Zondag 26-1-2020: Leven met Barsten en Krassen.

By | Preken

‘Alles goed?’ Hoe vaak horen we die vraag niet als we vrienden of kennissen ontmoeten. Ik zeg dan meestal: ‘Nou, alles is wat veel. Ik ben tevreden!’ Iedereen weet dat niet alles 100%  kan zijn. Er zijn altijd dingen die te wensen overlaten, maar we willen niet zeuren en vaak niet praten over wat er niet goed gaat. Als dat nodig is, doe je dat wel met familie of goede vrienden. We lopen niet graag te koop met pijnpunten en zaken die ons zorgen baren, met de barsten en krassen in ons bestaan.
Het Evangelie van deze dag begint met de vaststelling: ‘Toen Jezus hoorde dat Johannes de Doper gevangen was genomen, week hij uit naar Galilea. Hij verliet Nazareth en ging wonen in Kafarnaüm, aan de oever van het meer van Genesaret.’ Jezus en Johannes waren niet alleen familieleden, maar ook geestverwanten. Het is dus niet verwonderlijk dat Jezus schrikt als Hij dat hoort en dat Hem de grond onder de voeten te heet wordt. Immers wie het belang van de sabbat relativeert zoals Hij doet, is in de ogen van de religieuze leiders in Jerusalem een ketter die uit de weg geruimd moet worden. Verder lezen we: ‘Vanaf dat moment begon Jezus te preken en te zeggen: ‘Mensen, dit is het moment om je leven te veranderen, want Gods nieuwe wereld is dichtbij’. Mogelijk heeft Jezus gedacht: Nu Herodes Johannes de mond heeft gesnoerd, is het mijn beurt. Want zijn boodschap moet blijven klinken. Jezus heeft dat gedaan op zijn eigen manier: niet met dreigementen, maar met uitdagende verhalen en parabels die je aan het denken zetten. Hij oordeelt niet, geneest zieken en vergeeft mensen die vastzitten in hun schuld. Hij sluit niemand uit en wie kwetsbaar is en niet in tel, krijgt speciale aandacht.
De manier waarop zijn eerste leerlingen reageren op zijn uitnodiging: ‘Kom en volg Mij!’, komt ons heel vreemd voor. Je laat je familie en je werk toch niet zomaar in de steek zonder afscheid te nemen en je zaken goed te regelen! Blijkbaar is Matteus er niet op uit om ons te vertellen hoe dat afscheid precies is verlopen, maar wil hij duidelijk maken dat die 4 eerste leerlingen van Jezus zo onder de indruk zijn van Hem,  dat ze het roer van hun leven radicaal omgooien. Ieder van  ons begrijpt:  als je het helemaal naar je zin hebt in je huidige bestaan, dan komt het niet in je op om het roer helemaal om te gooien en iets volkslagen nieuws te beginnen. Dus mogelijk hebben deze vissers zich wel eens vaker afgevraagd: ‘Heeft het leven ons niet meer te bieden dan dag in dag uit gaan vissen en netten herstellen?’ Als ze Jezus horen in de synagoge van Kafarnaüm en Hem bezig zien met de mensen die naar Hem toekomen, dan raken ze zeer onder de indruk. Hij geeft uitzicht op een veel boeiender bestaan. Als die jonge vissers volkomen happy waren geweest en geen vragen en twijfels hadden bij hun huidige leven, als er geen barstjes waren geweest in de manier waarop ze nu leefden, dan zouden ze die Jezus waarschijnlijk niet gevolgd zijn. Het is ook geen puur idealisme dat hen drijft. Nieuwsgierigheid en zucht naar sensatie zullen zeker een rol hebben gespeeld, zoals eertijds bij onze missionarissen. Het niet aflatende vermoeden dat het leven meer te bieden heeft dan vissen en de boeiende jonge man die Jezus is, prikkelen hen om met Hem mee te gaan. Hij geneest zieken en haalt mensen die verstoten zijn terug in de gemeenschap. Hij zet niemand onder druk, maar nodigt enkel uit. Hij laat zien dat alle mensen door God bemind worden en dat Hij blijft zoeken naar wie verloren loopt. Kortom: Jezus woorden en daden zijn een vangnet voor wie dreigt te verdrinken in zijn problemen.
Als Jezus zegt dat het Rijk van God binnen handbereik is, wat bedoelt Hij dan? In elk geval niet iets dat los staat van ons dagelijks leven, maar een leefsfeer die ons gelukkig  maakt, omdat we voelen dat wij geborgen zijn ondanks de pijnpunten, barsten en gebreken in ons leven. Voortdurend zullen we prikkels krijgen die ons stimuleren om niet bij de pakken  neer te zitten, de moed niet op te geven, in de goede richting te gaan en ook anderen daarbij te helpen. Het kan bv. gebeuren dat je ontslagen wordt op je werk. Dat betekent een barst in je huidige leven. Als je echter de moed hebt iets anders te zoeken en op te pakken, kan het gebeuren dat je levensvreugde vindt in je nieuwe job. Een zieke vertelt dat hij achteraf blij is dat zijn operatie enkele weken is uitgesteld. Want in die dagen van wachten, zijn hem heel wat zaken duidelijk geworden over zijn manier van leven. Hij beschouwt het als een rijke tijd, mede door zijn contacten met medepatiënten. Iemand merkt dat zijn partner ernstig dementeert en moet daardoor zijn toekomstplannen grondig herzien. Kinderen moeten  soms de koers van hun comfortabele leven wijzigen, omdat ze merken dat hun bejaarde vader of moeder hulp nodig heeft. Als we geconfronteerd worden met barsten, breuken of haarscheurtjes in ons veilige bestaan, dan is dat in eerste instantie een tegenvaller, vaak een diepe teleurstelling, maar er liggen ook kansen in voor iets dat we normaal niet zouden kiezen, maar dat ons wel gelukkig en rijker kan maken, als we de uitdaging aannemen. Als wij Jezus durven volgen, hoeft dat niet te resulteren in een spetterend en boeiend leven. Wel mogen we vertrouwen dat Hij ons de weg wijst en de kracht geeft om met onze barsten en teleurstellingen om te gaan op een manier die ons meer mens maakt. Er komen heel wat uitnodigingen en uitdagingen op ons af. We hebben de neiging angstvallig te vermijden wat moeite kost of pijnlijk is. We leven vaak  van het ene hoogtepunt naar het andere, van het ene feest naar het andere. Ik denk echter dat die eerste leerlingen van Jezus gelukkig zijn geworden omdat ze het hebben aangedurfd met Jezus mee te gaan en zich met hun talenten en beperkingen in dienst te stellen van anderen als vissers van mensen. Dat is hun geheim. Wij worden uitgenodigd te bidden, dat breuken , barsten en scheurtjes in ons leven ons niet ontmoedigen en bij de pakken doen neerzitten, maar ons laten zien waar de kansen liggen om te groeien en meer mens te worden, een beter en gelukkiger christen. AMEN.

Meneer Pastoor brengt het volgende onder uw aandacht…….

By | beschouwingen

OP WEG DOOR DE VEERTIGDAGENTIJD 1.

Na een hopelijk bruisend carnaval kokt een tijd van bezinning, de Veertigdagentijd, voorbereiding  op het Paasfeest. De Pastoraatsgroep. ‘denktank’ van de parochies Wahlwiller, Nijswiller en Eys (cluster ‘Morgenster’) heeft het plan opgevat om bij die bezinning behulpzaam te zijn. Parochianen uit de verschillende parochies is gevraagd een korte Bijbeltekst, gebruikt in de betreffende week in de  Veertigdagentijd, uit te kiezen. Zij voorzien deze van enkele hulpvragen ter ondersteuning van de bezinning.  Iedere week op dinsdag en vrijdag zijn de teksten te vinden op de sites van onze parochies. Iedereen die wil kan er gebruik van maken.

De adressen van de verschillend sites zijn als volgt:
www.kerk-wahlwiller.nl
www.parochie-eys.nl
http://members.ziggo.nl/st.dionysius-nijswiller/

De Pastoraatsgroep

Wie maken deel uit van de Pastoraatsgroep? Van Nijswiller Michel Pricken (en in verband met het maken van een beleidsplan Hugo Savelberg); van Wahlwiller Wim Hendriks; van Eys Arthur Prakken, José Nass-Vaessen, José Niessen-Berger en Theo Dahlmans (secretaris). Pastoor A. Reijnen is voorzitter. De leden zijn benoemd door de verschillende kerkbesturen.

 

OP WEG DOOR DE VEERTIGDAGENTIJD 2.

Wat kunnen we doen om ons voor te bereiden op Pasen?
Traditionele vormen waren bidden, deelname aan de kerkelijke vieringen op zondagen en in de zogenoemde Goede Week. Ook het zich onthouden van vlees op de vrijdag was gebruikelijk. Tegenwoordig worden vasten en onthouding eerder beoefend met het oog op de bevordering van de eigen gezondheid. In hoeverre beide ook nu nog gepraktiseerd worden om zich te ‘onthechten aan het eigen ik’  weet ik niet. Bij ‘onthechting’ nam men afstand van zichzelf, van allerlei vorm van gehechtheid bv. van slechte gewoonten, van het steeds op de voorgrond willen staan of in het middelpunt van de belangstelling.  ‘Onthechting’ maakte, zo was de opvatting,  een mens geestelijk sterker, beter bestand tegen tegenvallers, geduldiger. Bovendien schiep men in zichzelf ruimte voor stilte, voor gebed, voor bezinning, voor aandacht voor de medemens en God. ‘Onthechting’ lijkt momenteel echter een moeilijk woord. Sinds de jaren zestig immers hebben we geleerd voor onszelf op te komen,  gevoelig te zijn voor onze rechten en ervoor te zorgen dat we tot ons recht komen, voor onze meningen uit te komen. Het heeft het zelfrespect van menigeen aanzienlijk bevorderd.  Het lijkt echter raadzaam te beseffen, dat we met velen zijn met wie we samen moeten leven. Afstand doen van (iets van) zichzelf was/is ook de gedachte achter het geven van geld voor goede doelen tijdens de Veertigdagentijd. Onze Vastenactie is eruit voortgekomen. Zij richt onze aandacht tijdens de Veertigdagentijd op mensen buiten ons, die wonen in gebieden van armoede. We geven van wat wij bezitten om hen te helpen. Het is nog altijd een goede mogelijkheid van voorbereiding op Pasen. Maar er zijn wellicht ook nog andere, voortkomend uit de creativiteit van de mens van nu.

A. Reijnen, pastoor

Nieuwe pagina’s toegevoegd.

By | Nieuws

Onlangs heb ik twee nieuwe pagina’s/subpagina’s toegevoegd aan onze website nml.:
* 250 jaar kerkwijding en ..
* evenementen.
Deze pagina’s zijn te vinden:
250 jaar kerkwijding als zelfstandige in de rechterbovenhoek als: 250 jaar kerkwijding.
Evenementen als subpagina onder de hoofdpagina Communicatie.

Het is interessant om deze beide pagina’s regelmatig te bezoeken. 

Zondag 19-1-2020: 2e zondag door het jaar.

By | Preken

Lezingen: Jesaja 49, 3.5-6; 1 Korintiërs 1, 1-3; Johannes 1, 29-34.

Profeten, binnen en buiten de godsdiensten treden op als er iets bijzonders aan de hand is. Dat was in het verleden zo, dat is nog zo.  Hedendaagse profeten zijn momenteel te vinden aan de milieukant. Ze waarschuwen tegen de ongebreidelde expansiedrang van de mens, de uitbuiting van de aarde en de negatieve gevolgen daarvan voor het leefklimaat van mens, dier en plant. Ze wekken onrust, brengen mensen in bewegingen en hebben invloed op de hedendaagse politiek. Er zal wat moeten gebeuren, er zullen maatregelen genomen moeten worden. Maar de belangen zijn verschillend. Ze zijn economisch van aard: het aantal werkenden met betaald baan in Nederland is gestegen tot boven de 9 miljoen. Dat wil men graag zo houden  Er zijn maatschappelijk belangen zoals de positie van en waardering voor diverse steunpilaren va onze welvaart  (bv. boeren en bouwers) en verder de betekenis van onze mobiliteit.

Maar er zijn ook vragen zoals naar de bereidheid van de samenleving in haar geheel om, zowel gezamenlijk als iedereen voor zich, verantwoordelijkheid op te nemen voor een verbetering van ons leefklimaat. Dat vraagt wellicht om een mentaliteitsverandering, een ommekeer van denken en doen om de situatie te verbeteren.  Profeten die ‘so wie so’ pleiten voor een juiste mentaliteit, voor een positieve zorg voor elkaar en voor onze wereld vindt men binnen onze Joods-Christelijke godsdienst. Ze pleiten voor een mentaliteitsverandering vanuit een oriëntatie op God, die oorsprong is van de schepping, ook dus van de mens aan wiens beheer de aarde is toevertrouwd. Want als het helemaal van de mens zelf afhangt  blijken telkens weer de belangen te verschillend en vaak tegenstrijdig. Profeten, zoals Jesaja, denken daarbij ook  verder dan de enge grenzen van eigen  land en volk.  God wil immers het heil van alle mensen en van heel zijn schepping. Het betekent dat het geloof in God een uitdaging is om goed voor elkaar en voor de overige schepping te zorgen. Waar het geloof in mensen werkzaam is, is dat vaak een basis van zorg in verantwoordelijkheid.

De profeet Jesaja vraagt om een mentaliteitsverandering  van zijn volk, dat naar zij eigen land is teruggekeerd uit de deportatie. Het mag stad en land opnieuw opbouwen, maar zou ook gebaat zijn met een terugkeer naar het oorspronkelijk geloof in God en de daaruit voortvloeiende zorg voor elkaar . Zelf wil hij de dienaar zijn die daaraan meewerkt. Hij voelt zich al van jongs af aan daartoe geroepen; ‘vanaf de moederschoot’ zoals hij zegt; en, zoals al gezegd, hij moet functioneren ‘als een licht voor álle heidenen (d.w.z. niet-Joden), zodat Gods heil tot de grenzen der aarde zal gaan.

Johannes de Doper kondigt Jezus aan, voornamer dan hijzelf, tot voor kort onbekend ook voor hem, maar zoals een lam georiënteerd op zijn moeder, van binnenuit georiënteerd op God, een ‘Lam Gods, dat de zonden van de wereld wegneemt’. Johannes heeft daarbij ervaren dat Gods Geest op Hem rust. Wij zijn gedoopt in zijn Geest en kinderen van God, broers en zussen van Jezus, Zoon van God.  Als het goed is geeft dat – door onze eigen  doop-  aan ons bestaan als christen een eigen cachet Wij worden immers opgeroepen tot een mentaliteit  die gekenmerkt wordt door de zorg voor het geheel en voor allen, precies omdat God, in wie wij geloven, er is voor alle mensen. Daarom lijkt het van belang dat we beseffen hoezeer ons eigen gedrag van kopen tot rijden tot onze manier van vakantiehouden kan bijdragen aan een goed leefklimaat voor allen. Profeten roepen ons op juiste wegen te gaan in mentaliteit en gedrag. Gods Geest die leeft in wie zich ervoor openstellen zal dat ondersteunen. Amen. AR

zondag 12 januari: Doop van de Heer.

By | Preken

Bij bezoek aan collega’s hoor ik regelmatig de opmerking dat het aantal Doopsels en kerkelijke Huwelijkssluitingen dramatisch is gedaald, terwijl het gaat om Sacramenten van de Kerk. Opvallend is dat er ook bij overlijden door heel wat families niet meer gevraagd wordt om een kerkelijke Uitvaart, maar dat men kiest voor een afscheidsdienst in een crematorium of op een andere locatie. Zo zijn er ouders die de Doop van hun kind uitstellen tot zijn eerste H. Communie.  Anderen zeggen: “Mijn kind moet later zelf maar kiezen of het gedoopt wil worden, al dan niet’. Wij beseffen, dat je vraagtekens kunt zetten bij het dopen van ( kleine) kinderen. Zinvoller is, als een mens zelf bewust kiest om christen (katholiek) te worden en zich als teken daarvan laat dopen. Tevens is het zo, dat als je je kind zelf laat kiezen voor het Sacrament van het Doopsel, je als ouder toch voor de vraag wordt gesteld: in welke richting voed ik mijn kind op? Kies ik voor een godsdienstige opvoeding of hecht ik daar geen waarde aan? Duidelijk is dat je geen gelovig mens wordt enkel door het lezen van een boekje. Thuis moet je leren wat het betekent als een christen te leven. Je leert het van je ouders in het leven van alledag. Wie  van ons zou voor het christelijke (katholieke) geloof gekozen hebben, als onze ouders ons niet in deze geest hadden opgevoed? Hoe moet je kiezen, als je niet hebt ervaren wat christen-zijn betekent en wat het van je vraagt?  Het is dus een goede zaak, als mensen bewust kiezen om christen te worden en als zodanig te leven, maar daarmee vervalt niet de taak van ouders om hun kinderen een bepaalde richting en oriëntatie mee te geven. Ondanks de beperkingen verbonden aan het dopen van kleine kinderen, geldt ook de kinderdoop als een Sacrament. D.w.z. een teken waarin genade wordt aangeduid en gegeven. In wezen zegt God tegen ouders van een dopeling: ‘ Ik ben blij dat je je kind  op het spoor zet van mijn geliefde Zoon, Jezus Christus, en je mag erop vertrouwen dat Ik jullie daarbij ondersteun’. Ook bij de Kinderdoop is er geen sprake van ‘ U vraagt, wij draaien!’ Normaal gaan er aan dit Sacrament één of meerdere gesprekken met de ouders vooraf over de betekenis van de Doop, de reden waarom ze hun kind  laten dopen en de manier waarop ze zelf gestalte geven aan hun geloof. Natuurlijk komen ook de teksten van de Doopviering ter sprake. Ik krijg wel eens de indruk dat sommige ouders hun kind laten dopen als een soort geestelijke levensverzekering.  Zo van ‘ Je weet maar nooit wat er allemaal kan gebeuren’. Is het niet zo dat wij allen Gods kinderen zijn en onder zijn bescherming staan, gedoopt en ongedoopt? In het Sacrament van de Doop danken wij God voor ons leven, dat Hij ons bestaan heeft gewild en dat Hij van ons houdt, uniek als we zijn. Wij vieren dat Hij zijn plannen heeft met ieder van ons. Wij erkennen God als onze Schepper en Vader. Hij heeft ons zijn Zoon Jezus heeft gegeven als onze Gids en Verlosser. Wij gaan Hem zozeer ter harte dat Jezus het lijden heeft aanvaard om ons de weg te wijzen uit het kwaad waarin we soms gevangen zitten. Jezus heeft beloofd dat Hij de H. Geest zal sturen aan ieder die erom bidt. De Geest die ons helpt te onderscheiden wat goed en verkeerd is en ons kracht geeft Jezus’ weg te gaan. Omdat Jezus heeft beseft dat het gaan van zijn weg een levenslange opgave is, heeft Hij leerlingen om zich heen verzameld en een gemeenschap gesticht. Wie zich laat dopen wordt lid van die geloofsgemeenschap die wij kerk noemen, mensen die elkaar tot steun willen zijn in het volgen van Jezus en elkaar zo nodig corrigeren. Onze ouders hebben ons regelmatig meegenomen naar de kerk, zodat we hebben kunnen proeven wat het vieren van de sacramenten en geloofsgemeenschap voor een mens kunnen betekenen.
Nu vertelt Mattheus dat Jezus zich vóór Hij zijn werkzame leven begint, heeft laten dopen door Johannes in de Jordaan als een teken dat Hij zich herkent in de boodschap van Johannes: nl. zijn oproep tot een manier van leven die erop is gericht God te erkennen en te eren en je naaste recht te doen. Bezield door de H. Geest beseft Jezus waar het in ons leven omgaat: nl. in het spoor van de profeten proberen Gods bedoelingen te verstaan en opkomen voor recht en gerechtigheid. D.w.z. het opnemen voor armen en zwakken of zoals de Schrift het uitdrukt: ‘Het geknakte riet niet breken en het kleine vlammetje niet doven’. Hoezeer kunnen mensen door het leven geknakt zijn! Ook ons geloof lijkt vaak op een vlammetje dat zomaar kan uitwaaien als het tegenzit. Gerechtigheid laten stralen betekent transparant en eerlijk zijn in onze bedoelingen. Hoe vaak zijn wij niet blind en kortzichtig? We zijn dan blij als iemand ons de ogen opent. Hoeveel mensen zitten niet gevangen in angst, verdriet of een verslaving of in opvattingen die niet wortelen in de realiteit? Voelt het niet als een bevrijding als iemand ons helpt daarvan los te komen?  Volgens de Evangelisten is die Doop in de Jordaan voor Jezus een zeer indringende  gebeurtenis geweest, een diepe religieuze, een mystieke ervaring, die zich afspeelt in zijn binnenste. Als Hij uit het water komt, ziet Hij a.h.w. de Geest op zich neerdalen en komt Hij tot het besef: Ik ben  een mens naar Gods hart. Ik ben zijn geliefde Kind. Duidelijker dan voorheen ziet Hij wat zijn taak, zijn levensopdracht is.
Dit feest van Jezus’ Doop herinnert ons eraan dat ook wij eens zijn gedoopt. Net als Jezus blijven wij op zoek naar wat God van ons vraagt in het leven van alledag. Soms is dat helder, maar ook kunnen we – vooral bij tegenslag – de idee krijgen: God heeft me in de steek gelaten. Als we ons echter open stellen en blijven luisteren naar de signalen die we ontvangen, dan zullen er beslist momenten zijn dat wij – net als Jezus  –  ervaren dat God zegt: ‘Wees niet bang. Jij bent mijn geliefde kind. Ik ben blij met jou!’
Misschien zijn er in deze overweging dingen gezegd die uitnodigen om in familieverband of anderszins met elkaar over door te praten en van gedachten te wisselen.
AMEN

Mevr. Christine Grooten-Nijskens en Dhr. Wiel Grooten

By | Overlijdensberichten

Op zaterdag 4 januari  is onze parochiaan:
Mw. Christine Grooten – Nijskens in de leeftijd van 69 jaar overleden.
De plechtige uitvaartdienst zal worden gehouden op
vrijdag  10 januari om 11.00 uur in de parochiekerk van de H. Agatha te Eys.

Donderdag 9 januari is om 19.00 uur de avondwake voor de overledene
in de parochiekerk van de H. Agatha te Eys.

**********************************************************************

Op maandag 6 januari is onze oud-parochiaan:
Dhr. Wiel Grooten (woonachtig in Welten) in de leeftijd van 72 jaar plotseling overleden.
Zijn plechtige uitvaartdienst zal in onze parochiekerk H. Agatha worden gehouden op zaterdag 11 januari om 11.00 uur, waarna de crematie in stilte zal plaatsvinden.

**********************************************************************

 

Zondag 5 januari: Openbaring des Heren (Driekoningen).

By | Preken

Lezingen: Jesaja 60, 1-6; Efeziërs 3, 2-3a.5-6; Matheus 2, 1-12.

De orthodoxe christenen, ook de Grieks katholieke, me Rome verenigd, vieren vandaag hun Kerstfeest, terwijl wij de Openbaring van de Heer vieren, bij ons ook vaak Driekoningen genoemd. Het verhaal van de drie wijzen uit het oosten, ook magiërs of sterrenkundigen genoemd is het kerstverhaal van de evangelist Matteüs. Het verhaal van de geboorte van Jezus in Bethlehem vinden we in het Evangelie van Lucas.
Magiërs waren in het midden oosten een soort wetenschappers, die hun kennis, hun wijsheid ten dienste van het leven, haalden uit bv. natuurverschijnselen, bv. de sterrenhemel. Maar zij kenden ook verhalen, die bij hen de ronde deden, daarbij  ook de verhalen, meegebracht door de Joden in de tijd van hun ballingschap. Daarin was bij de profeet Jesaja sprake van een opvolger van koning David, een Messias, een man van God, wiens koningschap geen einde zou kennen. De magiërs verbonden die verhalen met een opvallende  ster die bijzonder hun aandacht trok. Zij volgden die, eerst naar Jeruzalem. Daar gingen ze informatie inwinnen bij koning Herodes, daarna trokken ze verder tot de ster uiteindelijk stil bleef staan boven het verblijf waar Jezus, Maria en Jozef zich bevonden.  Zij knielden in aanbidding neer voor het kind en boden het geschenken aan die bij Hem pasten: koninklijk goud, wierook vanwege zijn goddelijke oorsprong en mirre vanwege zijn toekomstig lijden.

Evangelist Matheus heeft zijn bedoeling met het vertellen van het verhaal van de drie wijze magiërs. Hij zelf, een jood maar ook leerling van Jezus, is gevoelig voor de tegenstand die Jezus van zijn volksgenoten, vooral van vooraanstaande figuren en groeperingen, tijdens zijn leven.  ondervindt. Hij vraagt zich af: wie horen er eigenlijk thuis in het Rijk van God, zoals Jezus dat benoemt? In zijn Evangelie zijn het  degenen, die ontvankelijk en open van geest op zoek zijn in het leven met zijn vragen en opgaven. Degenen die open staan voor de Goede Tijding (Evangelie) van Jezus over de liefde tot God en medemens; degenen die bereid zijn daarin mee te gaan, in Hem te geloven. Matheus ziet dat dit soort mensen regelmatig te vinden is niet ín maar búiten de eigen kring; buiten degenen die zich beschouwen als ‘uitverkoren volk van God’ en denken dat ze beter zijn dan de rest. Degenen die de bekommernis, het mededogen en de zorg en liefde voor elkaar in praktijk brengen dat  zijn  degenen, die thuis horen in het Koninkrijk van God, zoals Jezus dat bedoelt.  De leden van het Joodse uitverkoren volk van God schieten te kort als ze hun  opdracht verwaarlozen om door hun levenspraktijk getuigenis af te leggen van hun geloof. Maar da geldt ook nu nog. Mensen van nu, op zoek naar zin, richting en vooral hoop, zouden die moeten kunnen ontdekken bij ons die proberen te leven vanuit ons geloof, onze hoop en onze liefde.

Iedere gemeenschap van gelovigen is daartoe geroepen. Dat kunnen we opmaken uit de 1e lezing van vandaag uit het profetische boek Jesaja. In de stad van God,  Jeruzalem  zouden alle  volken moeten kunnen komen omdat ze daar God vinden als een licht in de duisternis  s en elkaar als (zoekende) broeders en zusters. Hoe fijn zou het zijn als de zoekende mens van vandaag overal waar christenen wonen geloof, hoop en liefde vindt, licht in de wereld. Zoals herders en wijzen zouden ze bij ons vreugde en hoop  vinden. Iets om n te streven in dit nieuwe jaar.  Amen    AR.