ‘opgeruimd’  en orde geschapen. Je moet toch ergens beginnen. God  begint door in dit Kind een glimp  van Zijn licht te brengen. Hij wil met zijn licht mensen ontmoeten. Aan ons de vraag of wij Hem willen ontmoeten?  Maria en Jozef zullen wel geschrokken zijn. Immers wat wordt er allemaal gekoppeld aan hun Kind dat amper 40 dagen oud is! Zij hebben enkel de bedoeling Hem aan God toe te wijden. Onze ouders hebben dat bij ons Doopsel ook gedaan. En wat is er van ons geworden?  Wat gebeurt er als je aan God wordt toegewijd en er helemaal naar gaat leven? In de oude Simeon zien we een sprekend voorbeeld: hij is niet voortdurend bezig met zichzelf, klaagt niet over zijn oude dag, etaleert niet al zijn pijntjes en kwaaltjes. Hij is gefascineerd door deze  twee jonge mensen en ziet in dit kind een nieuw begin. De stokoude Hanna kan alleen nog maar bidden en dankt God om de geboorte van dit nieuwe leven. Dit Kind, 40 dagen oud, is een teken van hoop en wekt nieuw vertrouwen. Simeon spreekt een zegen uit over dit Kind en zijn ouders, maar zijn woorden zijn vol contrast: ‘Dit Kind is ook bestemd tot een teken van tegenspraak, opdat de gezindheid van vele harten openbaar moge worden’.  Welke de gezindheid van Jezus is maakt het vervolg van zijn levensverhaal  ons duidelijk: Hij zal een leven leiden dat volledig beheerst wordt door liefde tot zijn hemelse Vader en tot zijn naasten. Een manier van leven die desondanks de nodige weerstand oproept.  Al roepen wij met zijn allen dat die Man uit Nazareth het bij het rechte eind heeft gehad, toch komt er aan het licht wat Simeon heeft voorzegd: de gezindheid van velen wordt openbaar. Zolang wij alleen maar praten over Jezus-en-zijn-boodschap en het Evangelie naar onszelf toe uitleggen en snijden op onze maat, zolang zal er niets wezenlijks veranderen. Als Jezus’ woorden echter ons hart raken en wij in beweging komen om onrecht aan te wijzen en waar mogelijk te corrigeren, dan lijkt het alsof het Licht uit de tempel zich tegen ons keert. Dan blijkt dat het Evangelie ook een zwaard kan zijn, dat mensen in hun ziel treft. De Geest die Simeon en Hanna ertoe aanzette om naar de tempel te gaan en uit te zien naar dit Kind, is ook de Geest die Maria en Jozef gaande heeft gehouden, door alle licht en donker heen. Maria kon zien, soms even, dat in haar Kind de zegen van de Eeuwige concreet werd en het heil inderdaad onder de mensen werd gebracht.  Ook  wij zijn geroepen om licht te dragen!  Wij worden geroepen om licht te brengen waar het donker is, daar waar mensen elkaars leven verduisteren. We kunnen soms niet veel doen, maar we kunnen wel het licht van onze toewijding brengen en het laten schijnen voor mensen die daarop zitten te wachten en daar naar uitzien. Het is vaak al voldoende, als we wat warmte brengen, want dat werkt aanstekelijk. Het maakt nl. dat anderen zelf ook weer wat warmte en licht brengen in onze verkilde samenleving.
Om die genade willen wij ook samen bidden.  AMEN

Zondag 27-1-2019: 3e zondag door het jaar.

By | Preken

Lezingen: Nehemia 8, 2-4a.5-6.8-10; 1 Korinthe 12, 12-30; Lucas, 1, 1-4; (4,14-21).

Er wordt tegenwoordig veel gesproken over ‘nepnieuws’. Dat doet de vraag rijzen: kunnen we tegenwoordig nog aan op de waarachtigheid van het nieuws dat ons wordt voorgeschoteld? Nepnieuws probeert, als ik het goed begrepen heb, ons met valse voorlichting op de hand van iemand te krijgen die bepaalde, verborgen belangen nastreeft? Nepnieuws probeert ons dus voor iemands karretje te spannen, is niet waarachtig ofschoon het zich wel als feit voordoet. Dat veroorzaakt wantrouwen. Nu zit er altijd wel enige interpretatie in wat men in nieuws te horen of te zien krijgt. Niet voor niets zijn er verschillende kranten, tijdschriften en TV-zenders. Ze kijken en berichten allemaal vanuit hun eigen gezichtshoek. Dat is normaal, dat weet ook iedereen bij enig nadenken.
Er zijn verschillende soorten nieuws, bijvoorbeeld: over uitvindingen op het gebied van wetenschap en techniek; er is nieuws over verkiezingen en over de politieke, maatschappelijke en economische situatie in de diverse landen in de wereld; er is nieuws over ons leefmilieu; nieuws over de verdeling van armoede en rijkdom; nieuws over oorlog en vrede, nieuws over de krachtsverhoudingen op aarde; er is nieuws over godsdiensten en over wat al of niet van deze tijd gevonden wordt. Zij hebben allemaal met ons leven te maken.
Iedere keer als wij bijeenkomen voor het vieren van ons geloof wordt er ook over allerlei zaken gesproken. Het is geen nieuws in de zin waarop wij dat woord tegenwoordig verstaan, nieuws zoals ons dat wordt voorgeschoteld in de krant of op de TV. Toch bedoelen de Bijbelverhalen  ons het nodige bij te brengen over onderwerpen die te maken hebben met waarachtig en goed leven als mens, als christen. De bijbel doet dat over het algemeen op een verhalende manier. Verhalen kunnen in alle tijden verteld worden en hebben ruimte, zodat iedere tijd zich kan afvragen: wat valt er voor ons uit te leren.
Hoe dat werkt zien we in de eerste lezing van vandaag uit de H. Schrift. De nakomelingen van de ballingen, eertijds versleept naar Babylon, zijn terug mogen keren naar hun land. Ze hebben in de vreemde zo goed en zo kwaad als het ging vastgehouden aan hun van godsdienst doorweven gewoonten en gebruiken en hebben elkaar hun thuisverhalen doorverteld. In onze situatie zouden we kunnen denken aan vluchtelingen, die na het ontstaan van rust, terug kunnen en willen terugkeren naar hun eigen land om dat weer op te bouwen. Ze waren elders vreemden, maar hielden vast aan hun eigen cultuur. Nu bevinden ze zich weer op eigen bodem, werken aan de wederopbouw en vinden er de oude boeken terug met verhalen waaruit hun geschiedenis was opgebouwd. Ze raken diep ontroerd als hen daaruit hardop wordt voorgelezen. Ze horen hun oude levensverhalen terug vol van wijsheid. Wat hebben ze deze gemist. Ze trekken er hun lessen uit voor een waardevol menselijk leven in de huidige tijd, verbonden met God en met elkaar.
In de Evangelies treedt Jezus op als een nieuwe profeet, die de kern van de oude verhalen benadrukt. Lucas gaat die verhalen nauwkeurig nog eens na want hij wil niet dat aan de mensen nepverhalen worden voorgehouden. Hij schrijft zijn bevindingen op ‘met de bedoeling de betrouwbaarheid aan te tonen van de leer waarin wij onderwezen zijn’. Bij alle nieuws, dat ons overspoelt, waarachtig en nep, kunnen we blijven rekenen op de wijze lessen omtrent waarachtig menselijk leven in de verhalen van het Evangelie Zij pleiten voor verbondenheid en betrokkenheid op elkaar, op God en op het achterwege laten van het kwaad. Het is jammer dat vele mensen mede door afnemend kerkbezoek de verhalen niet meer horen. Wellicht zullen ze ooit de verhalen terugvinden en ontroerd raken omdat ze daarin herkennen wat hen eigenlijk en ten diepste dierbaar is. Ik zou zeggen: blijf komen, ook als het moeite kost om tijd vrij te maken, om naar  het Evangelie te luisteren en ervan te leren. AR

zondag 20 januari 2019: doe maar wat Hij u zeggen zal.

By | Preken

Lezingen: Jesaja 62, 1-5; 1 Korintiërs 12, 4-11; Johannes 2, 1-12.

Er is soms meer aan de hand dan dat je op het eerste gezicht hoort, ziet of denkt. Een voorbeeld. Het protest van de zogenoemde ‘gele hesjes’ leek op het eerste gezicht tegen de prijsverhogingen het Frankrijk, geleid door president Macron. Intussen is het protest verschillende keren uit de hand gelopen en hebben raddraaiers er zich meester van gemaakt. Maar er zat bij de echte hesjesdragers nog een diepere achtergrond: het gevoel niet gezien te worden, over het hoofd gezien te worden, niet in tel te zijn. De welvaart nam toe, maar kwam de lagere inkomensgroepen niet ten goede. Er zat dus nog iets anders achter datgene wat op het eerste gezicht aan de oppervlakte kwam.

Zo is het vaker. Achter iemands verhaal of informatie gaat nog een wereld van gevoelens en ervaringen schuil. Dat is in de verhalen uit de heilige Schrift vaak niet anders. Zo ook vandaag in het wonderverhaal op de bruiloft van Kana. Op het eerste gezicht gaat het over de verlegenheid van een pas getrouwd stel op een bruiloft, dat gebrek aan wijn heeft. Jezus voorziet het stel vanuit de kracht van God die in Hem leeft, waarvoor niets onmogelijk is, van de beste wijn die men zich kon voorstellen. Groot wonder van Jezus. Maar in het verhaal staat ook nog het korte gesprek van Jezus met zijn moeder en –op het eerste gezicht- de afwijzing van haar voorstel. Het lijkt of Hij wil zeggen: Mam, waar bemoei je je mee. ‘Mijn uur is nog niet gekomen’. Daar voelt menige gelovige zich wat ongemakkelijk bij. Van Jezus verwacht je niet dat hij zo met zijn toch heilige,  God en hem toegewijde moeder omgaat. Er steekt dan ook iets anders achter. Sinds de komst ven Jezus gelden er nieuwe accenten in  de verhoudingen van mensen onderling. Het gaat om een familie van mensen, die naar de aanwijzingen van Jezus in  God geloven. De natuurlijke verhoudingen tussen ouders en kinderen zijn er uiteraard, en daartoe behoort, dat kinderen langzaam maar zeker opgroeien en door de ouders opgevoed worden tot zelfstandigheid. Ze gaan het huis uit richten hun eigen leven in, verwerven een eigen positie in de maatschappij. Niet langer zijn het de ouders die het leven van hun kinderen bepalen zoals in de kinderjaren. Dat is één. Bij Jezus was dat ook zo. Hij nam zelfstandig zijn  beslissingen. Maar vervolgens is er in  het Evangelie ook een zekere betrekkelijkheid van de natuurlijke verhoudingen. Elders in het Evangelie blijkt, dat het optreden van Jezus verschillende reacties kan oproepen. In de gezinnen kunnen er vóór- en tegenstanders van Hem zijn. Degenen, die in Jezus geloven en Hem willen volgen vormen a.h.w. ‘een nieuwe familie van in Hem gelovige mensen’. De profeet Jesaja droomde er al van (zie 1e Lezing). De opmerking van Jezus aan het adres van zijn moeder slaat nu juist daarop. Gezien haar loflied toen de engel haar kwam vertellen dat ze de moeder van Jezus zou worden; gezien haar gedrag verder tot onder het kruis van Jezus, hoorde Maria volop tot die nieuwe familie van gelovigen. Daarom kan ze ook zeggen tegen de opperschenker en zijn personeel: ‘doe maar wat Hij u zeggen zal’. Het komt wel goed.
Onze christengemeenschap behoort tot die ‘familie van God’, die in Jezus gelooft en zijn best doet Hem te volgen. Als we in gezinsverband of dorpsverband gezamenlijk  geloven geeft dan een verbreding aan onze onderlinge verhoudingen. We hoeven dan niet alleen naar elkaar te kijken wie en wat ons bevalt en wie en wat niet, maar kunnen ons samen ook oriënteren op het model van mens-zijn dat Jezus voorstaat. Daarin staan centraal: de liefde, die zich geeft aan God en aan de medemens. Volgens sommige m.n. psychotherapeuten is het wegvallen van het samen geloven de oorzaak van veel onenigheid, scheiding, op zichzelf leven en eenzaamheid. Het godsdienstige geloven blijkt zijn maatschappelijke waarde te hebben. Zou de afwezigheid, het gemis, daarvan misschien de verborgen achtergrond kunnen zijn van veel onrust in de ziel van mensen?  AR.

Zondag 13-1-2019: de doop van de Heer.

By | Preken

Lezingen: Jesaja 40, 1-5.9-11; Titus 2, 11-14 en 3, 4-7; Lucas 3, 15-16, 21-22.

Mensen van nu leggen een heel traject af voordat ze toekomen aan een productieve plek in de samenleving. We moeten leren, een vakopleiding volgen, praktijkervaring opdoen en als we dan een diploma of certificaat op zak hebben kunnen we solliciteren naar een baan. Aan dat traject, richting een baan, besteedt de samenleving veel zorg. Kijk maar eens wat een rumoer ontstaat als het onderwijs niet het vereiste peil bereikt. Kijk maar eens naar de zorgen die men heeft wanneer leerlingen vroegtijdig te school verlaten. De economie en alles wat daar omheen is, onze welvaart vragen om een degelijke, daaraan aangepaste vakopleiding.  De grote nadruk op het ‘professionele’ in de opleiding tot vak of functie heeft ook een nadeel. Zij lijkt niet (altijd) voldoende aandacht te besteden aan de vorming tot de mens als persoon. Levensbeschouwelijke vorming lijkt tijdens de opleiding vaak maar een aanhangsel te zijn.

Na de geboorte, de presentatie van Jezus in de tempel, zijn bedevaart met Maria en Jozef naar Jeruzalem, leggen de vieringen van vandaag de nadruk op de aanvang van zijn openbaar optreden met zijn doop in de Jordaan. Onderwijs en vorming waren in Jezus’ tijd sterk met elkaar verbonden. Er lag een grote nadruk op de kennis van de Joodse geschriften waaraan men lezen leerde:  de Wet van Mozes, de profeten en de Wijsheidsboeken. Het hándwerk leerden men aan de hand van een leermeester. Jezus heeft het vak van timmerman geleerd aan de hand van Jozef. Zo werden vroeger vele ambachten ook bij ons geleerd. De vader leerde het vak aan zijn zoon. Jezus heeft daarnaast echter een speciale roeping, zoals profeten zich speciaal geroepen voelden om te ondersteunen wat het leven van de mensen opbouwde; of aan te klagen wat het afbrak. Een blijk daarvan gaf de eerste lezing uit het boek van de profeet Jesaja met het goede nieuws dat God de altijd komende is die zich over zijn volk, dat voor Hem openstaat, ontfermt. Profeet zijn was een roeping. Profeten waren van verschillende afkomst. Amos, bijvoorbeeld, werd daarvoor achter de koeien vandaan gehaald. Johannes de Doper kwam uit de woestijn om het optreden van Jezus voor te bereiden. Hij riep op een nieuw leven te beginnen. Om  te onderstrepen, dat ze het met hem eens waren, lieten de mensen zich dopen in de Jordaan. Zij kregen daarbij ook concrete adviezen over wat hen te doen stond op de plek aar zij leefden en werkten.

Jezus liet zich door Johannes dopen en ondersteunde daarmee diens oproep tot bekering.  Bovendien liet Hij zichzelf zien als degene naar wie Johannes al verwezen n.l. had als iemand die zou ‘dopen met de heilige Geest en vuur’, m.a.w. een nieuwe bezieling zou brengen. Met zijn doop begon Jezus aan zijn openbaar optreden. Na zijn doop bidt Hij tot zijn hemelse Vader en wordt dan ondersteund vanuit de hemel, Gods Geest komt over hem en er klinkt een stem:  ‘Jij, mensenkind, bent mijn Zoon, de welbeminde, in jou heb ik mijn welbehagen’. Jezus wordt daarmee van Godswege aangesteld als de ‘gezalfde van God’. De evangelist Lucas geeft daarmee aan wie Jezus is voor degenen die in Hem geloven. Hij is voor ons licht op onze levensweg, waarheid waaraan we ons kunnen houden, bron van leven. Zijn Geest leeft ook in ons.

Voor ons, christenen, zal het erop aankomen ons in te spannen ons eigen doopsel waar te maken Daarin zijn we op de weg gezet om ons de manier van leven,  die Jezus ons heeft voorgehouden en voorgedaan, eigen te maken. Daarmee zouden we voor onze zoekende wereld zichtbaar maken waar heil te vinden is. Het gaan van Jezus’ weg voert ons uiteindelijk tot leven voorgoed.

6-1-2019: Driekoningen een verhaal dat ons Jezus bekend maakt.

By | Preken

Net als Sint-Maarten lijkt Driekoningen op een kinderfeestje. Toch gaat het om een vertelling voor volwassenen. Lucas en Matheus hebben ieder hun eigen verhaal over Jezus’ geboorte. Wie wil weten hoe een en ander precies heeft plaats gevonden, moet ik teleurstellen, maar bij beide evangelisten zijn het verhalen met een belangrijke boodschap. In Israël leefde eeuwenlang de verwachting dat God een Messias zou sturen die het volk zou bevrijden van zijn onderdrukkers. In de tijd dat een grote groep van de bevolking leefde in de Babylonische gevangenschap vertelt de profeet Jesaja van een visioen dat hij heeft gehad over de toekomst. Hij spreekt van een groot licht dat hij heeft gezien, waardoor volken zich laten leiden. Zonen en dochters van Israël keren met blijdschap terug naar hun land. De schatten van de zee en de rijkdom van vreemde volken zullen Israël in de schoot vallen, want in grote getale komen mensen naar Jerusalem uit Sjeba, Midjan en Efa, beladen met goud en wierook. Als Matheus zijn verhaal over Jezus’ geboorte schrijft maakt hij gebruik van elementen uit dit visioen van de profeet Jesaja. Daarin is sprake van koningen en schatten die zij meebrengen.
In zijn verhaal vertelt Matheus van magiërs, sterrenkundigen die in de landen van het Oosten hoog in aanzien stonden. Koningen hadden hen aan het hof en raadpleegden hen regelmatig, als ze voor moeilijke beslissingen stonden. Het verhaal van Matheus vertelt dat enkele van deze geleerden een bijzondere ster hebben gezien die zou duiden op de geboorte van een nieuwe koning in Israël. Ze gaan op weg en hun zoektocht leidt hen naar Jerusalem. Daar is het hof van koning Herodes. Maar in Jerusalem laat de ster het afweten, net alsof ze wil zeggen: als je geluk zoekt bij de mensen die de macht hebben, dan zit je op een dood spoor. Dit verhaal stelt ons voor de vraag hoeveel sterren wij achterna lopen? Allemaal mensen die het gemaakt hebben in de sport- of showbusiness, de zakenwereld, de politiek of de wetenschap. We kijken naar hen op v.w. hun naamsbekendheid, bezit en weelde. Maar hoe vaak verliezen deze sterren hun glans? Het geluk dat we zoeken blijkt verder te liggen. Het is een eindeloze zoektocht. Zo verging het ook die wijzen. Ze ontdekten al gauw: als je geluk zoekt, moet je het niet hebben van macht. Ze hebben Herodes al snel in de gaten. Hij wil hen voor zijn karretje spannen, maar daar trappen ze niet in. Als ze Jerusalem verlaten, verschijnt opnieuw de ster om hen de weg te wijzen. Als je geluk zoekt, moet je het ook niet hebben van rijkdom. Het eerste dat ze doen, als ze het Kind vinden, is hun rijkdom weggeven. Die hebben ze niet meer nodig, want ze hebben een veel grotere schat gevonden. Geluk blijkt ook niet te zitten in geleerdheid. Niet hun kennis heeft hen geleid naar de plaats waar het Kind zich bevindt, maar hun geloof, hun godsvertrouwen. Door de ontmoeting met het Kind – lijkt Matheus te zeggen – ontdekken ze de ware betekenis van hun leven. Terwijl wij vaak uit zijn op prestige en macht, op luxe en aanzien, op wat groots is en oogverblindend, zit het echte leven verborgen in onze kleinheid en kwetsbaarheid. De zachtheid van een kind herinnert ons aan onze eigen zachtmoedigheid en tederheid, die we soms helemaal kwijt zijn. Achter onze grootspraak en stoere houding zit gewoon nog de kleine mens die behoefte heeft aan warmte en aandacht. Wonderlijk dat God die plek kiest als zijn woonplaats. Wie dus eerbied heeft voor zijn eigenste kleine ik, het kind dat nog steeds in ons woont, krijgt eerbied voor de ander, en dus ook voor God en voor alles wat leeft. Veel mensen laten het afweten, als we de fonkelende sterren die ons dagelijks verblinden, inruilen voor de ster van een kind en kiezen voor zijn eenvoud, onbevangenheid en stilte. We moeten toegeven dat er in het grote sterrenspel van onze wereld waar ook wij in meedoen, telkens ergens een Herodes opduikt. Iemand die gewoon wegmaait wie hij niet gebruiken kan of die hem voor de voeten loopt. Als je niet meer mee kunt, hoepel je maar op. Dat zijn de wetten van Herodes en de sterren naar wie wij vaak opzien. Wie de kleine, broze mens omverloopt, kinderen, zieken, mensen die hulpbehoevend zijn, vluchtelingen, allen in wie God zijn kwetsbaarheid laat zien, die komt Herodes en zijn spelletjes tegen. De wijzen uit het Evangelie tonen hun wijsheid in hun eerbied voor het Kind en zijn breekbare geluk. Wie daarmee niet tevreden is, blijft alsmaar sterren achternalopen. Sterren die nooit stil blijven staan. Geloven is kiezen: de kinderlijke droom niet opgeven of m.a.w. de droom van God in ons levend houden. Hij heeft immers het kompas, de TomTom naar het ware geluk in ons hart gelegd. Dat is de reden, waarom de drie wijzen niet teruggaan naar Herodes, maar ‘langs een andere weg’ naar hun land terugkeren, naar waar ze helemaal thuiskomen bij zichzelf. Dit verhaal van de magiërs, de 3 wijzen is dus bedoeld voor mensen die de moed hebben Herodes te passeren en de zwalkende sterren aan de verre hemel hun eigen baantjes te laten draaien. Mensen die de moed hebben eerbied te tonen voor iedere mens die roept om mededogen. Zij zullen God ontmoeten. Bidden wij dat God ons dit inzicht en die moed zal geven. AMEN

1-1-2019: Nieuwjaar.

By | Preken

INLEIDING
Beste mensen, Aan het begin van het nieuwe jaar, lijkt het goed, zoals in Nijswiller en Wahlwiller afgelopen weekeinde al gebeurde, ook in Eys even terug te kijken op 2018, het jaar dat we achter ons hebben gelaten. Daarna staan we ook even stil bij onze hoop en verwachtingen voor 2019 en de betekenis van de Schriftlezingen van vandaag.              Menigeen verzuchte de laatste dagen van 2018: ‘Wat gaat de tijd toch snel. Alweer een jaar voorbij’. Men kan zich echter ook afvragen: ‘is het wel de tijd die snel voorbij gaat of zijn wij het die snel door de tijd gaan? We hebben het vaak druk, een vol programma en geen tijd voor wat daarbuiten aan de hand is. ‘Ik heb geen tijd’ is dan ook een veel gehoorde opmerking. De vraag is of dat zo ‘gezond’ is, als stilte of bewust stilstaan bij het leven dat we leiden, uit ons leven verdwijnt. De Franse filosoof Gabriel Marcel merkt op: ‘in de stilte behoort een mens zichzelf toe’.
Hetgeen men –naast de vluchtigheid van de tijd- het afgelopen jaar ervaren heeft is heel verschillend. Voor sommigen was het een heel vreugdevol jaar: ze troffen de partner die ze wensten, hen werd een kind geboren, ze verwierven een eigen woning, ze studeerden af en verwierven een goede baan; maar anderen hadden veel pech. Het jaar verliep verdrietig door het verlies van een dierbare (in Eys stierven wel dertig mensen), hun gezondheid en mogelijkheden gingen achteruit; eenzaamheid en armoede werd hun deel; in veel landen moesten mensen op de vlucht voor armoede en geweld. Onrust werd veroorzaakt door het gedrag van politici en de belangentegenstellingen die daardoor werden versterkt.
Toch kan te midden van alles wat we hebben meegemaakt ook dankbaarheid naar boven komen. Dankbaarheid voor de liefde en de zorg die we mochten ontvangen en geven. Dankbaarheid voor de goede atmosfeer in onze gezinnen en voor onze goede vrienden. We kunnen zelfs dankbaar zijn voor wat we geleerd hebben aan het negatieve dat ons is overkomen of dat we zelf veroorzaakten. We zijn er nederiger van geworden, menselijker. Hebben een beter begrip gekregen voor anderen.
Afbeeldingsresultaat voor cluster morgensterIn onze parochies kunnen we dankbaar zijn voor alle vrijwilligers die onze parochies dragen; voor de leden van onze kerkbesturen en van onze cluster ‘Morgenster , de deelnemers aan onze vieringen, de lectoren, de misdienaars en acolieten, de organisten, de koren en hun dirigenten; de kosters, de meedenkers over hoe het in onze parochies verder moet; de leden van onze werkgroepen; de parochianen die meedoen aan de kerkbijdrage en collecten voor hun onontbeerlijke financiële steun. Hier laten we het even bij.
Na de lezingen stil kijken we even vooruit naar onze verwachtingen, verlangens en dromen t.a.v. het pas aangebroken jaar en proberen te zien wat de Goede Tijding van Jezus, die zijn oorsprong heeft gevonden in zijn geboorte daarin betekenen kan.

OVERWEGING
Waar zien we het komend jaar naar uit. Onze verwachtingen liggen vaak in het verlengde van wat we in 2018 hebben meegemaakt. Mits we gezond blijven zullen we op de diverse terreinen van het leven onze bijdrage kunnen leveren: op het gebied van werk, relaties, gezin, verenigingen, parochie in al zijn facetten. Dat kan ons leven zinvol doen zijn. Maar helemaal zeker zijn we daar niet van.
We hopen op en verlangen naar een gezond en gelukkig leven. Maar we houden ook onze zorgen. Er kunnen zich belangrijke veranderingen voordoen die om verwerking vragen. Ze kunnen te maken hebben met de overgang naar een nieuwe leeftijdsfase: voor kinderen en jongeren kan het slaan op de verandering van opleiding; voor gezinnen kinderen, die het huis uitgaan, pensionering, het verlies van dierbaren; de afname van gezondheid en vitaliteit. Eindigheid blijft een kenmerk van ons leven. We kunnen hopen en verlangen dat we met datgene wat ons het komend jaar overkomt zó om kunnen gaan, dat we er meer en beter mens van worden. We beseffen daarbij, dat ook die andere kant er zal zijn. Dat oorlog en geweld, ongerechtigheid en onvrede, leugen en corruptie, uitsluitend dienen van het eigenbelang en hoogmoed wel een rol blijven spelen. De menswording met Kerstmis van een Mensenzoon-Gods Zoon, is echter een teken dat er beter, menselijker liefdevoller geleefd wordt buiten de machten van het kwaad. Jezus is geboren als mens, in omstandigheden vergelijkbaar met die van ieder van ons (1e lezing uit de Galatenbrief), uit een vrouw, onder de Wet van toen. Hij heeft overeenkomstig Gods wil geleefd en weerstand geboden aan het kwaad en de kwaadaardigen. Hij is een voorbeeld is van menswaardig leven voor degenen die Hem aannemen Hij is het teken, dat leven mogelijk is en stand houdt bij alle dood t.g.v. zonde en kwaad. Dat wekte verbazing in die tijd, bij velen die Jezus en zijn manier van doen zagen, ook bij Maria en Jozef. Ook zijn moeder Maria begreep niet altijd wat haar overkwam en wat van haar zoon werd gezegd. Maar ze bewaarde het wél in haar hart om het daar te overwegen. Stof tot meditatie. We zouden daar een voorbeeld aan kunnen nemen. Zouden ook wij er mee gebaat kunnen zijn in ons hart te overwegen wat ons overkomt op onze levensweg? En zou het niet de rol van het Evangelie en van de H. Schrift in het algemeen kunnen zijn, dat zij ons daarbij de weg wijzen, ons bij dat overwegen helpen? We zouden er wellicht meer mens en beter mens van kunnen worden. Zalig Nieuwjaar allemaal.

 

Zondag 30-12-2018: Feest van de H. Familie.

By | Preken

Als je het begin van een verhaal niet kent, is het moeilijk om het vervolg te begrijpen. Daarom enkele woorden vooraf: Elkana heeft twee vrouwen: Hanna en Penina. Penina heeft kinderen. Dat betekent sociaal gezien zekerheid voor je oude dag. Bovendien werd het religieus beschouwd als een teken van goddelijke zegen. Hanna is tot nu toe onvruchtbaar gebleven. Dat veroorzaakt rivaliteit tussen beide vrouwen. Een vrouw die haar man geen kinderen kon schenken, gold in die dagen als tweederangs. Het werd beleefd als schande. Dat knaagt aan Hanna en daarom is ze vorig jaar naar het heiligdom van Silo gegaan om God te vragen om een kind. God heeft haar smeekgebed verhoord en ze is moeder geworden van een zoon. Samuel noemt ze hem, want – zo zegt ze – ‘Ik heb hem aan de Heer gevraagd’. De geboorte van een zoon zou de rivaliteit tussen beide vrouwen kunnen versterken, maar Hanna verhindert dit door haar keuze haar zoon aan God af te staan. Gerelateerde afbeeldingAls hij voor zijn voeding niet meer van haar afhankelijk is, brengt ze haar kind naar het heiligdom en vertrouwt hem toe aan de priester Eli. Voor ons onbegrijpelijk: een moeder die haar kind afstaat, maar ze doet het. Ze laat haar kind los en vertrouwt hem toe aan de Eeuwige. Hij mag zijn eigen weg gaan. Hij groeit op in de tempel en dient daar God,zo lezen we.
Het Evangelieverhaal gaat over Jezus,twaalf jaar oud. Dat betekent in het Jodendom dat je op drempel staat van je volwassenheid. Er wordt van je verwacht dat je voortaan leeft volgens de voorschriften van de Joodse Wet. Jezus is met zijn ouders op pelgrimstocht naar Jerusalem om daar Pasen te vieren. Dat deden ze ieder jaar. Zijn ouders zijn vrome Joden die trouw de Wet volbrachten. Toen hun kind acht dagen oud was, hebben ze Hem laten besnijden. Op de 40e dag brachten ze hun kind naar de tempel om het daar aan God op te dragen en nu hebben ze volgens hun gewoonte in Jerusalem Pasen gevierd en zijn ze op de terugweg. Na één dag ontdekken ze dat Jezus zich niet bij het reisgezelschap bevindt. Wat zullen ze zich verwijten hebben gemaakt. Hebben ze hem dan toch te veel vrijheid, teveel vertrouwen gegeven? Blijkbaar is Hij zijn eigen weg gegaan. Er zit voor Maria en Jozef niets anders op dan terug te gaan naar Jerusalem en Hem daar te zoeken. Drie dagen doen ze erover.Gerelateerde afbeelding Dan vinden ze Hem in de tempel, tussen de leraren. Als een leerling zit Hij daar, luistert en stelt vragen. Luisteren, open staan, nieuwsgierig zijn, vragen, doorvragen. Zo leert Jezus in gesprekken met de leraren de Wet en de Profeten kennen. Zo vinden zijn ouders Hem terug te midden van leraren die Hem inwijden in de geheimen van God. Daar is Jezus, 12 jaar oud, blijkbaar al mee bezig: met de dingen van zijn Vader. Zijn ouders snappen het niet. Misschien mag je zeggen: Jezus onthult hier zijn afkomst én zijn bestemming. Net zoals de kleine Samuel thuis was in de tempel, zo geldt voor Jezus dat Hij kind aan huis is bij God. Hij gaat vervolgens met zijn ouders mee terug naar Nazareth waar Hij verder opgroeit.
Als ouders wil je graag je geloof aan je kinderen doorgeven. Ik denk dat het daarbij niet gaat om je kinderen godsdienstles te geven, maar dat je hen vragen stelt; dat je niet bang bent te vertellen wat je zelf gelooft en wat dat voor je betekent; wat dat geloof met je doet. Dat is niet makkelijk, maar wel van onschatbare waarde vanwege de band die je hebt met je kinderen. Een eerlijk antwoord en een sprekend voorbeeld: dat doet wonderen in de opvoeding. En oprechte belangstelling voor gedachten, ervaringen en vragen van je kinderen. Je eigen twijfels hoef je niet te verbloemen. Ze geven misschien aanleiding tot een eerlijk gesprek.Gerelateerde afbeelding Ouders zijn immers geen allesweters, evenmin als priesters en catecheten. Kinderen mogen merken dat ook wij zoekende gelovigen zijn, net als zij. Onze kwetsbaarheid is geen teken van zwakte en ongeloof, maar een bewijs dat wij elkaar als zoekende gelovigen serieus nemen en respecteren. Tot slot dit: Weet U wat zo bijzonder is aan dit verhaal van de 12-jarige Jezus? Op het eind van het Lucasevangelie gaat Jezus nl. opnieuw naar Jerusalem en dat gebeurt opnieuw met Pasen. Hij gaat er zijn levenseinde tegemoet. Hij gaat verloren in de dood. Opnieuw is Jezus kwijt, drie dagen lang. Opnieuw gaan er mensen op zoek, vrouwen. Zij vinden Hem niet. Zijn graf is leeg en engelen zeggen hun: ‘Waarom zoeken jullie de Levende bij de doden? Hij is niet hier. Hij is opgewekt uit de dood.’ ’s Avonds loopt Hij met mensen op naar Emmaus als een vreemde, als een leraar die de Schriften uitlegt, te beginnen bij Mozes en de Profeten. Het moment van herkenning is het breken van het brood. Medechristenen, geldt ook niet voor ons: als we hier samenkomen rond zijn Woord en Tafel mogen wij ons dicht bij Jezus weten. Als wij Hem zoeken, laat Hij zich vinden, hier/nu in ons midden: als een Leraar die naar ons luistert en ons vragen stelt. Als wij Hem toestaan met ons mee te gaan blijkt Hij onze reisgezel te zijn, die ons voedt met de dingen van zijn Vader’. Zo mogen ook wij kind aan huis zijn bij God. Laten wij bidden dat het zo mag zijn.
AMEN.

Overwegingen met en rond Kerstmis 2018.

By | Preken

2018 KERSTMIS VREES NIET: HEDEN IS U EEN REDDER GEBOREN

Een jonge moeder zegt: ‘Het leven met twee kleine kinderen is druk. Soms is het lastig te combineren met mijn baan. Daardoor ben ik soms wat minder flexibel dan mijn collega’s. Toch heb ik de geboorte van mijn kinderen ook ervaren als een verlichting. Ik vind het een bevrijding dat ik nu niet meer het belangrijkste ben in mijn leven. Het is nu niet meer mijn belangrijkste taak om mezelf te ontplooien, of alles uit mijn leven te halen wat er in zit. Nu is het vooral belangrijk dat ik er ben voor hén op de manier die bij mij en bij hen past. Ik vind het fijn om te zien hoe thuis en veilig ze zich voelen. Niet alleen bij ons, maar ook bij onze ouders’.

Wat gaat je als ouders het meest ter harte? Je wilt een veilige en gelukkige omgeving scheppen voor je kinderen. We merken dat een kind vooral behoefte heeft aan een veilige plek en mensen die laten voelen dat ze van hem houden, een plek waar het zichzelf mag zijn. Nu is er in onze wereld veel dat ons bang maakt of met zorg vervult. Denk aan het brute geweld van terrorisme, oorlog, hongersnood en gebrek aan drinkwater; wapenbezit, verkeersdrukte en klimaatverandering enz. Nou horen we in het Evangelie van deze nacht hoe een engel de bange herders bemoedigt: Afbeeldingsresultaat voor vreest niet heden is een redder geboren‘Wees niet bang, want ik heb Goed Nieuws voor jullie. Vannacht is voor jullie een Redder geboren’. De aansporing ‘Vrees niet. Wees maar niet bang’ komt in de Bijbel maar liefst 365 keer voor in allerlei variaties.                                   We weten dat een kind zijn angst laat varen en rustig wordt, als het merkt dat vader of moeder in de buurt is. Dan is het zelfs niet echt bang meer in het donker. Ook opgroeiende jeugd zoekt langs allerlei wegen naar houvast. Bejaarde mensen maken zich vaak zorgen om hun oude dag. Wie zal er voor mij zorgen, als ik hulpbehoevend word? Kortom: ons bestaan is onoverzichtelijk geworden en daardoor bevangt velen onzekerheid. Waarin vinden wij houvast?

Ik kom ik regelmatig mensen tegen die zeggen : ‘Er is meer tussen hemel en aarde’ of ’Er moet wel wat zijn, een soort hogere macht die ons en dit aardse overstijgt’. Voor ieder van ons is duidelijk dat we over God alleen maar in beelden en vergelijkingen kunnen spreken. Immers alles wat wij over God denken en zeggen is mensenwerk. God is een onuitsprekelijk Mysterie. Als zijn leerlingen Jezus komen vragen: ‘Heer, leer ons bidden’, dan leert Hij hen God aan te spreken als ‘ Onze Vader, die in de hemel zijt’. M.a.w. we worden uitgenodigd om met God te communiceren, en nog wel heel vertrouwelijk zoals een kind dat doet met zijn ouders. God, hoe mysterievol ook, is een God van mensen, een God waarmee we in contact kunnen treden en die naar ons luistert. Veel heiligen zeggen zelfs: “Meer dan wij naar Hem, zoekt God contact met ons”. Is dat niet wat wij met Kerstmis vieren? Dat de onnoembare God naar ons mensen toe gekomen is in het Kind van Betlehem. St. Paulus zegt: ‘Onder jullie moet de gezindheid heersen die Jezus Christus heeft bezield. Hij die bestond in goddelijke majesteit heeft zich niet willen vastklampen aan de gelijkheid met God. Hij heeft het bestaan van een slaaf aangenomen en is aan de mensen gelijk geworden. En als mens verschenen heeft Hij zich vernederd. Hij werd gehoorzaam tot de dood, tot de dood aan een kruis…’

Is dit niet de Messias van God, de Mensenzoon, met wie wij contact mogen zoeken en aan wie wij onze angsten en onzekerheid, onze onrust en zorgen mogen toevertrouwen ? Als geen ander heeft Hij laten zien, hoezeer Hij met ons begaan is. Hij heeft zich het lot aangetrokken van zieken en van wie door hun handicap of leefwijze niet in tel waren. Hij durfde afzien van geweld en machtsmiddelen, zelfs toen zijn leven bedreigd werd.Gerelateerde afbeelding Wat de moeder van die kleine kinderen heeft ontdekt: nl. dat zijzelf niet meer de belangrijkste in haar leven is, maar er mag zijn voor haar kinderen in al hun kwetsbaarheid, dat heeft Jezus laten zien in de omgang met mensen die in nood verkeerden. Zoals het ons deugd doet, als wij onze angsten kunnen delen met dierbare familie en goede vrienden, zouden wij niet eens te meer geborgenheid, hoop en kracht vinden, als wij – net als Jezus zelf – onze zorgen durven toevertrouwen aan een God die met ons begaan is als een vader of moeder. Laten wij Hem vragen: ‘Heer, leer ons bidden, zodat wij verlost worden uit ons egocentrisme, zodat wij nieuw vertrouwen, hoop en vrede vinden bij alles wat het leven van ons vraagt.

ZALIG KERSTMIS.

      

NACHTMIS KERSTMIS 2018

‘Het volk dat in duisternis wandelt ziet een helder licht’ (Jesaja).

Hier zijn we dan, beste mensen, bijeen op deze kerstavond, bijna nacht, om de geboorte te vieren van Jezus Christus, helder Licht (zegt Jesaja), Redder (zegt de engel tot de herders). Ook in de kerken zijn op deze avond mensen op zoek naar geborgenheid, een zorgeloos en vredig bestaan. We zoeken die geborgenheid en vrede zeker tijdens deze donkere dagen in de vergetelheid die het vertier biedt, in de kerstmarkten, in reizen naar de sneeuw of eerder naar oorden van zon en warmte, in de gezelligheid, in de goed verzorgde maaltijd. In de kerstconcerten, in het vele licht in en aan de huizen. Wat duister is in het bestaan moet weg of moet minstens even vergeten kunnen worden.
We zoeken dat vaak met grote onrust. We moeten de vervulling van onze verlangens zelf bewerkstelligen; hoe en wat ervan moeten we zelf uitvinden. Wat we doen moet allemaal kloppen. Waar we de bevrediging van onze verlangens zoeken moeten we die ook vinden. En als het dan niet lukt of tegenvalt????? Wat dan.
En leeft er naast ons verlangen en zoeken naar geborgenheid en vrede ook niet bij vele mensen een onbehagen m.b.t. de situatie waarin we leven, onbehagen t.a.v. onvervulde wensen en verlangens? Zijn de protestbewegingen in gele hesjes daar niet een uiting van? Gerelateerde afbeelding
Welnu te midden van dit alles, van onze verlangens en onze gevoelens zijn we hier samen in onze kerk. Ik hoop, dat we hier wat rust en vrede vindt in het luisteren naar muziek en koorzang, (in het meedoen aan de samenzang van kerstliederen), in het beluisteren van hoopvol stemmende teksten uit de heilige Schrift, in het samen bidden en in het delen van het Christusbrood. We krijgen deze Kerstnacht opnieuw, zomaar, zonder dat we er iets voor hebben hoeven doen een bijzondere boodschap aangereikt in de geboorte van een kind. Het is volgens de profeet Jesaja een helder Licht voor een volk dat in duisternis wandelt. Iets menselijkers bestaat er nauwelijks dan de geboorte van een kind. Het draagt de naam ‘Jezus’. Die naam betekent ‘God redt’ of ‘God helpt’. Die boodschap gedaan aan herders, is bestemd voor heel het volk: ‘heden is u een redder geboren, Christus, de Heer’. Die mededeling vraagt om op zoek te gaan naar dat kind, wiens verdere weg door het leven bekend is. De mededeling van zijn geboorte vraagt om loslaten van onze bekommernis om onszelf, om geloof, om vertrouwen, om overgave, die ons blij maakt. Die boodschap is een uitgestoken hand naar ons, die onze kwetsbaarheid en onze onmacht vaak gewaar worden. ‘Eer aan God in de hoogste hemel’, zingt de engel, en vrede op aarde voor alle mensen die Hij liefheeft. Gods menslievendheid is de achtergrond van de geboorte van het Jezuskind. Hij is Mensenzoon, een van ons dus, en Zoon van God, die ons menselijk lot met ons is komen delen. In Hem is Gods genade, bron van heil voor alle mensen op aarde verschenen. Mogen wij in het Kerstverhaal geborgenheid en vrede vinden. Zalig Kerstfeest.
AR

2018   KERSTMIS   EEN PAD NAAR BENEDEN

Gerelateerde afbeeldingAls je de etalages, reclames en versieringen ziet die er gemaakt zijn voor dit feest dan zou je bijna vergeten waar het met Kerstmis eigenlijk om draait. Een feest zonder versiering, lekker eten en drinken en passende zang en muziek is geen feest. Laten we dat vooral in stand houden. Want een feest brengt mensen bij elkaar. Ze laten zich zien van hun beste kant. Daarnaast is het goed om stil te staan bij wie of wat de aanleiding is voor dit gezelligste feest van het jaar. Voor sommigen is het een midwinterfeest. Na de langste nacht beginnen de dagen langzaam weer te lengen. Christenen over de hele wereld verbinden de terugkeer van het licht met Degene die voor hen het Licht bij uitstek is: Jezus Christus, Emmanuel, de Zoon van God die onder ons mensen zijn tent heeft opgeslagen. Degene die het heelal en deze wereld geschapen heeft en in stand houdt, is zozeer met ons begaan, dat Hij ons zijn enige Zoon heeft gestuurd om ons te laten zien en voelen en duidelijk te maken, hoe Hij ons mensen bedoeld heeft. Hij wil dat ieder mensenkind tot zijn recht komt en gelukkig wordt. Dat is en blijft voor ons een onbegrijpelijk geheim…. Zoiets onvoorstelbaars als een koning met enorme uitstraling die komt wonen in een krottenbuurt en het leven van de bewoners gaat delen. Dat is het ene geheim. Een tweede geheim is, dat die God die zich ‘Mensenzoon’ noemt probeert om ons uit ons egocentrisme te halen. Hoe Hij dat doet, welke methode Hij gebruikt? Hij laat andere mensen een beroep op ons doen. Wie van ons heeft er nooit hulp of steun nodig? De een meer dan de ander. Maar als wij gehoor geven aan de oproep die anderen op ons doen, dan laten wij ons genezen van ons egocentrisme. Jezus spitst het nog toe door te stellen: ‘Al wat je doet voor een van je geringste broeders of zusters, heb je voor Mij gedaan’. Ik hoef U niet te vertellen hoeveel medemensen er behoefte hebben aan een luisterend oor, respectvolle aandacht, voedsel en medicijnen, een dak boven hun hoofd, een veilige plek en een situatie die hen toekomst biedt. Dus voor wie niet wegkijkt van de nood van anderen is er werk aan de winkel. En we hoeven niet bang te zijn: Jezus heeft in zijn omgang met mensen laten zien, dat van niemand het onmogelijke wordt gevraagd. Wel moeten we een eerste stap durven zetten en ons uit ons warme en veilige nest laten lokken. Ter wille van de naaste die ons zo broodnodig heeft. Maria en Jozef laten ons zien hoe je zorgt voor een kwetsbaar mensenkind. De herders laten zich op pad sturen door een engel, een bode van God. Sterrenkundigen volgen hun hart. Nu wij…!

Nou zijn er heel wat mensen die zelden of nooit bidden. Waarom? Ze hebben het van huis uit niet geleerd.’ Ze zeggen: ‘ Ik kan niet bidden’. Anderen zeggen: ‘Wat heeft dat voor zin? Je moet het toch zelf doen!’ Natuurlijk: bidden kan onze inzet niet vervangen. Maar wel doet het deugd om God te betrekken bij de opgaven en taken waar het leven ons voor stelt. Het laat God niet koud, als wij ons tot Hem wenden. Hij blijft niet onverschillig en is begaan met ons wel en wee. Jezus zegt dat God voor ons is als een Vader. Wij zouden tegenwoordig misschien zeggen als een moeder. Nou zijn er grote heiligen zoals bv. een Augustinus die zeggen: ‘Meer dan wij naar Hem, is God op zoek naar ons!’Gerelateerde afbeelding M.a.w. Bidden vraagt van onze kant geen heldendaden, maar wel dat we tijd durven maken voor rust en stilte, zodat Hij in ons aan het woord kan komen en wij de ingevingen en het fluisteren van zijn Geest kunnen verstaan. Bidden is in de traditie van de kerk vaak vergeleken met het beklimmen van een steile berg. Maar misschien is het veeleer het durven volgen van een pad dat naar beneden loopt, een weg waarop we langzaam maar zeker ons egoïsme durven loslaten, ons overgeven en ons laten vallen in Gods handen. Aan het begin van dat pad naar beneden staat niet iets wat wij dóen, maar we worden attent gemaakt op een andere afdaling: nl. die van God die mens is geworden. Paulus schrijft het aan de christenen van Filippi: ‘Hij die bestond in de gestalte van God heeft er zich niet aan willen vastklampen gelijk aan God te zijn ( Fil. 2,9 ) Beginnen met bidden is dan niet: onze ogen omhoog richten, naar de hemel kijken, maar ons gaan realiseren dat God al liefdevol naar ons keek, toen wij nog amper naar onszelf durfden te kijken. Of met de woorden van de apostel Johannes: ‘Dít is liefde: Niet wij hebben God liefgehad, maar Hij heeft ons liefgehad en Hij heeft zijn Zoon gezonden om ons te genezen van het kwaad’.

Moge dit besef en dit vertrouwen doordringen en wortel schieten in ons hart .

ZALIG KERSTMIS.

2e KERSTDAG 2018: OVERWEGING

Het verhaal dat Susanne ons zojuist heeft voorgehouden beantwoordt aan diep in ons mensen verankerd verlangen naar een wereld waarin, ik citeer, ‘een beweging van verbondenheid, licht, hoop, vertrouwen’ mogelijk is; en nog een citaat ‘in het donker iets doen voor een ander van een wonderlijke omvang’ gebeurt bij mensen onderweg. Zij zijn ‘onderweg in een vaak guur klimaat’, fysiek, maar ook mentaal . Wat in die citaten gezegd wordt is verwant aan het oude kerstverhaal, maar dan in een eigentijds jasje.Afbeeldingsresultaat voor tijn serious request 2016 Het duidt op ‘Serious Request van een paar jaar geleden, waarin een jongetje, Tijn geheten, de nagels lakte van mensen waarvan de opbrengst ten goede kwam aan 250.000 kinderen met longontsteking . Ook Tijn kan dingen die niet iedereen kan. Hij laat de wind draaien naar een hartverwarmende wind uit het zuiden. Allerlei mensen worden er blij van en sluiten zich aan bij de kerstbeweging van Tijn.

Dromen en verlangens van mensen komen in het verhaal naar voren; maar ook het verlangen, dat de mensen gaan kiezen voor een andere weg dan die vaak gevolgd wordt. Dat ze gaan kiezen -ik citeer weer- ‘een weg van vrede, verbondenheid en het geloof in elkaar, want dan blijft het nog heel lang Kerstmis’.

In het verhaal, door Susanne gelezen, zijn waarden uitgedrukt die door heel onze mensengeschiedenis een rol spelen. We vinden ze ook terug bij de profeten in onze Heilige Geschriften, in de wijsheidsliteratuur en in de zogenoemde Tien Geboden uit de Wet van Mozes, in de Bergrede van Jezus, in een gebed als het Onze Vader. Ze proberen mensen van hun en onze tijd te wijzen op en verbinden met waarden die dienstbaar zijn aan een menswaardig leven en een plek op aarde voor iedereen. Ook in de gezangen van toen staan verlangens en dromen, dat zelfs tot dan als vijand beschouwde volken om Israël heen zullen in blijdschap en vrede optrekken naar Jeruzalem om daar God en elkaar in liefde te ontmoeten. En hoe ziet her daar nu uit?Gerelateerde afbeelding Helaas blijft er ook die andere kant. Blijft de oude weg van tegenstelling en afkeer, van eigenbelang, zelfoverschatting en hebzucht ook begaan. En zijn er figuren nodig, die wonderlijk standvastig volhouden aan mensenwaarden. Tijn, vervuld van een goede geest, is een voorbeeld, de jonge NS-pianist, die, vervuld van een goede geest 7 station-piano’s bespeelde voor zijn zieke zus is een voorbeeld,  Stefanus, overtuigd volgeling van Jezus, vervuld van diens Geest is een voorbeeld van het uithouden bij wat de machten van het kwaad hem aandoen. Zijn achtergrond is de Kerstboodschap van Godswege gratis aan de engelen gebracht: heden is u een redder geboren, Christus de Heer. Stefanus is gaan geloven in de onvoorwaardelijke liefde van God, verschenen in Jezus, gezalfde van God, die ons bestaan in heel zijn werkelijkheid is komen delen. Zijn geloof is zo sterk, dat hij zelfs kan bidden om vergeving voor degenen die hem de dood aandoen. Zulk een geloof is de uitwerking van het Kersgebeuren in Bethlehem, en van mensen, die hoewel misschien niet behoren bij een kerk wel de werken doen die daar eigenlijk in thuishoren, getuigen van geloof in goedheid en menselijkheid.

Het kan inderdaad nog lang een zalig Kerstmis blijven. Dat wens ik u van harte toe.

 

23-12-2018: 4e zondag van de Advent: waaraan heb ik dat te danken?

By | Preken

Gerelateerde afbeelding‘Maria bezoekt haar nicht Elisabeth’. Misschien klinkt die zin bekend in de oren. Het is een van de geheimen, die we overwegen als we de rozenkrans bidden. Nu is er altijd reden tot blijdschap, als iemand op bezoek komt die je graag ziet. Zo mogen we veronderstellen dat er tussen Maria en Elisabeth niet enkel sprake was van bloedverwantschap, maar ook van zielsverwantschap Maria reisde nl. van Nazareth in Galilea naar de landstreek Judea. En dat was in die dagen geen kleinigheid. Elisabeth was blij, want ze was op latere leeftijd zwanger geworden, iets waar ze niet meer op had durven hopen. De vreugde daarover kunnen delen met iemand die je vertrouwd is, doet een mens deugd. Lange tijd had Elisabeth haar zwangerschap geheim gehouden, misschien uit onzekerheid of het kind wel levensvatbaar zou zijn. Als Maria dan plotseling aanklopt en Elisabeth begroet, is het niet alleen Elisabeth die in beweging komt, maar zelfs het kind in haar schoot laat zich voelen, vertelt Lucas. Beide vrouwen dragen in hun lichaam een bijzonder geheim dat verder gaat dan hun genegenheid voor elkaar als familieleden en vriendinnen. Want straks zal Johannes de Doper degene zijn die Jezus aanwijst als de Messias, de Zoon van de Allerhoogste.
In middeleeuwse afbeeldingen zie je vaak hoe bij de ontmoeting die twee vrouwen hun hand leggen op de buik van de ander. Misschien mag je zeggen dat de schilders iets proberen weer te geven van de verborgen betekenissen die in iedere menselijke ontmoeting aan het licht kunnen komen. De meesten van ons ontmoeten op een dag of in de loop van een week heel wat mensen.Gerelateerde afbeelding Het zijn ontmoetingen van allerlei soort: oppervlakkige, toevallige en diepgaande; aan de kassa van de supermarkt en op straat, onder vier ogen, waar dan ook. Bij de meeste ervan staan we niet stil. Aan veel mensen zien we – of lopen we voorbij. Je hebt geen zin of geen tijd voor een gesprek. Het blijft vaak bij een groet. Als we echter aan elkaar voorbij lopen, missen we wel een mooie kans om iets bijzonders, iets belangrijks te kunnen geven en ontvangen. We zijn wellicht geneigd de waarde van onze ontmoetingen af te meten aan onze eigen behoefte, aan wat wij op dat moment nodig hebben of menen nodig te hebben. Staan we er wel eens bij stil, dat er in iedere menselijke ontmoeting een kans ligt, een verrassing die er als het ware op wacht om ontdekt en opgedolven te worden? Ieder mens is een groot geheim. We kunnen nooit weten wie die ander uiteindelijk is en wat er in hem of haar omgaat. Als we iemand echt ontmoeten, tijd nemen voor hem of haar, luisteren naar wat die ander te zeggen heeft, proberen te begrijpen wat die persoon voelt en meemaakt, dan zijn dat vaak momenten van genade. Zulke ontmoetingen kunnen ons de ogen openen en ons meer zicht geven op wie we zelf zijn, wat ons te doen staat en op onze eigen levensopdracht. Maar daar hebben we wel oprechte aandacht en geduld voor nodig.
We komen wel eens mensen tegen die de woorden en de houding van Elisabeth tot de hunne maken. Ze kijken en luisteren naar een ander met een houding van: ‘Hoe gaat het met U? In de manier waarop ze met anderen omgaan getuigen ze van hun openheid, toegankelijkheid en gastvrijheid. De ander mag l zichzelf zijn zoals hij/zij is en zich voelt. Het zijn mensen die zich graag laten verrassen door de ander. De ontmoeting beleven ze als een moment van genade, als een kans die God hun biedt om in die ander een glimp van Hem op te vangen. Als Maria Elisabeth ontmoet is dat een gewone ontmoeting tussen twee familieleden, die in verwachting zijn. Met Kerstmis vieren wij dat God onze wereld komt bezoeken in de geboorte van zijn Zoon. Zijn wij voldoende open om Hem ontmoeten? Voldoende gastvrij om ons door Hem te laten verrassen in mensen die bij ons aankloppen? Bidden we om die genade. AMEN.