Meneer Pastoor schrijft …….

By | beschouwingen

BEZOEK VAN ONZE BISSCHOP MGR. HARRIE SMEETS

Ons dekenaat Gulpen krijg het laatste weekeinde van juni bezoek van onze nieuwe bisschop mgr. Harrie Smeets. Het bezoek duurt van vrijdag 28 t/m 30 juni. Hij gaat een uitgebreid programma afwerken.

Op vrijdag 28 juni:
9.15 uur
is er een ontmoeting van de bisschop met diaconale werkgroepen (Zorgoverleg, Franciscusgroepen etc.) in het parochiecentrum van Wijlre, Holegracht 27
10.45 uur is hij in Valkenburg in Hotel Walram voor een ontmoeting met de toeristische sector van ons dekenaat.
14.00 uur is hij in de Eyserhof in Eys voor de ontmoeting met de agrarische sector.      
17.00 uur
gebruikt hij het avondmaal in Gulpen met de pastores van het dekenaat.
19.00 uur viert hij met de pastores, kerkbesturen en andere gelovigen, die erbij willen zijn de Eucharistie in de kerk van Gulpen.
20.00 uur volgt de ontmoeting met de kerkbesturen in het parochiezaaltje van Gulpen.

Op zaterdag 29 juni is er een ontmoeting van de bisschop met de parochievrijwilligers, verenigingen, organisaties en stichtingen in ons dekenaat. Die ontmoeting gaat gepaard met een wandeling vanaf de parkeerplaats van het Wielderhoes. Mn melde zich aan bi jA. Huveneers op haar e-mailadres  anniehuveneers@kpnmail.nl pf telefonisch 043 4502261.
14.00 uur ontmoet bisschop Smeets de Jonkheden in ons dekenaat.
16.00 uur bezoekt de bisschop de 99-jarige pastoor Penders in het dr. Ackenshuis in Gulpen.
19.00 uur viert hij de Eucharistie samen met de parochianen van Bemelen.

Op zondag 30 juni viert hij:           
9.30 uur
de H. Mis in Gulpen en trekt hij mee met de processie naar Euverem.
14.00 uur ontmoet jij de leden van het Caritasfonds uit Gulpen (het voormalige Armenfonds)
15.30 uur brengt de bisschop een bezoek aan het hospice van Oosterbeemd in Valkenburg.
19.00 uur bezoekt hij de ondergrondse kapel in de groeve te Sibbe in het kader van 75 jaar bevrijding.

De secretaris van ons dekenaat, Th Dahlmans,  heeft inmiddels de pastores (priesters en diakens), kerkbesturen, federatie besturen. clusterbesturen van een en ander op de hoogte gesteld. Met het verzoek de betreffende geledingen in de parochies op de hoogte t stellen.

Omdat het de bisschop begonnen is om zo breed mogelijk mensen te ontmoeten en geïnformeerd te worden is het duidelijk dat gerekend wordt op een goede deelnamen uit de verschillende groepen en parochies.
A. Reijnen, pastoor

VAKANTIE

Het woord ‘vakantie’ is ontleend aan het Latijnse woord ‘vacare’ dat ‘vrij zijn’,’ onbezet zijn’ betekent. Concreet houdt dat in dat we niet naar ons werk of naar school moeten. Normaal bepalen die grotendeels het ritme van de dag: het uur van opstaan, met een of ander vervoermiddel naar het naar het werk gaan met onderweg het raadplegen van de smartphone , op tijd beginnen, pauze, einde van de werktijd, (veelal in de file of overvolle trein) naar huis, daar op ons nemen hetgeen ons daar wacht: partner, kinderen, klaarmaken van de maaltijd, doorbrengen van de avond met TV en of smartphone tot bedtijd.

Een soortgelijke structuur doet zich voor degenen die naar school moeten.

Van die verplichtingen zijn we dan enkele weken vrij. Vaak een verademing. Tijd voor elkaar en voor wat ons omringt,  die er door werk, school of vermoeidheid bij is ingeschoten kan worden hernomen. De gezinszondag van gezinnen met werkende ouders wordt verlengd tot gezinsvakantieweken. Heerlijk toch. Er is ruimte voor aandacht  voor elkaar, interesse voor wie de ander is en voor hetgeen hem/haar bezig houdt, voor het ‘zien’ en op zich laten inwerken van de omgeving, voor het gesprek met elkaar, voor het (samen) ondernemen. Mede namens ons clusterbestuur van ‘Morgenster’, de kerkbesturen van de parochies Nijswiller, Wahlwiller en Eys en van pastor Franssen,  wens ik iedereen een ontspannende en verrijkende vakantie. A. Reijnen, pastoor.

ZE HANGEN ER WEER…..

de boeken en schoolshirts aan de vlaggenstokken van de woningen waar zich geslaagden bevinden van door hen gekozen opleidingen. Van harte proficiat, mede namens het clusterbestuur van ‘Morgenster’ en pastor Franssen alle geslaagden van harte proficiat. Maar, na deze  mijlpaal gaat de af te leggen weg verder richting volgend diploma en/of  werk. Uiteindelijk is de bedoeling dat we een zinvolle plaats kunnen innemen in onze samenleving, onze talenten kunnen inzetten voor haar ontwikkeling, economisch, maar ook maatschappelijk. Werk speelt daarbij een belangrijke rol. Niet alleen de hoogte van het salaris, maar ook dat we ons thuis kunnen voelen op onze plek. Dat is niet vanzelfsprekend bij de sterke nadruk in onze samenleving op wat we verdienen. Ik wens alle geslaagden, mede namens onze kerkbesturen voor de toekomst een goede balans tussen studie, inkomen, maatschappelijke betekenis en welbevinden.  A. Reijnen, pastoor

DE LAATSTE ‘KRÖNUNGSMESSE’ IN EYS

Het raakte me wel, moet ik zeggen, de mededeling van de laatste ‘Krönungsmesse’ van W.A. Mozart vanwege de Eyser Muziekdagen tijdens de H. Mis in de kerk van Eys op de laatste zondag van juni. Neem me niet kwalijk als ik dit ervaar als een ‘verlies’. Tegenwoordig wordt verwacht dat men vooral de mogelijkheid van ‘nieuwe kansen’ ziet, als iets dierbaars verdwijnt. Men kan het gemoed echter niet dwingen anders te ervaren dan het doet. Wat vind ik dan ‘verlies’? Het kunnen beluisteren van de muziek van een componist als Mozart ten gehore gebracht in een dorp als het onze met de beweging en inzet die dit met zich bracht. Al enkele jaren eerder hebben de koren van Eys al moeten erkennen, dat hun bezetting van dien aard was, dat ze zelf niet meer de krachten hadden voor een volwaardige uitvoering, Zangers en zangeressen van buiten moesten zorgen voor aanvulling. Wat ik ook een verlies vindt is dat de Krönungsmesse niet meer ten gehore wordt gebracht in een viering van de Eucharistie (dankzegging) in Eys, ook al kwam menigeen van buiten eerder op de muziek af dan op de liturgie. De Krönungsmesse ‘speelde zich immers af’ in ons monumentale ‘huis van God met de mensen’ met zijn goede akoestiek. In de viering kan/kon men ook luisteren naar Gods bevrijdend woord uit onze H. Schrift en degenen die zich thuis voelden in de eredienst konden met elkaar het Christusbrood delen. Toch is er ook dankbaarheid voor die meer dan vijftig jaren tijdens welke de Krönungsmesse in de H. Mis in Eys ten gehore werd gebracht. Het heeft de mensen, die erbij aanwezig waren iets ‘gedaan’.  We kijken ernaar uit of en welke nieuwe kansen zich gaan voordoen, die we vanuit onze parochie zeker welwillend zullen ontvangen. A. Reijnen, pastoor.

MOGE HET NIET ZO ZIJN…….

In een artikel over het levenseinde van een Belgische auteur kom ik de volgende zinsnede tegen: ‘Als er sprake is van de verbetering van iemands bestaan kan men zich afvragen: ‘tot hoever’ en ‘met welke middelen’ Het is zeker deze illusie van grenzeloosheid, die een samenleving ons voorspiegelt di riskeert zoveel mensen ‘ongelukkig’ te maken omdat de realiteit met deze droom niet overeenkomt. Maar wie is er vandaag nog gevormd om deze natuurlijke begrenzing, die ‘normaal’ is en tot de structuur van ons leven behoort, op een spontane, serene, natuurlijke wijze te aanvaarden? Leven we vaak in een wereld die ons doet geloven dat alles mogelijk is of zou moeten zijn? Wordt alles wat het leven dwarsboom, niet vlug als ‘ongeluk’ beschouwd, zeker als het leven niet loopt zoals voorzien of als iets niet gebeurt binnen de voorziene tijdspanne?’

Met andere woorden: jagen mensen met al hun ‘moeten’ en verlangen om ‘mee te kunnen’ een illusie na, die schade veroorzaakt aan hun ziel?  Dat zou zonde zijn. Moge het, in Godsnaam, niet zo zijn.    

 

 

 

 

De betekenis van “Processie”.

By | beschouwingen

DE PROCESSIE

De Processie is een voettocht door (een gedeelte van) de parochie.
In de manier waarop we deze voettocht houden herinneren we ons:

– dat God met ons meetrekt
in onze concrete levensomstandigheden, waarin we weliswaar onze eigen verantwoordelijkheid dragen en houden.

– dat we daarom het Allerheiligste (Brood)
op onze tocht met ons meenemen, Jezus, die in Godsnaam van mensen heeft gehouden ten einde toe.

– dat we, samen met alle bewoners van ons dorp,
wonen en leven op dit stukje van de aardbodem

– dat ons samen optrekken tijdens de processie
ons herinnert aan ons gezamenlijk onderweg zijn door het leven.

– dat we aan dit samen wonen, leven en onderweg zijn,
vorm kunnen geven door de inzet van onze talenten ten bate van het geheel.

Dat daarom de processie een voettocht is

  • van gebed, overweging en eredienst,
  • van het elkaar zien en ontmoeten
  • van verwondering over de mooie land
  • waar wij mogen leven,
  • van dankbaarheid om het goede,
    • dat we met elkaar mogen beleven:
    • de goedheid van mensen om ons heen,
    • hun zorg en liefde,
    • de vrede en de veiligheid tot nu toe,
  • van besef van ons tekort en
  • van onze vraag om Gods hulp

opdat wij bemoedigd worden en getroost op onze gezamenlijke weg door het leven.

Moge onze processie een tocht zijn
tijdens welke gebeden wordt en ontmoetingen plaatsvinden;
maar er ook stilte is, luisteren en zien;
tijdens welke we de eucharistie vieren, het Brood met elkaar delen  en daarin ons herinneren waar het  op aan komt.

Mijnheer pastoor brengt onder uw aandacht:

By | beschouwingen

WAT TE VERSTAAN ONDER ‘GELOVEN’?

In het dagblad Trouw stond vrijdag 22 februari een interview met Edwin Jonker, die dit jaar de Jezus-rol vervult in THE PASSION.  Jonker beschouwt zichzelf niet als gelovig. Ik citeer: ‘Nog steeds ben ik ongelovig. Ik ben tegen de kerk, het instituut, de doctrine. Maar naarmate ik ouder word –ik ben nu 42- mis ik spiritualiteit wel. Ik zie mensen zoeken naar een bepaald houvast en zie het nut in van geloven in iets’. Ik denk dat menigeen zich herkent in bovenstaand citaat. Het instituut ‘kerk’ ligt onder vuur. De misbruikschandalen hebben daar zeer aan bijgedragen. In de katholieke kerk is onder leiding van Paus Franciscus volop bezinning op de kerntaak van de kerk, de vormgeving daarvan en de criteria waaraan leidinggevenden moeten voldoen. De kerk is er om de zending van Jezus Christus, dienstbaar aan de mensheid, voort te zetten door de tijd. Haar ‘doctrine’ zou daarbij behulpzaam moeten zijn. Schiet ze daarin tekort dan is de noodzaak daar ze te ‘hervormen’. Daarmee is men in de kerk onder leiding van paus Franciscus volop bezig. Verder staatin het interview  dat Jonker ‘geraakt wordt door het lijdensverhaal en de eenzaamheid die Jezus voor zijn dood moet hebben gevoeld’. Jonker zoekt naar Jezus’ menselijke kanten. Ik denk dat dit terecht is. Hij is immers mens geworden om heel ons menselijk lot met ons te delen, niet de helft, niet driekwart, maar helemaal, inclusief onze menselijke emoties en gevoelens bij het voltrekken van het leven; inclusief dus ook zijn gevoel van totale verlatenheid op het kruis.
Jonker constateert, zoals wij allemaal, dat er minder gelovigen zijn in Nederland, maar ook dat de maatschappij er niet beter op geworden is. ‘We zijn hard voor elkaar, er klinkt veel geschreeuw en de focus ligt op het individu’.
Hoewel men iemand die zegt ‘niet-gelovig’ te zijn daarin moet respecteren, komt bij mij de vraag op wat we eigenlijk onder ‘geloven’ mogen verstaan? Is niet wezenlijk aan geloven, dat men ‘geraakt’ is door Jezus in zijn leven, lijden en dood, dat hij met ons heeft gedeeld? Voor degenen die zich gelovig noemen is deze zich ‘ongelovig’ noemende Edwin Jonker, op zoek naar spiritualiteit, best een inspirerend man. Het is maar wat je onder ‘(on)gelovig’ verstaat. A. Reijnen, pastoor

EEN MENS ALS WIJ…..

Iedereen kan het overkomen de ene dag toegejuicht, de andere dag verguisd te worden. Het gebeurt in kleine kring, maar zeker in de grote publieke wereld van politici, sporters, figuren uit de wereld van het amusement, het bedrijfsleven, religie. Weinig is zo wispelturig en manipuleerbaar als de (volks)gunst. Het is de tol die men betaalt voor het bekend zijn, voor de invloed die men heeft. Het spreekwoord is niet voor niets ‘hoge bomen vangen veel wind’.  van de mens(en) kunnen bespelen. Het verschijnsel laat zien, dat redelijkheid het regelmatig moet afleggen tegen emoties en instincten, die diep in de mens leven. In de zogenoemde Goede Week bezinnen we ons op dat verschijnsel. Christenen gedenken leven en lijden van ‘OOS HERRGÖTTJE’. Maar wij, en ook anderen, gedenken, bijvoorbeeld in THE PASSION in Jezus DE MENS die ons levenslot heeft gedeeld, inclusief wispelturigheid, onterecht vonnis en de dood van een misdadiger, terwijl Hij een en al goedheid was. We maken dat mee van Palmzondag, toegejuicht in de straten van Jeruzalem; in Brood en Beker op Witte Donderdag zijn leven (uit)gedeeld; verguisd en aan het kruis geslagen op Goede Vrijdag. Wat schuilt er toch allemaal in ons zowel ten goede als ten kwade? Christenen geloven dat de Goede Mens niet ten onder kan gaan, maar in Jezus is opgestaan ten leven. In zijn voetspoor willen wij, christenen, gaan. Een Goede Week van voorbereiding. Neem, als het even kan, tijd om mee te doen aan de vieringen in onze kerk; en Zalig Pasen, A. Reijnen, pastoor

WAAR GROEIEN WE NAARTOE? WIE DIENT ZICH AAN?

By | beschouwingen

WAAR GROEIEN WE NAARTOE?
Veel mensen, die deelnemen aan het arbeidsproces zijn belast, vaak te zwaar belast. Er wordt veel van hen geëist. Het arbeidstempo is vaak hoog, de druk om te presteren is hoog, de drukte op de wegen heen en terug naar de arbeidsplaats  vraagt grote oplettendheid en dus energie. Men komt vermoeid thuis en is blij ’s avonds geen verplichtingen meer te hebben.  Is dat vol te houden? Hoeveel mensen houden dat vol? Overheersen werk,
Economie, streven naar toenemende welvaart niet teveel het leven? En, Is die situatie wel gezond? De Vlaamse psychiater Dirk de Wachter heeft een boek geschreven ‘Borderline times’. We worden hoe langer hoe meer gedwongen op de grens van ons kunnen te leven, met gevaar dat we omkiepen. Moeten we niet bewust(er) gaan kiezen voor wat goed voor ons is? Dan maar wat minder gaan verdienen, maar wel grotere aandacht voor de verschillende facetten van het leven: onze innerlijke rust, het er (werkelijk) zijn voor elkaar, het ‘samen leven’ in onze dorpen, de betrokkenheid op de elementen van belang voor de leefbaarheid, bv. het verenigingsleven?  Lopen we niet het gevaar in de toekomst te wonen in ‘dode’ dorpen, waarin ieder voor zichzelf leeft, men ‘geen tijd’ heeft om elkaars deelgenoot te zijn en de eenzaamheid toe- en het welzijn afneemt?  Waar groeien we naartoe?

WIE DIENT ZICH AAN?
Het is 25 februari. In de pastorie vergadert het Missiecomité van cluster ‘Morgenster’, het samenwerkingsverband van de parochies Eys, Nijswiller en Wahlwiller. We zitten met een twaalftal mensen rond de tafel, drie mannen en de overige deelnemers vrouwen, de zestig soms allang gepasseerd. Maar allemaal gevoed door een gelovige inspiratie bekommerd om de nood in veel ontwikkelingslanden. Ze zijn allemaal vrijwilliger en steken veel tijd in kledingactie, vastenactie, week ter ondersteuning van werkers in de ontwikkelingslanden.  De voorzitter is wegens tijdgebrek gestopt, baan en gezin eisen zijn energie op. De penningmeester wil na vele jaren van voortreffelijke zorg zijn geldbuidel-met- geld- voor- mensen-in armoede overgeven aan een jonger iemand. Zijn leeftijd speelt hem parten. Wie dient zich aan om de voorzitter en penningmeester op te volgen?  Iemand merkt op ‘je vindt geen jongeren; de missiegedachte raakt hen niet’. We vinden het spijtig, maar willen niet pessimistisch zijn. Hopelijk worden zij echt geraakt door andere vormen van bekommernis om mensen in armoede en mensen met weinig of geen kansen in het leven. De vraag is toch: WIE DIENT ZICH AAN? We missen niet alleen de jeugd, maar ook de inbreng van de generatie tussen de 40 en de 70. Niet alleen het Missiecomité, maar ook het verenigingsleven in onze dorpen heeft hetzelfde probleem. Er is gebrek aan mensen, die zich niet voor een enkele klus, maar voor langere tijd willen verbinden om bestuurlijk werkzaam te zijn. Misschien moeten we ons collectief gaan bezinnen op: WAAR GROEIEN WE NAAR TOE? Intussen hoopt het Missiecomité dat er zich nieuwe leden aanmelden onder wie er bereid zijn ook een functie in het bestuur te aanvaarden. Meldt U tijdens kantooruren van het secretariaat aan in de pastorie: maandagmorgen tussen 9.00 en 12.00 uur of donderdagmorgen tussen 14.00 en 16.00 u. Telefoon (043  451 1243). Via e-mail kan ook: h.agatha.eys@hetnet.nl. Voor Nijswiller kunt u ook terecht bij mevr. L. Jongkamp Ireneweg 10 (043 451 2382). Voor Wahlwiller kunt u zich ook wenden tot dhr. W. Hendrks Eindersraat 9  451 2241. A. Reijnen, pastoor

Mijnheer pastoor schrijft…………………….

By | beschouwingen

TIJD OM TE ‘VASTEN’?

In de kring van christenen spreekt men tegenwoordig eerde over ‘veertigdagentijd’ dan over ‘vastentijd’. Dat klinkt wat neutraler. Veertig dagen duurt de voorbereiding op het grootste christelijke feest ‘Pasen’. Of men in die tijd wat aan ‘vasten’ doet lijkt men zelf te willen uitmaken. Van oudsher is het echter zo, dat men zich op de grote christelijke feesten voorbereidt, een periode van ‘zuivering’ inlast en daarom ‘kriebelt’ er ook wat als Kerstmis en Pasen in het vizier komen. Er kan niet alleen ‘malware’ binnen sluipen in de computer maar  zich ook vastzetten op onze ‘innerlijke harde schijf’. Hoe zouden we ons innerlijk kunnen zuiveren.  Het eerste wat bij me opkomt is het tijd nemen voor stilte. ‘In de stilte behoort een mens zichzelf toe’, zegt de Franse filosoof Gabriël Marcel. Stilte is dus meer dan de afwezigheid van verschillende vormen van geluid en lawaai. Nee, in de stilte gebeurt er iets, n.l. heeft men gelegenheid om  te luisteren naar zichzelf, naar hoe men ‘het werkelijk maakt’ in de verschillende lagen van het bestaan, lichamelijk, psychisch, geestelijk. In de stilte kan men dus op het spoor komen van wat het eigen leven opbouwt en in de weg staat. Dat kan leiden tot vragen over de levenspraktijk tot nu toe en of men niet moet ‘opruimen’ wat het leven in zijn verschillend lagen ongeproportioneerd belast. Smartphone is goed maar…..; een biertje is goed, maar…..; ik rijd graag auto, maar; mijn eetpatroon….. moet ik daar net wat aan doen?  Mijn ‘aanschafbeleid’ …? Het zijn van die vragen die kunnen leiden tot een eigentijdse manier van ‘vasten’, om gezuiverd en innerlijk vrijer des te beter Pasen te kunnen vieren.

OPSTAAN, OPSTANDING, PASEN

Iedere dag staan verreweg de meesten van ons op, alleen zieke mensen houden het bed. Door op te staan begeven we ons weer in  de wereld van levenden van alledag. Hoe de levensdag verloopt is een ander chapiter: dynamisch, vrolijk, gelukkig, verdrietig, vol stress, met troubles, teleurstellend, ongelukkig. Vraag je iemand die met tegenslag te kampen heeft hoe het gaat dan is het antwoord vaak ‘het moet’. Iedere dag staat hij/zij op met de opgave te proberen het leven weer op te pakken en erin thuis te raken. Het is een poging tot opstaan uit de pech, het verdriet, de tegenslag. Of, waar dat opstaan te maken heeft met eigen (verkeerde) keuzes, een opstaan uit verslaving aan  dingen die een mens niet echt gelukkig kunnen maken; een opstaan om ruimte te scheppen voor accepteren van jezelf, accepteren van het ‘anders zijn van de ander’, mededogen met en/of vergeving van de ander; tegemoetkomen van de ander. De evangelieverhalen staan vol van het ‘opstaan’ van mensen uit kwalen, uit bezeten zijn van ‘boze geesten’, uit vormen van negativiteit  t.a.v. zichzelf of medemensen, zelfs opstaan uit dood in de verschillende vormen waarin  ‘dood’ zich kan voordoen.

Hoogtepunt daarin is de ‘opstanding’ van Jezus met Pasen; doorbraak van de uitzichtloosheid  van de dood, als gevolg van het hem, integere mens, aangedane martelingen en kruisdood. Heel zijn optreden stond tot in zijn dood, in dienst van het tot leven komen van mensen. Voor gelovige christenen is er samenhang tussen opstaan in zin verschillende vormen, opstanding en Pasen. Neergang en ondergang hebben niet het laatste woord. Zalig Pasen, mede namens de kerkbesturen van cluster ‘Morgenster’. A. Reijnen

Mijnheer Pastoor schrijft…

By | beschouwingen

VREDESLICHT MET KERSTMIS.

Het vredeslicht wordt ook dit jaar weer vóór Kerstmis opgehaald in de geboortekerk van Bethlehem en naar Nederland gebracht door leden van de scouting. In de Roermondse kathedraal kan het op 23 december worden opgehaald tijdens een viering om 11.30. Ook onze parochies van de cluster Morgenster zullen het Vredeslicht binnenhalen. Parochianen kunnen het, wellicht het beste met een lantaarntje, ophalen en thuis voor het venster plaatsen. Ik hoop dat velen ervan gebruik zullen maken. Kerstmis is immers de tijd van het Eer aan God in den Hoge en ‘vrede op aarde aan de mensen van goede wil’. ‘En wie is dat niet?’ schreef emeritus Bisschop Frans Wierts het vorig jaar nog in zijn kerstwens. AR

TEGENGEKOMEN bij het lezen:
Al sinds de 16e eeuw, maar vooral de eeuwen daarna is er een beweging om de mens te bevrijden van alles wat hem bindt: autoriteit, voorschriften, ordeningen, leer, instellingen en conventies. Men noemt die beweging ‘de Verlichting’. Die beweging, sinds de 2e wereldoorlog in alle lagen van de bevolking doorgedrongen heet nu ‘Secularisatie’. Die zit in de tijdgeest, mensen worden erdoor meegenomen. De liberale politiek heeft er veel aan te danken. Traditionele politieke partijen, maar ook de kerken met hun bindende leer, voorschriften en gebruiken ondervinden daar de gevolgen van. Ook daarvan wil men ‘vrij’ zijn. Toch is de vraag of men zich altijd bewust is van wat aan het gebeuren is. In het Kerkblad van de Zwitserse Bisdommen van ruim een jaar geleden staat een uitspraak van prof. John Milbank uit Cambridge: ‘De secularisering dient te worden afgewezen, want op de dood van God volgt noodzakelijk de dood van de mens’. Hij nuanceert dat door te zeggen: ‘Het christendom zelf is de bron van een positieve secularisering als daaronder wordt verstaan minder heilig ontzag voor politieke en andere macht. Daartegenover staan t –volgens hem- krachten in de menselijke geest’, die de mens écht vrij maken, de mens ‘heilig’ zouden moeten zijn. Milbank deed denken aan de jaren ’60 van de vorige eeuw. Toen werd er veel geschreven over ‘de dood van God’. We kunnen de wereld zelf wel in handen nemen, werd gezegd. De Anglicaanse bisschop John A.T. Robinson pleitte toen in zijn boekje ‘Eerlijk voor God’ om God te beschouwen als grond van ons bestaan en niet een god te ontwerpen naar ons eigen beeld en gelijkenis. Werkelijk vrij makende krachten van de menselijke geest (Geest) zijn: mededogen, respect, barmhartigheid, eenvoud, bescheidenheid, vriendelijkheid, geduld, trouw en liefde. Het geloof in God bevat dé uitdaging om een goed mens te zijn. Zonder een God van leven volgt –volgens Milbank de ‘dood van de mens’.
Minstens iets om over na te denken. AR

 

KERSTMIS
Kerstmis wordt tegenwoordig op vele manieren gevierd. Als sinds oktober wordt er reclame gemaakt met busreizen in Europa, vliegreizen naar warme landen buiten Europa, cruises in de Middellandse zee, in het Caraïbisch gebied en naar de VS. Klaarblijkelijk zijn bij velen de middelen voorhanden om op die aanbiedingen in te gaan. Dicht bij huis vinden we de kerstmarkten, kerstshows en andere evenementen, die vertier bieden. De misschien menigeen ouderwets in de oren klinkende kerstwens ‘Zalig Kerstfeest’ met zijn katholieke achtergrond is vervangen of aangevuld met wensen als ‘prettige’ of ‘fijne’ of ‘gezellige’ (kerst)dagen. En waarom ook niet? Men hoopt op plezierig verlopende vrije dagen met ruimte voor extra genieten. Eigenlijk zou je, als je tijdens de kerstdagen mensen tegenkomt, moeten weten hoe men kerstmis viert en wat men ervan verlangt, om aan te kunnen voelen welke verwachtingen er zijn. Men kan er de kerstwens op aanpassen. Iedereen worde zijn/haar eigen kerstmis gegund.

Binnen het kerkgebouw zal het ‘zelige krismes’ nog wel blijven klinken. Dat heeft ermee te maken, dat christenen vieren dat hen in de geboorte van het Jezuskind, ‘heil’ overkomen is. Jezus is immers voor christenen ‘de mens geworden liefde van God’. Wat dat betekent kunnen we proberen te bevatten maar het is ook een niet te doorgronden ‘geheim’: God die mens wordt, ‘God vermenselijkt’ en ‘mens vergoddelijkt’. Evengoed voor christenen een bron van een intense vreugde. Wij worden bemind; en wat is belangrijker voor een mens dan het besef bemind te worden. Met Kerstmis is iedereen welkom in onze kerken om stil te staan bij dit grote mysterie en het mee te vieren. Aan allen prettige, gezellige, fijne vredige en zalige Kerstdagen toegewenst.
Mede namens pastor A. Franssen en de kerkbesturen van cluster Morgenster, A. Reijnen, pastoor.  

 

NIEUWJAAR.
Op 1 januari vieren we Nieuwjaar. In veel landen is het voorzien van een getal 2019. Voor kinderen die zo gauw mogelijk verlangen groot te zijn kunnen Nieuwe Jaren niet snel genoeg achter elkaar volgen. Grote mensen, die leven ‘in het midden van de tijd’, ervaren Nieuwjaar als een gebruikelijke markering van de tijd: het ene jaar is afgelopen het volgende begint. Zo volgen maanden en dagen, uren, minuten en seconden elkaar op. Evengoed hoort men toch regelmatig de verzuchting ‘een jaar betekent tegenwoordig niks meer’; ‘voor je er erg in hebt zijn de kinderen groot, het gaat allemaal veel te snel’. ‘Rap gaan de jaren voorbij’. Voor oudere mensen geldt dat helemaal. Ze vragen zich af: ‘waar is de tijd gebleven?’ Ze ervaren de voortschrijdende tijd aan hun strammere ledematen, aan hun groter wordende (klein)kinderen, aan de snelle veranderingen in en toename van mogelijkheden om het leven vorm te geven. Het verleden hebben we achter ons, het oude jaar is spoedig voorbij. Evengoed kijken we allemaal, jong en oud, uit naar onze toekomst. Wat die precies brengen zal weten we niet. Wat we verlangen weten we over het algemeen wel: een gelukkig leven met weinig sores en weinig trammelant. Niet voor niets wensen we elkaar een ‘gelukkig Nieuwjaar’. Sommigen zullen nog zeggen: ‘ee gelukziëiig Neujoar’. Daarin klinkt door het toevertrouwen van onze toekomst aan ‘oze Herrgott’.
Gelovend dat onze toekomst inderdaad bij Hem in goede handen is wens ik u allen mede namens collega A. Franssen en de collega’s van de kerkbesturen van cluster Morgenster een Zalig Nieuwjaar.
A. Reijnen, pastoor.

 

‘UW SCHERMTIJD BEDRAAGT 20 MINUTEN’………
‘Deze week bedraagt uw schermtijd 20 minuten’ stond op het scherm van mijn pas in gebruik genomen I-phone. (NB. De meeste telefoons komen bij mij binnen via de telefoon van de pastorie).Het deed me denken aan het ‘gewetensonderzoek’ van vroeger als of niet bij het avondgebed op het eind van de dag. Je liet dan de dag door je heengaan en voeg je af hoe je die had doorgebracht. Je dankte voor wat goed was en had berouw t.a.v. wat verkeerd was.

Krijgen we nu een nieuwe aansporing tot gewetensonderzoek: hoe lang ben je bezig geweest op je smartphone? Is 20 minuten fout, nl. veel te weinig. Is vier uur per dag goed en 8 uur media zeer goed. Moet ik (grote) spijt en berouw hebben van de ‘slechts 20 minuten die week? En waar is het ’t berichtje op het scherm om begonnen? Draait alles toch om geld? Toch lijkt het voor mediabedrijven als Ziggo-Vodafone en KPN van belang dat ‘de menselijke connectie niet teloorgaat’ (Trouw 28-11-2018 Verdieping p. 6 en 7). Jeroen Hoencamp van Ziggo/Vodafone: ‘Het evenwicht lijkt zoek, we leggen dat ding bijna nooit meer weg, raken de kwaliteit om een gesprek met elkaar aan te gaan kwijt. En ik vind dat ik iets moet vinden van die teloorgang van de menselijke connectie en dat we daar als telecom- en internetbedrijf een verantwoordelijkheid hebben’. Hij heeft (alvast) een lespakket voor scholen ontwikkeld, dat kinderen moet voorlichten en aan een juiste balans moet helpen. Ik heb me voorgenomen me niet te laten opjutten door de opmerking over mijn (geringe) schermtijd. Ik wil zelf baas blijven over ‘dat ding’, het gebruiken als ik het nodig heb en er geen slaaf van worden.
A. Reijnen, pastoor.  

Meneer Pastoor brengt onder uw aandacht ………..

By | beschouwingen

Artikel in Trouw Letter en Geest 10-11-2018.

Alleen een reformatie kan de Rooms-Katholieke Kerk nog redden

Rik Torfs– 14:02, 10 november 2018
© Hollandse Hoogte / Camera Press Ltd. Essay

Niet alleen misbruikschandalen ondermijnen de geloofwaardigheid van de katholieke kerk. Hervormt ze niet grondig, dan gaat ze ten onder.
Paus Franciscus heeft de voorzitters van alle bisschoppenconferenties onlangs bijeengeroepen voor een topconferentie over seksueel misbruik. Eind februari staat ze op de agenda. Een uitzonderlijk initiatief, dat twee dingen laat zien. Misbruik in de kerk is een mondiaal probleem. En de druk op de paus groeit

Sommigen denken dat het voor de kerk stilaan over en uit is. Ik niet.
Sommigen denken dat het voor de kerk stilaan over en uit is. Ze zien in een priester een pedofiel en in een katholiek een romanticus die een halve eeuw geleden vergat te ontwaken. Zeker in de sterk geseculariseerde Lage Landen is die gedachte wijdverspreid. Ik deel ze niet.

Radicale daadkracht
De kerk pakte de crisis verkeerd aan, ze dacht meer aan haar eigen reputatie dan aan de slachtoffers. En ze minimaliseerde de omvang van het probleem. “Misbruik is een probleem van jullie. West-Europa. Noord-Amerika”, zei een hoge functionaris van de Congregatie voor de Katholieke Opvoeding me nog geen tien jaar geleden. “In Italië hebben wij dat niet.”
Het wachten is op onthullingen in het zwijgzame Azië. Misbruik is geen ongelukje, het zit in het systeem. En dan luidt de vraag: krijgt de paus de situatie onder controle? Het antwoord is simpel. Onoplosbare problemen zijn er niet, of het moet de sterfelijkheid van de mens zijn. Maar alles hangt ervan af hoe ver Franciscus wil, durft en kan gaan met hervormingen in de kerk. De oplossing vergt een radicale daadkracht die indruist tegen de terughoudende, vreesachtige natuur van het kerkinstituut zelf.
De regels zijn het probleem niet. Het kerkelijk wetboek van 1983 kende een – te beperkte – verjaringstermijn van vijf jaar voor seksueel misbruik door clerici van minderjarigen. Sinds 2011 bedraagt de termijn twintig jaar. Bovendien kan de Congregatie voor de Geloofsleer, die de dossiers behandelt, van deze termijn afwijken.
Van straffeloosheid is kortom geen sprake. Maar, en hier schuilt het probleem, enkel op het niveau van de regelgeving heeft de kerk haar zaken op orde. Want de zwijgcultuur blijft overeind en bisschoppen durven moeilijke dossiers niet aan te pakken. Het zijn niet de rechtsregels die tekortschieten, wel de klerikale cultuur waarbinnen ze moeten worden toegepast.
Ook de bisschoppensynode van oktober, door deze krant ‘geslaagd’ genoemd, weet op dit gebied weinig anders te vertellen dan dat strikte preventiemaatregelen nodig zijn.

Opnieuw geloofwaardig
Wat staat de kerk te doen wil zij opnieuw geloofwaardig worden? Drie punten zijn van belang: een grondige wijziging van haar structuren, een andere omgang met het celibaat en een diepere reflectie over het geloof zelf.
Ondanks de lippendienst die het Tweede Vaticaans Concilie (1962-1965) aan de opwaardering van leken verleende, is de kerk in handen van clerici. Zij zijn de baas en controleren zichzelf. Dus dienen cruciale normen van het kerkelijk wetboek te veranderen. Daaraan wordt vaak een diepe theologische betekenis toegeschreven, wat wijzigingen bemoeilijkt. Daarom is het goed dat de paus de voorzitters van de bisschoppenconferenties consulteert. Hopelijk vertonen ze meer moed dan tijdens synodes en andere vergaderingen doorgaans het geval is.
Welke bepalingen moeten anders? De eerste is canon 135 §1 van het kerkelijk wetboek. Die luidt: “Bestuursmacht wordt onderscheiden in wetgevende, uitvoerende en rechterlijke macht.” Wie goed leest, merkt dat de kerk de drie machten weliswaar onderscheidt, maar niet scheidt. In de wereldkerk verenigt de paus de drie machten in zijn persoon, op lokaal vlak de bisschop. Er zijn geen werkelijk onafhankelijke rechtbanken, echte controle ontbreekt. Hoe komt dat?
Kardinalen komen bij elkaar in Sala Clementina van het Pauselijk Paleis, 21 december 2017. © Corbis via Getty Images
De Spaanse kerkjurist Antonio Viana stelt dat machtsconcentratie bij paus en bisschoppen tot de natuur van de kerk behoort. Dat sluit meteen elke toekomstige verandering uit.
Viana bedoelt dat in de tijd van Christus’ twaalf apostelen (wier opvolgers theologisch gezien de bisschoppen zijn) ook geen scheiding van machten bestond. Dat is juist. Charles de Montesquieu (1689-1755) die de scheiding der machten als concept gestalte gaf, moest ten tijde van de apostelen nog worden geboren. Maar de praktijk van de nauwelijks gestructureerde kerk uit de beginperiode kan geen argument zijn om vandaag onafhankelijke rechtbanken te bestrijden. De hamvraag is dus: hebben paus en bisschoppen de moed onafhankelijke binnenkerkelijke rechtbanken te aanvaarden, met het verlies aan macht dat zulks voor hen meebrengt?
Hier botsen we op een tweede regel die de klerikale cultuur beschermt: canon 129. Die bepaalt dat leken niet kunnen deelnemen aan de bestuursmacht. Ze mogen enkel in de uitoefening ervan meewerken, als ondersteuners. Deze regel kwam er destijds onder invloed van twee belangrijke kardinalen, de Brit Basil Hume (1923-1999), en de Duitser Joseph Ratzinger (1927) die later paus Benedictus werd. Ze deden een beroep op de kerkelijke traditie om hun punt te maken. Daardoor kunnen strikt genomen leken geen rechter worden.
Seksueel misbruik door priesters mag enkel worden beoordeeld door rechters die zelf priester zijn. Dat bevestigt de klerikale cultuur en is allesbehalve geruststellend voor de priesters zelf, die binnen de eigen kaste het slachtoffer kunnen worden van wraakneming. Lekenrechters zijn dus dringend nodig. Dat het goddelijk recht zulks zou verhinderen – wat sommige kerkjuristen beweren – is onjuist: al sinds 1971 beslissen lekenrechters mee over minder ernstige zaken binnen de kerk.
Het is duidelijk dat canon 129 aan verandering toe is. Leken moeten kunnen deelnemen aan de bestuursmacht in de kerk. Maar durft de paus deze radicale koerswijziging aan?

Inclusie van vrouwen
Een derde cruciale bepaling is canon 1024: “Alleen een gedoopte man ontvangt geldig de heilige wijding.” Vrouwen kunnen dus geen priester of diaken worden. Paus Johannes Paulus II deed de deur helemaal op slot toen hij in zijn apostolische brief ‘Ordinatio sacerdotalis’ (1994) schreef dat de goddelijke ordening van de kerk priesterschap voor vrouwen verhindert. Nooit eerder werd de goddelijke ordening met die beslistheid naar voren geschoven.
Dat Johannes Paulus God voor zijn kar spande, maakt het zijn opvolgers moeilijk. Ook Franciscus zei enkele keren dat hij vrouwelijke priesters onmogelijk acht, helaas. Dat de bisschoppensynode van 2018 de ‘inclusie’ van vrouwen een zaak van rechtvaardigheid vindt, verandert niets aan de huidige impasse. Over wijding van de vrouw rept de synode immers met geen woord.
De drie wetswijzigingen zijn noodzakelijk om zowel de wetgeving als de rechtscultuur in de kerk te verbeteren. Ze zorgen voor machtsspreiding en controle op het beleid. Het probleem is dat zulke ideeën bij de Romeinse curie niet leven. Ondertussen wordt de stilstand ondersteund door bedenkelijke argumenten van goddelijk of natuurrecht.
Bisschoppen en experts hebben in februari sterke argumenten nodig om de desastreuze stilstand te doorbreken. Ik verwacht niet dat het meteen lukt.

Vriendin in de garderobe
Een tweede pijnpunt blijft het verplichte priestercelibaat. In het eerste millennium was het niet algemeen. De paus is de opvolger van Petrus – en die had een schoonmoeder. Die kon de apostel enkel verwerven door met haar dochter te huwen. Een halve eeuw geleden werden verschillende mannen priester in de overtuiging dat het met het verplichte celibaat bijna was afgelopen. Hun vriendinnen wachtten in de garderobe. Toen hun hoop een verkeerde inschatting bleek, traden de meesten uit. Anderen hielden er een clandestiene relatie op na, die hun energie wegnam en zowel hun partner als henzelf ongelukkig maakte.
Het verplichte priestercelibaat is er nog altijd. Weliswaar wankelt het. Paus Franciscus suggereerde om viri probati, gehuwde mannen met levenservaring, tot priester te wijden. Dat lost niets op voor jonge ongehuwde priesterkandidaten. Wel kan het een eerste stap zijn. Maar waarom gaat het altijd zo traag?
Vaak wordt het verplichte priestercelibaat als de belangrijkste oorzaak van seksueel misbruik gezien. Dat is onjuist. Niet alle vrijgezellen zijn seksuele roofdieren. De machtsstructuren en het klerikalisme zijn een belangrijkere factor. Toch speelt ook het celibaat een rol, zeker wanneer het gepaard gaat met een groot gevoel van eenzaamheid, iets waar priesters meer onder gebukt gaan dan een halve eeuw geleden toen het sociale weefsel en het prestige van de kerk hun meer geborgenheid gaven.

Vaak wordt het verplichte pries­ter­ce­li­baat als de belangrijkste oorzaak van seksueel misbruik gezien. Dat is onjuist
Het moment is gekomen om het verplichte priestercelibaat te heroverwegen. Dat hoeft niet te leiden tot een rigoureuze schrapping ervan. Voor monniken blijft het bestaan. En als een oplossing voor de hele wereldkerk alles blokkeert, kan decentralisatie een oplossing zijn. Waarom zou een Nederlandse of Belgische bisschoppenconferentie niet zelf over het celibaat kunnen beslissen, rekening houdend met de lokale context?
Wat ik bij de discussies over misbruik mis, is een diepere analyse over de betekenis van het geloof. Het valt moeilijk te begrijpen dat iemand die doordrongen is van de woorden en daden van Jezus Christus tot seksueel misbruik kan overgaan, zeker wanneer het structureel is, herhaald wordt, jonge weerloze kinderen treft.
In zijn roman ‘Het hout’ (2014), die ik wegens de allesoverheersende woede zeker niet zijn beste vind, schetst Jeroen Brouwers portretten van volkomen nihilistische paters die de kostschooljongetjes als objecten beschouwen en terroriseren. Van enig geloof valt in de verste verte niets te bespeuren.
Vaak was de werkelijkheid ongetwijfeld complexer dan in ‘Het hout’. Maar toch. Naast klerikale macht en de worsteling met het verplichte celibaat, zie ik ook ongeloof als een oorzaak van seksueel misbruik. Daders waren vaak priesters die weinig voeling vertoonden met hun geloof. Misschien hadden ze zelfs nauwelijks religieuze belangstelling. In een maatschappij die hun waardering en sociale promotie bood, kozen ze voor het priesterschap. Hoe ondiep het katholieke geloof in de Lage Landen na de Tweede Wereldoorlog was, blijkt trouwens ook uit de snelheid waarmee het in een halve eeuw tijd bijna volledig verdampte.

Ongelovige kardinalen
Wanneer ik tijdens lezingen vraag hoeveel kardinalen gelovig zijn (‘een vaag percentage is al een fijn antwoord’) barst het publiek in lachen uit. Komaan, dat moet een grap zijn. Ik vind het een serieuze vraag. Ze vloeit voort uit dertig jaar ervaring als hoogleraar kerkelijk recht, uit gesprekken met een paar honderd priesterstudenten en afgestudeerden.
Soms zijn hoge Vaticaanse functionarissen ex-gelovigen die te oud zijn geworden om voor een ander beroep te kiezen. Dat hoeft niet eens een ramp te zijn als ze hun werk goed doen. Toch rijst de vraag hoe het komt dat het ongeloof zo vanzelfsprekend is geworden, tot in kerkelijke kringen toe. Wat ik ondertussen minder dan ooit wil aannemen, is dat een kerkcrisis volkomen los kan staan van een wankelend geloof. Nochtans meenden vele experts, theologen en kerkjuristen, tot rond de eeuwwisseling dat zulks wel het geval was. De kerk ging door zwaar weer, dachten ze. Maar de boodschap van Christus blijft overeind. Ze vergisten zich.

Soms zijn hoge Vaticaanse func­ti­o­na­ris­sen ex-gelovigen die te oud zijn geworden om voor een ander beroep te kiezen
Hoe is het geloof voor velen ongeloofwaardig geworden? Ook daar moeten de paus en zijn entourage zich over buigen, willen ze de wortels van het binnenkerkelijke verval, waarvan seksueel misbruik de wreedste uiting is, op het spoor komen. En dat is nodig, als de kerk ook op langere termijn overeind wenst te blijven. Kan dat? Dat geloof ik vast, al zal het zoals eerder in de geschiedenis, ook nu moeite kosten.
Er is een grondige reformatie nodig. Daar is de kerk nog niet toe in staat gebleken. Op dat vlak was de bisschoppensynode van 2018 de zoveelste tegenvaller.
Voor wie twijfelt of het ooit lukt, rest een prachtige passage uit ‘Een mens is maar een wandelaar’, het jongste boek van Gaston Durnez. De auteur belandt tijdens een wandeling die hij samen met dichter Hubert Van Herreweghen maakt, bij een zeer oude kapel op twaalf kilometer van Saint Rémy de Provence. Naast de kapel staat een kluizenaarswoning. Ze zijn allebei voor altijd dicht. Terwijl de twee wandelaars hun stokbrood breken en een glas wijn drinken, zegt Van Herreweghen: “Als dit westerse christelijk geloof voorbij zal zijn, wat zullen wij prediken? Het Evangelie.”

MENEER PASTOOR SCHRIJFT …….. vervolg:

By | beschouwingen

OVER GOD

Maandag 8 oktober j.l. waren we met zeven mensen in de pastorie bijeen ter informatie en verdieping in zake geloofszaken. We bekijken al een aantal jaren dvd’s over dergelijke onderwerpen, die betrekking hebben op de inhoud of onze manier van geloven. Na het bekijken van de film van ongeveer drie kwartier/een uur volgt dan de gedachtewisseling over wat ons opgevallen is of geraakt heeft. Het wordt door de deelnemers als leerzaam ervaren. We zijn in oktober begonnen met een serie films over hoe over God gedacht wordt in de verschillende grote godsdiensten en culturen. Vragen als ‘Wie is God’; ‘waar komen we vandaan?’; waarom is er kwaad in de wereld; wat gebeurt er als we sterven’ zijn vragen die iedereen wel eens bezig houden. Met zeven deelnemers is het een overzichtelijke groep maar ze kan ook nog best wat uitgebreid worden, vooral nu we leven in een tijd waarin God bij velen buiten beeld is geraakt of niet (meer) nodig lijkt te zijn. We zijn in onze tijd opnieuw aan het zoeken hoe wij de God van het Evangelie (Goede Tijding) het best kunnen benaderen. We denken na over wat hij te maken heeft met kwaad en leed. Daarbij laten we ook op ons inwerken hoe andere godsdiensten en culturen Hem zien. We kunnen ervan leren. Wellicht worden we gewaar dat geloven te maken heeft met vertrouwen en zich kunnen toevertrouwen aan de Levende. U bent van harte welkom bij onze volgende bijeenkomst op 14 januari 2019 om 19.45 in de pastorie.

WEINIG BEMOEDIGEND….?

De cijfers over de religieuze gezindheid van de Nederlandse bevolking waarmee het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) in oktober van dit jaar mee voor dag kwam zijn voor hen, die de christenen, die nog meedoen in het leven van de kerken weinig bemoedigend. Voor het eerst is het percentage van degenen, die zich religieus noemen gezakt beneden de 50 %. Bij de katholieken kalft het meedoen aan de kerkelijke vieringen het snelst af. Statistieken geven een trend aan, maar er moet ook niet méér waarde aan worden toegekend dan ze verdienen. Wat wordt onder ‘religieus’ verstaan in de statistieken? Worden de bekende godsdiensten niet teveel als ijkpunt genomen? Veel mensen lijken op zoek naar zingeving. De CBS-statistiek is gemaakt in ónze situatie van materiële welvaart van velen. Op het gebied van invulling van onze vrije tijd hebben we (daardoor) veel mogelijkheden om dat op een gemakkelijke manier te doen. Denk aan alle vormen van vertier. Als ons leven daarmee gevuld wordt is er weinig ruimte om stil te staan bij het mysterieuze gegeven, dat we er zijn. Is er weinig ruimte voor de verwondering om ons bestaan, om het feit dat we er zijn zoals we zijn, om ons ‘gekregen’ leven. God raakt als ‘Aanwezige’ buiten beeld als niet meer nodig, niet bestaand. Vragen worden gesteld als: wat levert deelname aan een kerk, die zich om God en mens druk maakt, aan extra’s op? Het antwoord ‘niets’ lijkt voor de hand te liggen. Het betekent dat de uitnodiging tot geloof van het Evangelie klinkt voor degenen die ze horen wíl. Een voordeel van de huidige moeilijke situatie voor kerken is de op gang gekomen bezinning op de kernwaarden christenzijn: biddend geloof en vertrouwen, zich kunnen toevertrouwen aan de Levende, besef van saamhorigheid in onderlinge liefde; het besef van de betekenis van deugden als geduld, eenvoud, mededogen, barmhartigheid en vergevingsgezindheid en trouw, die daar het gevolg van is. Om met Cruyff te spreken: ‘ieder nadeel heb zijn voordeel’. Zo levend en bij elkaar komend om elkaar steun te zijn in geloof, hoop en liefde zullen christenen, ook geringer in aantal, van betekenis blijven in een zoekende, menigmaal geestelijk eenzame en arme wereld zonder God. Christenen laten zich niet gemakkelijk ontmoedigen. A. Reijnen, pastoor