Preken

21 mei 2017: zesde zondag van Pasen

By 21 mei 2017 No Comments

JEZUS BIDT OM DE GOEDE GEEST VOOR ZIJN VRIENDEN.

Wie niet bekend is met de traditie van sacramentsprocessies zal zich afvragen: ‘Wat zijn die mensen eigenlijk aan het doen?’ Ieder van ons heeft zijn redenen om mee te lopen. Je wilt niet ontbreken bij de vereniging of groep waar je lid van bent. Het is fijn te wandelen door de velden en het jonge groen. Je geniet van muziek en zang en de kleuren van zo’n bonte stoet. Maar vooral willen wij uiting geven aan ons geloof dat Jezus onder het teken van het H. Brood met ons meetrekt op onze levensweg.
Omdat Jezus een sterk vermoeden heeft, dat Hij vermoord zal worden, tracht Hij zijn leerlingen op dit afscheid voor te bereiden. Hij praat indringend met hen en geeft hen een laatste raad mee. Wat Hij vooral doet is bidden om de juiste geest. Immers geen enkele situatie die wij in het leven tegenkomen is dezelfde. Bijv. Als ouders leer je kinderen hoe ze een gevaarlijke weg moeten oversteken: goed naar rechts kijken, dan naar links en dan weer naar rechts en dan pas oversteken. Als er iets onverwachts gebeurt, dan moet je wat je geleerd hebt zelf beoordelen. Als je in liefde en geborgenheid bent opgevoed, weet je heus wel zelfstandig en verantwoord te handelen. Daarom bidt Jezus om de goede Geest voor zijn vrienden. Die Geest van God is pas de echte waarborg dat Jezus’ werk op een goede manier doorgaat. Het is heel menselijk wat hier gebeurt: ook ouders moeten hun kinderen een keer loslaten als ze verder groeien. En dan maar hopen dat ze op eigen benen kunnen staan. De liefde die ze ontvangen hebben zal hen zelf weer de goede weg doen gaan. Tenminste: dat hoop je. Daar bid je voor. Je bewijst je kinderen een weldaad, als je hen zelf ook leert bidden, zodat ze weten dat we als leerlingen van Jezus nooit alleen staan. Met alles wat wij meemaken aan lief en leed mogen we ons aan God toevertrouwen. Hij kent onze goede wil én onze zwakheid. Hij weet wat wij nodig hebben. Het doet ons deugd, als wij met de mensen met wie we regelmatig omgaan een goede band hebben, als er wederzijds vertrouwen is. En dat geldt eens te meer, als het je eigen kinderen, je familie of collega’s betreft. Zou dat ook niet gelden voor onze band met God? Kennis hebben van je geloof is prima, maar het hebben van een vertrouwensband met God geeft houvast en steun. Die band komt ons niet aanwaaien. Daar moeten we aan werken, ons voor open stellen en tijd voor vrij maken.
Jezus belooft zijn leerlingen een andere Helper te geven om voor altijd bij hen te blijven: de Geest van de waarheid. Wat moeten we ons daarbij voorstellen? Als je met die vraag door het Evangelie van Johannes bladert, kom je tot een antwoord als: de waarheid is dat God van ons houdt. Jezus zegt: ‘Hij blijft bij u en zal in u zijn.’ Het Griekse woord dat de Bijbel gebruikt voor de H. Geest betekent zoiets als bemiddelaar, iemand die je bijstaat als je in een lastig parket zit. De H. Geest is niet zomaar een ‘hulpje’, maar veeleer een stimulator die je alert maakt, zodat je tot het inzicht komt in wat je te doen staat. Die je attent houdt zodat je hoort wat er gehoord moet worden; die je aanmaant op tijd je mond open te doen en te zeggen wat er gezegd moet worden en te doen wat er gedaan moet worden. Zo brengt de H. Geest, die Parakleet, door jouw zeggen en doen, de waarheid aan het licht. De waarheid dat Jezus de weg is die naar God leidt. Die weg moeten de leerlingen volgen zonder bang te zijn dat ze worden misleid. Waar het echt om gaat is de prioriteit van de liefde, zoals Jezus die heeft voorgeleefd. Liefde die respect toont voor wetten en regels, maar ze niet verabsoluteert. Het gebod van de liefde begint in ons dagelijks leven waar je de eigenheid van je partner eerbiedigt in plaats van hem of haar naar je hand te zetten. Ze vraagt open te staan voor de specifieke talenten van je kinderen, ook als ze een andere richting uitgaan dan jij voor hen gedroomd hebt. Ze betekent je ouders nemen zoals ze zijn, ook met hun soms overdreven zorgzaamheid en hun beperktheden. Liefde zeurt niet over buren, collega’s en kennissen, roddelt niet en laat zich niet leiden door vooroordelen. Daarover gaat het als Jezus aan zijn apostelen en aan ons de ‘Geest van de waarheid’ belooft. Waar de wereld eenzijdig geregeerd wordt door de wetten van geld en profijt, wordt die ‘Geest van de waarheid’ niet ontvangen, omdat die andere omgangsnormen hanteert dan de liefdesnorm waar Jezus voor staat. Het gaat Hem niet alleen om het tussenmenselijke verkeer, maar ook om een goede samenleving. Die komt er niet vanzelf. We zien veel verdeeldheid en vechten voor eigenbelang. Ook hier moeten we bidden om de goede Geest, die ons doet onderscheiden wat afbreekt en wat opbouwt. Meer kunnen we niet doen. Als we eenmaal geoefend zijn in het bidden en ontvangen van de goede Geest van God, dan weten we op het moment dat het erop aan komt, goed te handelen. Geve ons die genade, die weldaad de menslievende God. AMEN