Meneer Pastoor schrijft………..

By | beschouwingen

BEZIG OP AARDE

Een paar jaar gelezen las ik een Duits boek waarvan de auteurs zich bezig hielden met datgene wat het leven van mensen vult en zin geeft. Ze vroegen zich af of geloof en kerk daarin een rol spelen. Ze legden er de nadruk op dat wij ‘geen ander leven hebben dan het concrete leven van alle dag op onze aarde’. Dat zinnetje is in mijn geheugen blijven hangen. We zijn mensen van deze aarde, leven in de tijd en omstandigheden van nu. We zijn geen bovennatuurlijke wezens. We zijn van hier en leven ons bestaan van alledag met onze mogelijkheden en beperkingen. We zijn partner van deze man of vrouw, we horen thuis in dit gezin, volgen een of andere opleiding,  zijn aan het werk, vullen ons maatschappelijk leven en onze vrije tijd en hebben onze reële en virtuele contacten. We staan aan het begin van onze levensloop, zijn er al een stuk in onderweg of neigen naar het einde. Met nadenken, piekeren, plannen, met doen en laten vullen we onze dagen. Het is goed om te erkennen dat wij in de volle zin  leven op deze aarde. Hier moeten we de zin van ons leven vinden. Maar in de vrijheid die we hebben om ons leven te beamen en keuzes van invulling te maken, speelt ook verantwoordelijkheid mee voor wat we doen en laten. We worden goed en kwaad gewaar, liefde en haat, aantrekkingskracht en afkeer, oorlog en vrede, beleving van eigenbelang en van solidariteit met elkaar, misbruik en zorgvuldigheid van omgang, oorlog en vrede, macht en machteloosheid, kracht en kwetsbaarheid.  Dat alles terwijl we bezig zijn op aarde, op zoek naar zin, op zoek naar geluk. We ondergaan en maken mee. We hebben het leven zelf in handen, zo lijkt het, maar ook niet. ‘Het leven’ wordt als groter ervaren dan wij zelf. Velen ontmoeten  daarom God, in hun ‘bezig zijn op aarde’, dat zij ervaren als ‘gekregen’. A. Reijnen, pastoor

Ook degene, die het slecht getroffen heeft en ook de mens op het verkeerde pad verdient als mens erkend te worden. Ook ‘de gekooide mens’ in de penitentiaire inrichting (uitdrukking van aalmoezenier Achiel Nys) is een mens. Waarschijnlijk staan we daar niet iedere dag bij stil. Ondervinden we voldoende  elkaars erkenning, hulp, troost en ondersteuning  zoals we dat minstens bij tijd en wijle ook voor onszelf verlangen? En als het over godsdienstigheid gaat, zouden we niet God kunnen ontdekken in dit, ons dagelijkse leven: in de verwondering over wat we hebben ontvangen, hoe we gegroeid zijn; hoe ons leven verloopt. En zoeken we in te vullen wat het betekent om een gelovige mens te zijn, vinden we ‘Gods wil’ niet precies in het vervullen van onze dagelijkse opgaven? Ook christengelovigen zijn mensen van deze aarde. Wij delen ons menselijk levenslot met alle andere mensen. We geloven dat we mensen van God zijn als we op de juiste manier, d.w.z. met liefde en overgave en in trouw, onze dagelijkse  opgaven vervullen . Oos ‘Herrgöttje’, met ons als een mensenzoon op onze aarde, heeft niet anders gedaan. Hij heeft er alles voor over gehad en zit nu aan ‘Gods rechterhand’. Bemoedigend, toch?  AR

Meneer pastoor schrijft …….

By | beschouwingen

‘IK DENK VAAK TERUG AAN VROEGER’, zei de man….

‘Dag Pater’, ‘pastoor bedoel ik’, verbetert hij zich onmiddellijk. ‘Ja, ik denk vaak terug aan vroeger’. Toen spraken we u aan met ‘pater’. De man die dat zegt is, in mijn ogen, zo oud nog niet. Hij zal tegen de vijftig lopen, maar evengoed praat hij al van ‘vroeger’. Ik maak hem duidelijk dat ik zowel naar het woord ‘pater’ luister, maar ook naar het woord ‘pastoor’ en naar het woord ‘meneer’. Het hangt van de situatie af hoe ik word aangesproken. Maar terug naar het onderwerp. Over ‘vroeger’ heeft men het vaker. ‘Dat waren nog eens tijden’…… wordt gezegd. Ga je daar wat nader op in dan hoor je dat het leven vroeger overzichtelijker was; dat men duidelijker wist waar men aan toe was; dat (bijna) iedereen er gelijke waarden en normen op na hield; dat men zijn grenzen kende; dat ‘er nog gezag’ was; dat men tijd en aandacht had voor elkaar. Als je dan vraagt: zou je terug willen naar het welvaartspeil van vroeger dan krijg je als antwoord ‘toch liever niet. Ik heb een goed salaris. Ik kan me heel wat meer permitteren dan mijn ouders, die helemaal leefden voor hun (grote) gezinnen en er niet aan dachten op vakantie  te gaan.  Inderdaad, onze welvaart is aanzienlijk gestegen, onze ruimte van denken en leven daarmee ook. We zijn, in vergelijking met vroeger, veel  uitgebreider geïnformeerd over wat er in de wereld gebeurt; we kunnen gemakkelijker in contact komen met anderen. We hoeven m.a.w. het verleden niet te idealiseren. Van de andere kant mogen we ons wel de vraag stellen in hoeverre we (ook) tegenwoordig eerder ‘worden geleefd’ dan dat we ‘van binnenuit leven’. Hebben we het niet te druk om betrokkenheid te zijn op elkaar? In het Evangelie van Marcus staat een woord van Jezus dat (ook) in onze tijd te denken geeft: ‘Wat baat het de mens als hij heel de wereld wint maar zichzelf schade toebrengt, het (echte) leven erbij inschiet’ (hst. 8 ,36)?’ En dat er nogal wat schade is merken psychiaters en GGZ-mensen. Ze ervaren, dat veel mensen ‘worden geleefd’. En is agressief gedrag ook niet ‘vaak een uiting van ‘overspannen’ leven?  Dat geeft te denken.  A. Reijnen, pastoor

AANDACHT VOOR ‘MATIGHEID’.

In een publicatie  over de achtergronden van seksueel misbruik en intimidatie en hoe met deze verschijnselen moet worden omgegaan, is (hernieuwde) aandacht voor een oude deugd, die van de ‘matigheid’. Daarbij wordt erop gewezen dat die matigheid geldt voor meerdere terreinen van ons bestaan. Heleen Zorgdrager (Amsterdam) meent, dat we niet weten hoe ons te verhouden tot onze verlangens/instincten op het gebied van de seksualiteit , maar ook van eten en drinken, van erkenning, van macht, van geld en welstand. De vraag is hoe we een leven van evenwicht en matiging kunnen leiden zodat  het ingaan op onze verlangens/ instincten werkelijk bijdraagt aan ons menselijk welzijn. Je zou het misschien in onze tijd niet verwachten, maar met anderen is zij overtuigd dat gebed, rituelen, praktische oefeningen bij evenwicht en matiging behulpzaam kunnen zijn. Zij leiden af van het ‘Ik’ en ‘maken het bewustzijn open voor  de ander/Ander. Het verlangen naar bezitten en heersen wordt in regie genomen,  misbruiken worden tegengegaan.  De matigheid behoort tot de 4 deugden die een scharnierfunctie hebben m.b.t andere deugden. Het zijn naast ‘matigheid’ ook ‘voorzichtigheid’, ‘rechtvaardigheid’ en ‘sterkte’. De matigheid wordt omschreven als ‘de deugd die de aantrekkingskracht van de genoegens tempert en evenwicht brengt in het gebruik van de geschapen goederen. Ze verzekert de beheersing van de wil over de instincten en houdt de verlangens binnen de grenzen van de betamelijkheid’ .Dat valt te lezen in de katechismus van de katholieke kerk uit 1995. De matigheid helpt om goede mensen te zijn me respect voor elkaar en voor de integriteit van elkaars lijf en goed.  A. R.

WEER AAN DE SLAG.

Enige tijd vakantie, vrij van werk en van het ritme van alledag, hebben ongeveer alle werkenden. Na een (hopelijk) ontspannen vakantie gaan ze weer met frisse moed aan de slag. Ze leveren door hun werk een bijdrage aan onze welvaart, aan onze vorming of aan ons menselijk welzijn. Ze verdienen een salaris maar ook respect voor hun inzet. Toch valt ook te lezen dat tussen de 20 en 25 % van degenen, die vakantiegeld ontvangen, het niet (kunnen) besteden aan vakantie.  Ze moeten het uitgeven aan de betaling van hun schulden of aan de koop van noodzakelijke goederen. Hopelijk vinden ze toch ook enige ruimte voor ontspanning. Ook zij moeten immers na hun  ‘vakantie’ weer aan de slag. Onze kerkbesturen wensen iedereen, die na de ‘vakantie’ weer aan de slag gaat, een goed en zegenrijk jaar voor henzelf en voor wat betreft hun bijdrage aan het welzijn van de samenleving. AR

WERKEN AAN EEN BELEIDSPLAN.

Waar moet het met onze parochies naartoe? Waartoe dienen ze? Wat zoeken en vinden  gelovigen er aan en wat mogen parochianen van elkaar verwachten? Waar moet een beleidsplan de nadruk op leggen om het parochieleven overeind te houden en te verlevendigen? Een groepje parochianen van de parochies van Morgenster buigt zich over bovenstaande vragen en hoopt voor het einde van dit kalenderjaar een ontwerp klaar te hebben, dat aan de cluster Morgenster en de parochies voorgelegd kan worden. We zijn daarbij enigermate afhankelijk van wat er in bisdom en dekenaat gebeurt, welke ontwikkelingen er plaats vinden in het pastoresbestand. Het idee dat onze paus Franciscus benadrukt is dat de kerk, als eigendom van onze Heer, gevormd wordt door heel het volk van God, samen onderweg. In iedere gelovige en in de gemeenschap als geheel leeft Gods Geest. Ieder gelovige heeft recht gehoord en gezien te worden. Iedere gelovige heeft eigen talenten die een bijdrage kunnen  leveren aan de opbouw van het geheel. Dat vraagt van de kerkelijke leiding het vermogen tot luisteren, tot aan het woord laten komen, tot onderscheiding van de geesten, tot ondersteuning van ieders talenten. Het vraagt van de gelovigen de bereidheid de geloofsgemeenschap naar talent en vermogen van dienst te zijn, deel te nemen aan de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het geheel. Werken aan een beleidsplan betekent werken aan de vormgeving van bovenstaande visie, de paus Franciscus na aan het hart ligt. De vraag ligt op tafel hoe we ons geloven samen moeten vieren en hoe vaak? Hoe we in gesprek en samenkomst ons geloof naar voren kunnen brengen en verdiepen? Hoe we oog krijgen voor  elkaars behoeften en elkaar  behulpzaam kunnen zijn?  Hoe we de band met elkaar als ‘Gods familie’ waar we van op aan kunnen sterker maken? Dat hebben we allemaal nodig bij het onderweg zijn ‘samen als Gods volk’. A. Reijnen, pastoor

PATER REVERMANN PLOTSELING GESTORVEN.

Dat was een consternatie woensdag 17 juli in ons klooster in Wittem: pater Paul Revermann, Duitse medebroeder, die zich het Nederlands op een voortreffelijke manier had eigen gemaakt, plotseling in elkaar gezakt  en overleden, hartstilstand werd geconstateerd. Langzaam begon het gemis voor de pastoraal in Wittem door te dringen. Pater Revermann was vooranger in de vieringen, predikant, vaak organist, gezocht voor gesprekken in spreekkamer en voor biechtgesprekken. Zo ndig vervanger in onze praochies.  Hij leidde in het klooster een wat stil  en teruggetrokken leven, maar was de aanwezige  voor wie hem nodig hadden. ‘Wittem’ en omgeving is hem grote dak verschuldigd. Dat werd ook duidelijk in de goed bezochte avondwake op dinsdagavond 23 juli en tijdens zij  uitvaart in Bonn op 24 juli, j.l. Moge hij in God de vrede vinden waarnaar hij heeft uitgezien. Namens de parochies Wahlwiller, Nijswiller en Eys. A. Reijnen, pastoor

Meneer Pastoor schrijft …….

By | beschouwingen

BEZOEK VAN ONZE BISSCHOP MGR. HARRIE SMEETS

Ons dekenaat Gulpen krijg het laatste weekeinde van juni bezoek van onze nieuwe bisschop mgr. Harrie Smeets. Het bezoek duurt van vrijdag 28 t/m 30 juni. Hij gaat een uitgebreid programma afwerken.

Op vrijdag 28 juni:
9.15 uur
is er een ontmoeting van de bisschop met diaconale werkgroepen (Zorgoverleg, Franciscusgroepen etc.) in het parochiecentrum van Wijlre, Holegracht 27
10.45 uur is hij in Valkenburg in Hotel Walram voor een ontmoeting met de toeristische sector van ons dekenaat.
14.00 uur is hij in de Eyserhof in Eys voor de ontmoeting met de agrarische sector.      
17.00 uur
gebruikt hij het avondmaal in Gulpen met de pastores van het dekenaat.
19.00 uur viert hij met de pastores, kerkbesturen en andere gelovigen, die erbij willen zijn de Eucharistie in de kerk van Gulpen.
20.00 uur volgt de ontmoeting met de kerkbesturen in het parochiezaaltje van Gulpen.

Op zaterdag 29 juni is er een ontmoeting van de bisschop met de parochievrijwilligers, verenigingen, organisaties en stichtingen in ons dekenaat. Die ontmoeting gaat gepaard met een wandeling vanaf de parkeerplaats van het Wielderhoes. Mn melde zich aan bi jA. Huveneers op haar e-mailadres  anniehuveneers@kpnmail.nl pf telefonisch 043 4502261.
14.00 uur ontmoet bisschop Smeets de Jonkheden in ons dekenaat.
16.00 uur bezoekt de bisschop de 99-jarige pastoor Penders in het dr. Ackenshuis in Gulpen.
19.00 uur viert hij de Eucharistie samen met de parochianen van Bemelen.

Op zondag 30 juni viert hij:           
9.30 uur
de H. Mis in Gulpen en trekt hij mee met de processie naar Euverem.
14.00 uur ontmoet jij de leden van het Caritasfonds uit Gulpen (het voormalige Armenfonds)
15.30 uur brengt de bisschop een bezoek aan het hospice van Oosterbeemd in Valkenburg.
19.00 uur bezoekt hij de ondergrondse kapel in de groeve te Sibbe in het kader van 75 jaar bevrijding.

De secretaris van ons dekenaat, Th Dahlmans,  heeft inmiddels de pastores (priesters en diakens), kerkbesturen, federatie besturen. clusterbesturen van een en ander op de hoogte gesteld. Met het verzoek de betreffende geledingen in de parochies op de hoogte t stellen.

Omdat het de bisschop begonnen is om zo breed mogelijk mensen te ontmoeten en geïnformeerd te worden is het duidelijk dat gerekend wordt op een goede deelnamen uit de verschillende groepen en parochies.
A. Reijnen, pastoor

VAKANTIE

Het woord ‘vakantie’ is ontleend aan het Latijnse woord ‘vacare’ dat ‘vrij zijn’,’ onbezet zijn’ betekent. Concreet houdt dat in dat we niet naar ons werk of naar school moeten. Normaal bepalen die grotendeels het ritme van de dag: het uur van opstaan, met een of ander vervoermiddel naar het naar het werk gaan met onderweg het raadplegen van de smartphone , op tijd beginnen, pauze, einde van de werktijd, (veelal in de file of overvolle trein) naar huis, daar op ons nemen hetgeen ons daar wacht: partner, kinderen, klaarmaken van de maaltijd, doorbrengen van de avond met TV en of smartphone tot bedtijd.

Een soortgelijke structuur doet zich voor degenen die naar school moeten.

Van die verplichtingen zijn we dan enkele weken vrij. Vaak een verademing. Tijd voor elkaar en voor wat ons omringt,  die er door werk, school of vermoeidheid bij is ingeschoten kan worden hernomen. De gezinszondag van gezinnen met werkende ouders wordt verlengd tot gezinsvakantieweken. Heerlijk toch. Er is ruimte voor aandacht  voor elkaar, interesse voor wie de ander is en voor hetgeen hem/haar bezig houdt, voor het ‘zien’ en op zich laten inwerken van de omgeving, voor het gesprek met elkaar, voor het (samen) ondernemen. Mede namens ons clusterbestuur van ‘Morgenster’, de kerkbesturen van de parochies Nijswiller, Wahlwiller en Eys en van pastor Franssen,  wens ik iedereen een ontspannende en verrijkende vakantie. A. Reijnen, pastoor.

ZE HANGEN ER WEER…..

de boeken en schoolshirts aan de vlaggenstokken van de woningen waar zich geslaagden bevinden van door hen gekozen opleidingen. Van harte proficiat, mede namens het clusterbestuur van ‘Morgenster’ en pastor Franssen alle geslaagden van harte proficiat. Maar, na deze  mijlpaal gaat de af te leggen weg verder richting volgend diploma en/of  werk. Uiteindelijk is de bedoeling dat we een zinvolle plaats kunnen innemen in onze samenleving, onze talenten kunnen inzetten voor haar ontwikkeling, economisch, maar ook maatschappelijk. Werk speelt daarbij een belangrijke rol. Niet alleen de hoogte van het salaris, maar ook dat we ons thuis kunnen voelen op onze plek. Dat is niet vanzelfsprekend bij de sterke nadruk in onze samenleving op wat we verdienen. Ik wens alle geslaagden, mede namens onze kerkbesturen voor de toekomst een goede balans tussen studie, inkomen, maatschappelijke betekenis en welbevinden.  A. Reijnen, pastoor

DE LAATSTE ‘KRÖNUNGSMESSE’ IN EYS

Het raakte me wel, moet ik zeggen, de mededeling van de laatste ‘Krönungsmesse’ van W.A. Mozart vanwege de Eyser Muziekdagen tijdens de H. Mis in de kerk van Eys op de laatste zondag van juni. Neem me niet kwalijk als ik dit ervaar als een ‘verlies’. Tegenwoordig wordt verwacht dat men vooral de mogelijkheid van ‘nieuwe kansen’ ziet, als iets dierbaars verdwijnt. Men kan het gemoed echter niet dwingen anders te ervaren dan het doet. Wat vind ik dan ‘verlies’? Het kunnen beluisteren van de muziek van een componist als Mozart ten gehore gebracht in een dorp als het onze met de beweging en inzet die dit met zich bracht. Al enkele jaren eerder hebben de koren van Eys al moeten erkennen, dat hun bezetting van dien aard was, dat ze zelf niet meer de krachten hadden voor een volwaardige uitvoering, Zangers en zangeressen van buiten moesten zorgen voor aanvulling. Wat ik ook een verlies vindt is dat de Krönungsmesse niet meer ten gehore wordt gebracht in een viering van de Eucharistie (dankzegging) in Eys, ook al kwam menigeen van buiten eerder op de muziek af dan op de liturgie. De Krönungsmesse ‘speelde zich immers af’ in ons monumentale ‘huis van God met de mensen’ met zijn goede akoestiek. In de viering kan/kon men ook luisteren naar Gods bevrijdend woord uit onze H. Schrift en degenen die zich thuis voelden in de eredienst konden met elkaar het Christusbrood delen. Toch is er ook dankbaarheid voor die meer dan vijftig jaren tijdens welke de Krönungsmesse in de H. Mis in Eys ten gehore werd gebracht. Het heeft de mensen, die erbij aanwezig waren iets ‘gedaan’.  We kijken ernaar uit of en welke nieuwe kansen zich gaan voordoen, die we vanuit onze parochie zeker welwillend zullen ontvangen. A. Reijnen, pastoor.

MOGE HET NIET ZO ZIJN…….

In een artikel over het levenseinde van een Belgische auteur kom ik de volgende zinsnede tegen: ‘Als er sprake is van de verbetering van iemands bestaan kan men zich afvragen: ‘tot hoever’ en ‘met welke middelen’ Het is zeker deze illusie van grenzeloosheid, die een samenleving ons voorspiegelt di riskeert zoveel mensen ‘ongelukkig’ te maken omdat de realiteit met deze droom niet overeenkomt. Maar wie is er vandaag nog gevormd om deze natuurlijke begrenzing, die ‘normaal’ is en tot de structuur van ons leven behoort, op een spontane, serene, natuurlijke wijze te aanvaarden? Leven we vaak in een wereld die ons doet geloven dat alles mogelijk is of zou moeten zijn? Wordt alles wat het leven dwarsboom, niet vlug als ‘ongeluk’ beschouwd, zeker als het leven niet loopt zoals voorzien of als iets niet gebeurt binnen de voorziene tijdspanne?’

Met andere woorden: jagen mensen met al hun ‘moeten’ en verlangen om ‘mee te kunnen’ een illusie na, die schade veroorzaakt aan hun ziel?  Dat zou zonde zijn. Moge het, in Godsnaam, niet zo zijn.    

 

 

 

 

De betekenis van “Processie”.

By | beschouwingen

DE PROCESSIE

De Processie is een voettocht door (een gedeelte van) de parochie.
In de manier waarop we deze voettocht houden herinneren we ons:

– dat God met ons meetrekt
in onze concrete levensomstandigheden, waarin we weliswaar onze eigen verantwoordelijkheid dragen en houden.

– dat we daarom het Allerheiligste (Brood)
op onze tocht met ons meenemen, Jezus, die in Godsnaam van mensen heeft gehouden ten einde toe.

– dat we, samen met alle bewoners van ons dorp,
wonen en leven op dit stukje van de aardbodem

– dat ons samen optrekken tijdens de processie
ons herinnert aan ons gezamenlijk onderweg zijn door het leven.

– dat we aan dit samen wonen, leven en onderweg zijn,
vorm kunnen geven door de inzet van onze talenten ten bate van het geheel.

Dat daarom de processie een voettocht is

  • van gebed, overweging en eredienst,
  • van het elkaar zien en ontmoeten
  • van verwondering over de mooie land
  • waar wij mogen leven,
  • van dankbaarheid om het goede,
    • dat we met elkaar mogen beleven:
    • de goedheid van mensen om ons heen,
    • hun zorg en liefde,
    • de vrede en de veiligheid tot nu toe,
  • van besef van ons tekort en
  • van onze vraag om Gods hulp

opdat wij bemoedigd worden en getroost op onze gezamenlijke weg door het leven.

Moge onze processie een tocht zijn
tijdens welke gebeden wordt en ontmoetingen plaatsvinden;
maar er ook stilte is, luisteren en zien;
tijdens welke we de eucharistie vieren, het Brood met elkaar delen  en daarin ons herinneren waar het  op aan komt.

Mijnheer pastoor brengt onder uw aandacht:

By | beschouwingen

WAT TE VERSTAAN ONDER ‘GELOVEN’?

In het dagblad Trouw stond vrijdag 22 februari een interview met Edwin Jonker, die dit jaar de Jezus-rol vervult in THE PASSION.  Jonker beschouwt zichzelf niet als gelovig. Ik citeer: ‘Nog steeds ben ik ongelovig. Ik ben tegen de kerk, het instituut, de doctrine. Maar naarmate ik ouder word –ik ben nu 42- mis ik spiritualiteit wel. Ik zie mensen zoeken naar een bepaald houvast en zie het nut in van geloven in iets’. Ik denk dat menigeen zich herkent in bovenstaand citaat. Het instituut ‘kerk’ ligt onder vuur. De misbruikschandalen hebben daar zeer aan bijgedragen. In de katholieke kerk is onder leiding van Paus Franciscus volop bezinning op de kerntaak van de kerk, de vormgeving daarvan en de criteria waaraan leidinggevenden moeten voldoen. De kerk is er om de zending van Jezus Christus, dienstbaar aan de mensheid, voort te zetten door de tijd. Haar ‘doctrine’ zou daarbij behulpzaam moeten zijn. Schiet ze daarin tekort dan is de noodzaak daar ze te ‘hervormen’. Daarmee is men in de kerk onder leiding van paus Franciscus volop bezig. Verder staatin het interview  dat Jonker ‘geraakt wordt door het lijdensverhaal en de eenzaamheid die Jezus voor zijn dood moet hebben gevoeld’. Jonker zoekt naar Jezus’ menselijke kanten. Ik denk dat dit terecht is. Hij is immers mens geworden om heel ons menselijk lot met ons te delen, niet de helft, niet driekwart, maar helemaal, inclusief onze menselijke emoties en gevoelens bij het voltrekken van het leven; inclusief dus ook zijn gevoel van totale verlatenheid op het kruis.
Jonker constateert, zoals wij allemaal, dat er minder gelovigen zijn in Nederland, maar ook dat de maatschappij er niet beter op geworden is. ‘We zijn hard voor elkaar, er klinkt veel geschreeuw en de focus ligt op het individu’.
Hoewel men iemand die zegt ‘niet-gelovig’ te zijn daarin moet respecteren, komt bij mij de vraag op wat we eigenlijk onder ‘geloven’ mogen verstaan? Is niet wezenlijk aan geloven, dat men ‘geraakt’ is door Jezus in zijn leven, lijden en dood, dat hij met ons heeft gedeeld? Voor degenen die zich gelovig noemen is deze zich ‘ongelovig’ noemende Edwin Jonker, op zoek naar spiritualiteit, best een inspirerend man. Het is maar wat je onder ‘(on)gelovig’ verstaat. A. Reijnen, pastoor

EEN MENS ALS WIJ…..

Iedereen kan het overkomen de ene dag toegejuicht, de andere dag verguisd te worden. Het gebeurt in kleine kring, maar zeker in de grote publieke wereld van politici, sporters, figuren uit de wereld van het amusement, het bedrijfsleven, religie. Weinig is zo wispelturig en manipuleerbaar als de (volks)gunst. Het is de tol die men betaalt voor het bekend zijn, voor de invloed die men heeft. Het spreekwoord is niet voor niets ‘hoge bomen vangen veel wind’.  van de mens(en) kunnen bespelen. Het verschijnsel laat zien, dat redelijkheid het regelmatig moet afleggen tegen emoties en instincten, die diep in de mens leven. In de zogenoemde Goede Week bezinnen we ons op dat verschijnsel. Christenen gedenken leven en lijden van ‘OOS HERRGÖTTJE’. Maar wij, en ook anderen, gedenken, bijvoorbeeld in THE PASSION in Jezus DE MENS die ons levenslot heeft gedeeld, inclusief wispelturigheid, onterecht vonnis en de dood van een misdadiger, terwijl Hij een en al goedheid was. We maken dat mee van Palmzondag, toegejuicht in de straten van Jeruzalem; in Brood en Beker op Witte Donderdag zijn leven (uit)gedeeld; verguisd en aan het kruis geslagen op Goede Vrijdag. Wat schuilt er toch allemaal in ons zowel ten goede als ten kwade? Christenen geloven dat de Goede Mens niet ten onder kan gaan, maar in Jezus is opgestaan ten leven. In zijn voetspoor willen wij, christenen, gaan. Een Goede Week van voorbereiding. Neem, als het even kan, tijd om mee te doen aan de vieringen in onze kerk; en Zalig Pasen, A. Reijnen, pastoor

WAAR GROEIEN WE NAARTOE? WIE DIENT ZICH AAN?

By | beschouwingen

WAAR GROEIEN WE NAARTOE?
Veel mensen, die deelnemen aan het arbeidsproces zijn belast, vaak te zwaar belast. Er wordt veel van hen geëist. Het arbeidstempo is vaak hoog, de druk om te presteren is hoog, de drukte op de wegen heen en terug naar de arbeidsplaats  vraagt grote oplettendheid en dus energie. Men komt vermoeid thuis en is blij ’s avonds geen verplichtingen meer te hebben.  Is dat vol te houden? Hoeveel mensen houden dat vol? Overheersen werk,
Economie, streven naar toenemende welvaart niet teveel het leven? En, Is die situatie wel gezond? De Vlaamse psychiater Dirk de Wachter heeft een boek geschreven ‘Borderline times’. We worden hoe langer hoe meer gedwongen op de grens van ons kunnen te leven, met gevaar dat we omkiepen. Moeten we niet bewust(er) gaan kiezen voor wat goed voor ons is? Dan maar wat minder gaan verdienen, maar wel grotere aandacht voor de verschillende facetten van het leven: onze innerlijke rust, het er (werkelijk) zijn voor elkaar, het ‘samen leven’ in onze dorpen, de betrokkenheid op de elementen van belang voor de leefbaarheid, bv. het verenigingsleven?  Lopen we niet het gevaar in de toekomst te wonen in ‘dode’ dorpen, waarin ieder voor zichzelf leeft, men ‘geen tijd’ heeft om elkaars deelgenoot te zijn en de eenzaamheid toe- en het welzijn afneemt?  Waar groeien we naartoe?

WIE DIENT ZICH AAN?
Het is 25 februari. In de pastorie vergadert het Missiecomité van cluster ‘Morgenster’, het samenwerkingsverband van de parochies Eys, Nijswiller en Wahlwiller. We zitten met een twaalftal mensen rond de tafel, drie mannen en de overige deelnemers vrouwen, de zestig soms allang gepasseerd. Maar allemaal gevoed door een gelovige inspiratie bekommerd om de nood in veel ontwikkelingslanden. Ze zijn allemaal vrijwilliger en steken veel tijd in kledingactie, vastenactie, week ter ondersteuning van werkers in de ontwikkelingslanden.  De voorzitter is wegens tijdgebrek gestopt, baan en gezin eisen zijn energie op. De penningmeester wil na vele jaren van voortreffelijke zorg zijn geldbuidel-met- geld- voor- mensen-in armoede overgeven aan een jonger iemand. Zijn leeftijd speelt hem parten. Wie dient zich aan om de voorzitter en penningmeester op te volgen?  Iemand merkt op ‘je vindt geen jongeren; de missiegedachte raakt hen niet’. We vinden het spijtig, maar willen niet pessimistisch zijn. Hopelijk worden zij echt geraakt door andere vormen van bekommernis om mensen in armoede en mensen met weinig of geen kansen in het leven. De vraag is toch: WIE DIENT ZICH AAN? We missen niet alleen de jeugd, maar ook de inbreng van de generatie tussen de 40 en de 70. Niet alleen het Missiecomité, maar ook het verenigingsleven in onze dorpen heeft hetzelfde probleem. Er is gebrek aan mensen, die zich niet voor een enkele klus, maar voor langere tijd willen verbinden om bestuurlijk werkzaam te zijn. Misschien moeten we ons collectief gaan bezinnen op: WAAR GROEIEN WE NAAR TOE? Intussen hoopt het Missiecomité dat er zich nieuwe leden aanmelden onder wie er bereid zijn ook een functie in het bestuur te aanvaarden. Meldt U tijdens kantooruren van het secretariaat aan in de pastorie: maandagmorgen tussen 9.00 en 12.00 uur of donderdagmorgen tussen 14.00 en 16.00 u. Telefoon (043  451 1243). Via e-mail kan ook: h.agatha.eys@hetnet.nl. Voor Nijswiller kunt u ook terecht bij mevr. L. Jongkamp Ireneweg 10 (043 451 2382). Voor Wahlwiller kunt u zich ook wenden tot dhr. W. Hendrks Eindersraat 9  451 2241. A. Reijnen, pastoor

Mijnheer pastoor schrijft…………………….

By | beschouwingen

TIJD OM TE ‘VASTEN’?

In de kring van christenen spreekt men tegenwoordig eerde over ‘veertigdagentijd’ dan over ‘vastentijd’. Dat klinkt wat neutraler. Veertig dagen duurt de voorbereiding op het grootste christelijke feest ‘Pasen’. Of men in die tijd wat aan ‘vasten’ doet lijkt men zelf te willen uitmaken. Van oudsher is het echter zo, dat men zich op de grote christelijke feesten voorbereidt, een periode van ‘zuivering’ inlast en daarom ‘kriebelt’ er ook wat als Kerstmis en Pasen in het vizier komen. Er kan niet alleen ‘malware’ binnen sluipen in de computer maar  zich ook vastzetten op onze ‘innerlijke harde schijf’. Hoe zouden we ons innerlijk kunnen zuiveren.  Het eerste wat bij me opkomt is het tijd nemen voor stilte. ‘In de stilte behoort een mens zichzelf toe’, zegt de Franse filosoof Gabriël Marcel. Stilte is dus meer dan de afwezigheid van verschillende vormen van geluid en lawaai. Nee, in de stilte gebeurt er iets, n.l. heeft men gelegenheid om  te luisteren naar zichzelf, naar hoe men ‘het werkelijk maakt’ in de verschillende lagen van het bestaan, lichamelijk, psychisch, geestelijk. In de stilte kan men dus op het spoor komen van wat het eigen leven opbouwt en in de weg staat. Dat kan leiden tot vragen over de levenspraktijk tot nu toe en of men niet moet ‘opruimen’ wat het leven in zijn verschillend lagen ongeproportioneerd belast. Smartphone is goed maar…..; een biertje is goed, maar…..; ik rijd graag auto, maar; mijn eetpatroon….. moet ik daar net wat aan doen?  Mijn ‘aanschafbeleid’ …? Het zijn van die vragen die kunnen leiden tot een eigentijdse manier van ‘vasten’, om gezuiverd en innerlijk vrijer des te beter Pasen te kunnen vieren.

OPSTAAN, OPSTANDING, PASEN

Iedere dag staan verreweg de meesten van ons op, alleen zieke mensen houden het bed. Door op te staan begeven we ons weer in  de wereld van levenden van alledag. Hoe de levensdag verloopt is een ander chapiter: dynamisch, vrolijk, gelukkig, verdrietig, vol stress, met troubles, teleurstellend, ongelukkig. Vraag je iemand die met tegenslag te kampen heeft hoe het gaat dan is het antwoord vaak ‘het moet’. Iedere dag staat hij/zij op met de opgave te proberen het leven weer op te pakken en erin thuis te raken. Het is een poging tot opstaan uit de pech, het verdriet, de tegenslag. Of, waar dat opstaan te maken heeft met eigen (verkeerde) keuzes, een opstaan uit verslaving aan  dingen die een mens niet echt gelukkig kunnen maken; een opstaan om ruimte te scheppen voor accepteren van jezelf, accepteren van het ‘anders zijn van de ander’, mededogen met en/of vergeving van de ander; tegemoetkomen van de ander. De evangelieverhalen staan vol van het ‘opstaan’ van mensen uit kwalen, uit bezeten zijn van ‘boze geesten’, uit vormen van negativiteit  t.a.v. zichzelf of medemensen, zelfs opstaan uit dood in de verschillende vormen waarin  ‘dood’ zich kan voordoen.

Hoogtepunt daarin is de ‘opstanding’ van Jezus met Pasen; doorbraak van de uitzichtloosheid  van de dood, als gevolg van het hem, integere mens, aangedane martelingen en kruisdood. Heel zijn optreden stond tot in zijn dood, in dienst van het tot leven komen van mensen. Voor gelovige christenen is er samenhang tussen opstaan in zin verschillende vormen, opstanding en Pasen. Neergang en ondergang hebben niet het laatste woord. Zalig Pasen, mede namens de kerkbesturen van cluster ‘Morgenster’. A. Reijnen

Mijnheer Pastoor schrijft…

By | beschouwingen

VREDESLICHT MET KERSTMIS.

Het vredeslicht wordt ook dit jaar weer vóór Kerstmis opgehaald in de geboortekerk van Bethlehem en naar Nederland gebracht door leden van de scouting. In de Roermondse kathedraal kan het op 23 december worden opgehaald tijdens een viering om 11.30. Ook onze parochies van de cluster Morgenster zullen het Vredeslicht binnenhalen. Parochianen kunnen het, wellicht het beste met een lantaarntje, ophalen en thuis voor het venster plaatsen. Ik hoop dat velen ervan gebruik zullen maken. Kerstmis is immers de tijd van het Eer aan God in den Hoge en ‘vrede op aarde aan de mensen van goede wil’. ‘En wie is dat niet?’ schreef emeritus Bisschop Frans Wierts het vorig jaar nog in zijn kerstwens. AR

TEGENGEKOMEN bij het lezen:
Al sinds de 16e eeuw, maar vooral de eeuwen daarna is er een beweging om de mens te bevrijden van alles wat hem bindt: autoriteit, voorschriften, ordeningen, leer, instellingen en conventies. Men noemt die beweging ‘de Verlichting’. Die beweging, sinds de 2e wereldoorlog in alle lagen van de bevolking doorgedrongen heet nu ‘Secularisatie’. Die zit in de tijdgeest, mensen worden erdoor meegenomen. De liberale politiek heeft er veel aan te danken. Traditionele politieke partijen, maar ook de kerken met hun bindende leer, voorschriften en gebruiken ondervinden daar de gevolgen van. Ook daarvan wil men ‘vrij’ zijn. Toch is de vraag of men zich altijd bewust is van wat aan het gebeuren is. In het Kerkblad van de Zwitserse Bisdommen van ruim een jaar geleden staat een uitspraak van prof. John Milbank uit Cambridge: ‘De secularisering dient te worden afgewezen, want op de dood van God volgt noodzakelijk de dood van de mens’. Hij nuanceert dat door te zeggen: ‘Het christendom zelf is de bron van een positieve secularisering als daaronder wordt verstaan minder heilig ontzag voor politieke en andere macht. Daartegenover staan t –volgens hem- krachten in de menselijke geest’, die de mens écht vrij maken, de mens ‘heilig’ zouden moeten zijn. Milbank deed denken aan de jaren ’60 van de vorige eeuw. Toen werd er veel geschreven over ‘de dood van God’. We kunnen de wereld zelf wel in handen nemen, werd gezegd. De Anglicaanse bisschop John A.T. Robinson pleitte toen in zijn boekje ‘Eerlijk voor God’ om God te beschouwen als grond van ons bestaan en niet een god te ontwerpen naar ons eigen beeld en gelijkenis. Werkelijk vrij makende krachten van de menselijke geest (Geest) zijn: mededogen, respect, barmhartigheid, eenvoud, bescheidenheid, vriendelijkheid, geduld, trouw en liefde. Het geloof in God bevat dé uitdaging om een goed mens te zijn. Zonder een God van leven volgt –volgens Milbank de ‘dood van de mens’.
Minstens iets om over na te denken. AR

 

KERSTMIS
Kerstmis wordt tegenwoordig op vele manieren gevierd. Als sinds oktober wordt er reclame gemaakt met busreizen in Europa, vliegreizen naar warme landen buiten Europa, cruises in de Middellandse zee, in het Caraïbisch gebied en naar de VS. Klaarblijkelijk zijn bij velen de middelen voorhanden om op die aanbiedingen in te gaan. Dicht bij huis vinden we de kerstmarkten, kerstshows en andere evenementen, die vertier bieden. De misschien menigeen ouderwets in de oren klinkende kerstwens ‘Zalig Kerstfeest’ met zijn katholieke achtergrond is vervangen of aangevuld met wensen als ‘prettige’ of ‘fijne’ of ‘gezellige’ (kerst)dagen. En waarom ook niet? Men hoopt op plezierig verlopende vrije dagen met ruimte voor extra genieten. Eigenlijk zou je, als je tijdens de kerstdagen mensen tegenkomt, moeten weten hoe men kerstmis viert en wat men ervan verlangt, om aan te kunnen voelen welke verwachtingen er zijn. Men kan er de kerstwens op aanpassen. Iedereen worde zijn/haar eigen kerstmis gegund.

Binnen het kerkgebouw zal het ‘zelige krismes’ nog wel blijven klinken. Dat heeft ermee te maken, dat christenen vieren dat hen in de geboorte van het Jezuskind, ‘heil’ overkomen is. Jezus is immers voor christenen ‘de mens geworden liefde van God’. Wat dat betekent kunnen we proberen te bevatten maar het is ook een niet te doorgronden ‘geheim’: God die mens wordt, ‘God vermenselijkt’ en ‘mens vergoddelijkt’. Evengoed voor christenen een bron van een intense vreugde. Wij worden bemind; en wat is belangrijker voor een mens dan het besef bemind te worden. Met Kerstmis is iedereen welkom in onze kerken om stil te staan bij dit grote mysterie en het mee te vieren. Aan allen prettige, gezellige, fijne vredige en zalige Kerstdagen toegewenst.
Mede namens pastor A. Franssen en de kerkbesturen van cluster Morgenster, A. Reijnen, pastoor.  

 

NIEUWJAAR.
Op 1 januari vieren we Nieuwjaar. In veel landen is het voorzien van een getal 2019. Voor kinderen die zo gauw mogelijk verlangen groot te zijn kunnen Nieuwe Jaren niet snel genoeg achter elkaar volgen. Grote mensen, die leven ‘in het midden van de tijd’, ervaren Nieuwjaar als een gebruikelijke markering van de tijd: het ene jaar is afgelopen het volgende begint. Zo volgen maanden en dagen, uren, minuten en seconden elkaar op. Evengoed hoort men toch regelmatig de verzuchting ‘een jaar betekent tegenwoordig niks meer’; ‘voor je er erg in hebt zijn de kinderen groot, het gaat allemaal veel te snel’. ‘Rap gaan de jaren voorbij’. Voor oudere mensen geldt dat helemaal. Ze vragen zich af: ‘waar is de tijd gebleven?’ Ze ervaren de voortschrijdende tijd aan hun strammere ledematen, aan hun groter wordende (klein)kinderen, aan de snelle veranderingen in en toename van mogelijkheden om het leven vorm te geven. Het verleden hebben we achter ons, het oude jaar is spoedig voorbij. Evengoed kijken we allemaal, jong en oud, uit naar onze toekomst. Wat die precies brengen zal weten we niet. Wat we verlangen weten we over het algemeen wel: een gelukkig leven met weinig sores en weinig trammelant. Niet voor niets wensen we elkaar een ‘gelukkig Nieuwjaar’. Sommigen zullen nog zeggen: ‘ee gelukziëiig Neujoar’. Daarin klinkt door het toevertrouwen van onze toekomst aan ‘oze Herrgott’.
Gelovend dat onze toekomst inderdaad bij Hem in goede handen is wens ik u allen mede namens collega A. Franssen en de collega’s van de kerkbesturen van cluster Morgenster een Zalig Nieuwjaar.
A. Reijnen, pastoor.

 

‘UW SCHERMTIJD BEDRAAGT 20 MINUTEN’………
‘Deze week bedraagt uw schermtijd 20 minuten’ stond op het scherm van mijn pas in gebruik genomen I-phone. (NB. De meeste telefoons komen bij mij binnen via de telefoon van de pastorie).Het deed me denken aan het ‘gewetensonderzoek’ van vroeger als of niet bij het avondgebed op het eind van de dag. Je liet dan de dag door je heengaan en voeg je af hoe je die had doorgebracht. Je dankte voor wat goed was en had berouw t.a.v. wat verkeerd was.

Krijgen we nu een nieuwe aansporing tot gewetensonderzoek: hoe lang ben je bezig geweest op je smartphone? Is 20 minuten fout, nl. veel te weinig. Is vier uur per dag goed en 8 uur media zeer goed. Moet ik (grote) spijt en berouw hebben van de ‘slechts 20 minuten die week? En waar is het ’t berichtje op het scherm om begonnen? Draait alles toch om geld? Toch lijkt het voor mediabedrijven als Ziggo-Vodafone en KPN van belang dat ‘de menselijke connectie niet teloorgaat’ (Trouw 28-11-2018 Verdieping p. 6 en 7). Jeroen Hoencamp van Ziggo/Vodafone: ‘Het evenwicht lijkt zoek, we leggen dat ding bijna nooit meer weg, raken de kwaliteit om een gesprek met elkaar aan te gaan kwijt. En ik vind dat ik iets moet vinden van die teloorgang van de menselijke connectie en dat we daar als telecom- en internetbedrijf een verantwoordelijkheid hebben’. Hij heeft (alvast) een lespakket voor scholen ontwikkeld, dat kinderen moet voorlichten en aan een juiste balans moet helpen. Ik heb me voorgenomen me niet te laten opjutten door de opmerking over mijn (geringe) schermtijd. Ik wil zelf baas blijven over ‘dat ding’, het gebruiken als ik het nodig heb en er geen slaaf van worden.
A. Reijnen, pastoor.